2,725,544 views • 17:09

De volgende 18 minuten neem ik jullie mee op reis. We zijn met ons allen al vele jaren onderweg op die reis. Ze begon ongeveer 50 jaar geleden, toen mensen voor het eerst onze planeet verlieten. In die 50 jaar hebben we niet alleen letterlijk, fysiek voet gezet op de maan, maar we hebben ook gerobotiseerde ruimtetuigen naar alle planeten gestuurd — alle acht — en we zijn geland op asteroïden, we hebben kometen benaderd, en op dit moment hebben we een ruimteschip dat op weg is naar Pluto, het hemellichaam dat we vroeger een planeet noemden. Al deze gerobotiseerde missies zijn deel van een grotere menselijke reis: een queeste om iets te begrijpen, om een begrip van onze plaats in de kosmos te krijgen, om iets te begrijpen over onze oorsprong, en hoe de Aarde, onze planeet, en wij, die er op leven, zijn ontstaan.

Van alle plaatsen in het zonnestelsel waar we naartoe kunnen om te zoeken naar antwoorden voor dit soort vragen, is er Saturnus. We zijn al naar Saturnus geweest — we hebben Saturnus in de vroege jaren '80 bezocht — maar ons onderzoek rond Saturnus is veel dieper en gedetailleerder geworden sinds de Cassini-ruimtesonde die 7 jaar door de interplanetaire ruimte heeft gereisd, die in de zomer van 2004 in een baan rond Saturnus gleed, en op dat moment de verste gerobotiseerde buitenpost werd die die mensheid ooit heeft gevestigd rond de zon.

Nu, het systeem van Saturnus is een rijk planetair systeem. Het biedt mysterie, wetenschappelijk inzicht en uiteraard ongeziene pracht. Het onderzoek van dit stelsel heeft een enorme kosmische reikwijdte. In feite kunnen we alleen al door de ringen te bestuderen, heel wat leren over de schijven van sterren en gas die we spiraalvormige sterrenstelsels noemen. Hier is een foto van de Andromedanevel, het spiraalvormige sterrenstelsel dat het dichtste tegen de Melkweg staat. Hier is een mooi composiet van de Draaikolknevel, gefotografeerd door de Hubble-ruimtetelescoop.

De reis terug naar Saturnus is deel van — en is ook een metafoor voor — een veel grootsere menselijke reis om de interconnectie tussen alles rond ons te begrijpen, en hoe mensen in dat plaatje passen. Ik vind het erg dat ik jullie niet alles kan vertellen dat we met Cassini hebben geleerd. Ik kan jullie niet alle mooie foto's laten zien die we genomen hebben in de laatste tweeënhalf jaar, want ik heb er gewoon de tijd niet voor. Dus ga ik me concentreren op twee van de meest opwindende verhalen die voortgekomen zijn uit deze grote verkenningsexpeditie die we uitvoeren rond Saturnus, nu al tweeënhalf jaar.

Saturnus wordt begeleid door een heel grote en diverse collectie manen. Hun grootte gaat van enkele kilometers diameter tot een diameter zo groot als de VS. De meeste van de mooie foto's die we van Saturnus genomen hebben, tonen Saturnus samen met enkele van zijn manen. Hier is Saturnus met Dione, en dan hier Saturnus zijn ringen in zijaanzicht, waardoor je goed kan zien hoe dun ze zijn, naast de maan Enceladus. Nu, twee van de 47 manen van Saturnus zijn bijzonder.

Dat zijn Titan en Enceladus. Titan is de grootste maan van Saturnus, en tot Cassini daar aankwam, was het de grootste oppervlakte in onverkend terrein die we nog hadden in ons zonnestelsel. Dit hemellichaam heeft de mensen die de planeten observeerden, lang geïntrigeerd. Het heeft een grote, dikke atmosfeer. Men geloofde dat de omgeving op de oppervlakte meer leek op de omstandigheden hier op aarde — tenminste, in het verleden — dan welk ander hemellichaam ook in het zonnestelsel. De atmosfeer is voornamelijk moleculaire stikstof, zoals jullie hier inademen in deze ruimte, met de uitzondering dat de atmosfeer gemengd is met eenvoudige organische stoffen zoals methaan en propaan en ethaan. Deze molecules, hoog in de atmosfeer van Titan, breken af, en de producten hiervan vormen samen mistdeeltjes. Deze mist is overal aanwezig, overal op de oppervlakte en helemaal rond Titan. Daarom kunnen we de oppervlakte niet zien met onze ogen in de zichtbare zone van het spectrum.

