Shubhendu Sharma
1,249,838 views • 4:22

Ik ben technisch bedrijfskundige. Het is altijd mijn levensdoel geweest meer en meer producten te maken. Zo snel mogelijk en met een minimum aan middelen. Als werknemer bij Toyota had ik alleen maar verstand van auto's maken, totdat ik in contact kwam met Dr. Akira Miyawaki die bij onze fabriek een bos kwam aanleggen om ze CO2-neutraal te maken. Ik was zo gefascineerd dat ik meer wilde weten over deze methode en me bij het team aansloot als vrijwilliger. Algauw legde ik een bos aan in mijn eigen achtertuin. Zo ziet het eruit na drie jaar.

Deze bossen groeien vergeleken met conventionele beplanting tien maal sneller, zijn 30 keer zo dicht en 100 keer meer biodivers. Na twee jaar met dit bos in onze tuin kon ik zien dat het grondwater in de zomer niet meer opdroogde en het aantal vogelsoorten in het gebied verdubbelde. De luchtkwaliteit werd beter en we konden zonder moeite fruit in onze eigen achtertuin telen.

Ik wilde meer van dit soort bossen aanleggen. Deze resultaten moedigden me aan om bossen aan te gaan leggen met dezelfde gedrevenheid waarmee ik auto's maakte, software schreef of enige andere zaak behartigde. Ik richtte een bedrijf op. Een end-to-end dienstverlener, die dit soort streekgebonden natuurbossen aanlegt. Maar om van bebossing een echt bedrijf te maken, moesten we eerst het bebossen gaan standaardiseren. We namen het Toyota Productiesysteem als uitgangspunt, dat bekend was om zijn kwaliteit en efficiëntie bij het bebossen.

Zo ligt bijvoorbeeld de kern van TPS, het Toyota Productiesysteem, in de 'heijunka', wat neerkomt op het fabriceren van verschillende automodellen op één enkele assemblagelijn. We vervingen de auto's door bomen en daarmee leggen we nu meerlagige bossen aan. Deze bossen benutten de verticale ruimte 100%. Ze zijn zo dicht dat je er zelfs niet in kunt rondwandelen. Zo kunnen we een bos met 300 bomen aanleggen in een ruimte waar je maar zes auto's kan parkeren. Om de kosten te verlagen en de CO2-voetafdruk te verminderen, gingen we plaatselijke biomassa als bodemverbeteraar en meststof gebruiken. Zo vermaalden we kokosnootdoppen in een machine en vermengden ze met rijststro, poeder van rijstkaf vermengd met organische mest werd uitgespreid op de grond waarop ons bos werd geplant. Na het planten, gebruikten we gras- of rijststro om de bodem te bedekken. Zo verdampt het bevloeiingswater niet gelijk weer. Door dit simpele improviseren, kunnen we nu een bos aanleggen voor de prijs van een iPhone.

Vandaag leggen we bossen aan bij huizen, scholen en zelfs bij de fabrieken van het bedrijf. Maar daar blijft het niet bij. Veel mensen willen zelf aan de slag. Dat maken wij mogelijk. We zijn bezig met het uitwerken van een internetplatform waar we onze methode als open source beschikbaar stellen. Daarmee kan dan iedereen op eigen kracht zijn eigen bos volgens deze methode aanleggen. Met één muisklik kunnen ze alle soorten uit hun streek te weten komen. Door ter plekke een kleine sonde te installeren kunnen wij op afstand de grond testen. Op basis daarvan kunnen we stap-voor-stap instructies geven en op afstand een bos aanleggen. We kunnen de groei van het bos volgen zonder ter plaatse te hoeven zijn. Ik denk dat deze methode

toekomstmogelijkheden heeft. Door te delen, kunnen we onze oerbossen herstellen. Als je weer thuis bent en een stuk grond braak ziet liggen, bedenk dan dat dit een bos zou kunnen zijn. Heel erg bedankt.

(Applaus)