Deze mistdeeltjes — zo veronderstelde men voor we aankwamen met Cassini — waren over miljarden en miljarden jaren zachtjes naar de oppervlakte gezakt en hadden de oppervlakte bedekt met een dik organisch slijk. Zoiets als het equivalent op Titan van teer, of olie, of wat — we wisten niet wat. Maar dit is wat we verwachtten. Deze molecules, vooral methaan en ethaan, kunnen vloeibaar zijn bij de oppervlaktetemperaturen van Titan. Zo blijkt dat methaan voor Titan is wat water is op Aarde. Het condenseert in de atmosfeer, en dus herkenden we in deze omstandigheden een hele wereld vol bizarre mogelijkheden. Je kan methaanwolken hebben, en boven deze wolken heb je honderden kilometer mist die er voor zorgen dat er geen zonlicht op de oppervlakte valt. De temperatuur op de oppervlakte is ongeveer -212 graden Celsius.

Ondanks die koude kan het regenen op de oppervlakte van Titan. Omdat regen op Titan doet wat regen op Aarde doet, graaft hij kloven, hij vormt rivieren en watervallen. Hij kan canyons vormen, kan poelen vormen in grote bassins en kraters. Hij kan het slijk van hoge bergpieken en heuvels afwassen en naar lagere gebieden spoelen. Dus stop en denk even na. Probeer je in te beelden hoe de oppervlakte van Titan eruit kan zien. Het is donker — volle middag op Titan is even donker als de donkerste schemering op aarde. Het is koud, eng, mistig, het zou kunnen regenen, en je zou kunnen staan aan de waterkant van Lake Michigan, vol verfverdunner.

Dat is hoe we ons de oppervlakte van Titan voorstelden voor we daar geraakten met Cassini. Ik kan jullie vertellen wat we gevonden hebben op Titan. Ook al is het niet even gedetailleerd, het is even fascinerend als dat verhaal. Voor ons — voor Cassini-ploeg — was het als een avontuur van Jules Verne dat waarheid werd. Zoals ik zei heeft Titan een dikke, omvangrijke atmosfeer. Dit is een foto van Titan met de zon erop, met de ringen als mooie achtergrond. En nog een andere maan hier — Ik weet zelfs niet welke het is. Het is een heel omvangrijke atmosfeer. We hebben op Cassini instrumenten die naar het oppervlak kunnen kijken door deze atmosfeer, en mijn camerasysteem is daar één van. We hebben foto's genomen zoals deze. Wat je ziet zijn lichte en donkere regio's. Dat was ongeveer het maximum dat we bereikten. Het was zo mysterieus — we konden niet uitmaken wat we zagen op Titan. Als je van dichter naar deze regio kijkt, begin je dingen te zien zoals kronkelende kanalen, we wisten het niet. Je ziet een paar ronde dingen. Dit is, zoals we later ontdekten, in feite een krater, maar er zijn heel weinig kraters op het oppervlak van Titan, wat wil zeggen dat het een jong oppervlak is. Er zijn landschapskenmerken die er tektonisch uitzien. Ze zien eruit alsof ze uit elkaar getrokken zijn. Wanneer je iets lineairs ziet op een planeet, betekent dat dat er een breuk is geweest, zoals een breuklijn. Dus is het tektonisch veranderd.

Maar we begrepen onze beelden niet goed, totdat, zes maanden nadat we in een baan waren geraakt, er iets gebeurde dat velen zien als het hoogtepunt van Cassini's onderzoek van Titan. Dat was het inzetten van de Huygenssonde, de in Europa gebouwde Huygenssonde die Cassini zeven jaar lang door het zonnestelsel had vervoerd. We lieten ze los in de atmosfeer van Titan. Ze deed 2,5 uur over de afdaling, en ze landde op het oppervlak. Ik wil gewoon benadrukken hoe significant deze gebeurtenis is. Dit is een toestel, door mensen gemaakt. Het landde aan de rand van ons zonnestelsel, voor het eerst in de geschiedenis van de mens. Het is zo belangrijk dat, naar mijn mening, het een gebeurtenis was die we hadden moeten vieren met parades in elke stad in de VS en in Europa, en spijtig genoeg is dat niet gebeurd. (Gelach).

Het was belangrijk om een andere reden. Dit is een internationale missie, en deze gebeurtenis werd gevierd in Europa, in Duitsland. De presentaties om het te vieren werden gegeven met Engelse accenten en Amerikaanse accenten en Duitse accenten en Franse en Italiaanse en Nederlandse accenten. Het was een ontroerende demonstratie van wat de woorden "Verenigde Naties" moeten beteken: een ware unie van naties die samen werken in een kolossale inspanning voor het goede. In dit geval was dat een gigantische onderneming om een planeet te verkennen en om een planetair systeem te leren begrijpen dat in heel de menselijke geschiedenis onbereikbaar was geweest, en nu hadden mensen het echt aangeraakt. Dus het was — ik bedoel, ik krijg kippenvel gewoon door erover te praten, het was een ontzettend emotionele gebeurtenis, en het is iets dat ik persoonlijk nooit zal vergeten, en jullie beter ook niet. (Applaus).

De sonde deed metingen in de atmosfeer onderweg naar beneden, en ze nam ook panoramische foto's. Ik kan jullie niet vertellen hoe het was om de eerste foto's te zien van het oppervlak van Titan van de sonde. Dit is wat we zagen. Het was een schok, want het was alles wat we hadden verwacht van de andere foto's die vanuit een baan genomen waren. Het was een duidelijk patroon, een geologisch patroon. Het is een dendritisch aflooppatroon dat enkel kan ontstaan door de loop van vloeistoffen. Je kan deze kanalen volgen en je kan zien hoe ze allemaal samenkomen. Ze komen allemaal samen in dit kanaal, dat uitloopt in deze regio. Jullie zien een kustlijn. Was het een kustlijn van vloeistoffen? We wisten het niet. Maar dit heeft iets van een kustlijn.

Deze foto is genomen op 16 kilometer. Dit is de foto genomen op 8 kilometer, OK? Opnieuw, de kustlijn. Oké, nu 16 kilometer, 8 kilometer — dit is ongeveer de hoogte van een passagiersvlucht. Als je een vliegtuigreis zou maken door de VS, dan zou je op deze hoogte vliegen. Dus dit is een foto die je zou kunnen nemen uit het raam van Titanian Airlines terwijl je over het oppervlak van Titan vliegt. (Gelach)

En dan, uiteindelijk, landde de sonde op de oppervlakte. Dames en heren, ik ga jullie nu de eerste foto tonen van het oppervlak van een maan in het buitenste zonnestelsel. Hier is de horizon. Dit zijn waarschijnlijk waterijskeitjes. (Applaus) Ze is duidelijk geland in een van deze platte, donkere gebieden en ze is niet weggezonken. Dus we zijn niet in vloeistof geland. Waar de sonde landde, was in feite het equivalent op Titan van een moddervlakte. Dit is onvaste grond, gemengd met vloeibaar methaan. Waarschijnlijk is dit materiaal van de hooglanden van Titan afgespoeld langs de kanalen die we zagen, en heeft het gedurende miljarden jaren lager gelegen bekkens gevuld. Daarin is de Huygenssonde geland.

Maar toch, er was in onze beelden, noch in die van Huygens, een teken van grote, open massa's van vloeistoffen. Waar waren ze? Het werd nog vreemder toen we duinen vonden. OK, dus dit is ons filmpje van het gebied rond de evenaar van Titan, waarin je deze duinen kan zien. Dit zijn duinen die 100 meter hoog zijn, en een paar kilometer uit elkaar liggen. Ze zijn kilometers en kilometers en kilometers uitgestrekt. Er zijn honderden, tot zelfs 1600 à 1900 kilometer duinen. Dit is de Sahara van Titan. Het is duidelijk een plek die erg droog is, anders zou je er geen duinen krijgen.

Dus, opnieuw, het was vreemd dat er geen vloeistofmassa's waren, tot we uiteindelijk meren zagen in de poolgebieden. Er is een meerlandschap in het zuidpoolgebied van Titan. Het is ongeveer de grootte van Lake Ontario. En toen, maar anderhalve week geleden, vlogen we over de noordpool van Titan en we vonden, weer, een meer van de grootte van de Kaspische Zee. Dus het ziet ernaar uit dat de vloeistoffen, om een reden die we niet begrijpen, of tenminste in dit seizoen, blijkbaar op de polen van Titan zitten. Ik denk dat jullie net zoals wij vinden dat Titan een bijzondere, mystieke plaats is. Het is exotisch, buitenaards, maar lijkt toch op een vreemde manier op de Aarde, met Aardachtige geologische formaties en een ongelofelijke geografische diversiteit. Het is een fascinerende wereld, wiens enige rivaal in het zonnestelsel, wat betreft complexiteit en rijkheid, de Aarde zelf is.

Dus nu gaan we verder met Enceladus. Enceladus is een kleine maan, ongeveer een tiende van Titan, en je kan ze hier zien naast Engeland. Gewoon om jullie de grootte te laten zien; dit is niet bedoeld als een bedreiging. (Gelach) Encaladus is heel wit, heel licht, en het oppervlak is duidelijk vernield door breuken. Het is een geologisch zeer actief hemellichaam. Maar de belangrijkste ontdekkingen op Enceladus werden gedaan op de zuidpool — en we kijken hier naar de zuidpool — waar we dit systeem van breuken vonden. Ze zijn verschillend in kleur omdat ze een verschillende samenstelling hebben. Ze zijn bedekt. Deze breuken zijn bedekt met organische materialen. Bovendien, in deze hele regio, het zuidpoolgebied, zijn er hogere temperaturen. Het is de warmste plaats op de planeet, op het hemellichaam. Dat is net zo bizar als ontdekken dat Antarctica op aarde warmer is dan de tropen.

Toen we bijkomende foto's maakten, ontdekten we dat uit deze breuken fonteinen van fijne ijsdeeltjes komen die honderden mijlen ver in de ruimte komen. Als we dit beeld kleurcoderen om het zwakste licht zichtbaar te maken, zien we dat deze fonteinen een pluim voeden die, zoals we in andere beelden zien, duizenden mijlen ver in de ruimte boven Enceladus reikt. Mijn team en ik hebben deze beelden bestudeerd, en andere zoals dit, en dachten aan de andere resultaten van Cassini. We zijn tot de conclusie gekomen dat deze fonteinen misschien uitbarsten uit pockets met vloeibaar water onder het oppervlak van Enceladus.

Dus we hebben, misschien, vloeibaar water, organische materie en overtollige warmte. Met andere woorden, we hebben misschien de Heilige Graal van de moderne planetaire verkenning gevonden. Of met andere woorden, een milieu dat misschien geschikt is voor levende organismen. Ik denk dat ik jullie niet hoef te vertellen dat de ontdekking van leven ergens anders in ons zonnestelsel, of het nu op Enceladus is of ergens anders, enorme gevolgen zou hebben op cultureel en wetenschappelijk vlak. Want als we konden aantonen dat Genesis niet één, maar twee keer op onafhankelijke manier was gebeurd in ons zonnestelsel, dan betekent dat, bijgevolg, dat het een ongelofelijk aantal keer is gebeurd in het heelal en in zijn 13,7 miljard jarige geschiedenis.

Op dit moment is de Aarde nog steeds de enige planeet waar leven gedijt. Ze is kostbaar, uniek, het is nog steeds, tot nu toe, de enige thuis die we ooit gekend hebben. Als iemand van jullie alert en coherent was tijdens de jaren '60 —- we zouden het jullie vergeven als dat niet zo was, OK — dan zouden jullie zich deze heel beroemde foto herinneren die door de astronauten van Apollo VIII genomen werd in 1968. Het was de eerste keer dat men zich de Aarde kon voorstellen vanuit de ruimte, en dat had een enorme impact op onze zin voor plaats in het universum, en op onze zin voor verantwoordelijkheid voor de bescherming van onze planeet.

Wel, wij hebben met Cassini een gelijkaardige eerste foto genomen, een foto die geen menselijk oog ooit eerder gezien heeft. Het is een volledige zonsverduistering, gezien van de andere zijde van Saturnus. Op deze ongelofelijk mooie foto kan je de hoofdringen zien terwijl de zon er op valt, je ziet het weerkaatste beeld van de zon en je ziet deze ring die in feite is gemaakt door het uitademen van Enceladus. Maar alsof dat nog niet genoeg was, kunnen we in dit mooie beeld ook onze eigen planeet zien, die in de armen van de ringen van Saturnus ligt.

Nu, er is iets dat ons diep raakt als we onszelf van zo ver zien, en als we onze kleine-blauwe-oceaanplaneet zien in de hemel van een andere wereld. Het perspectief op onszelf dat we daar uit halen, zou uiteindelijk de beste beloning kunnen zijn die we halen uit deze ontdekkingsreis die een halve eeuw geleden startte. Hartelijk bedankt. (Applaus)