Rita Pierson
13,145,581 views • 7:48

Ik ben al mijn hele leven op school, onderweg naar school, of aan het praten over wat er op school gebeurt. Mijn ouders waren allebei leraren, de ouders van mijn moeder waren leraren, en de afgelopen 40 jaar heb ik hetzelfde gedaan. Ik heb in die jaren onderwijshervorming kunnen zien vanuit veel invalshoeken. Sommige hervormingen waren goed. sommige waren niet zo goed. We weten waarom kinderen vroegtijdig school verlaten. We weten waarom kinderen niet leren. Het is armoede of lessen missen of negatieve sociale invloed. We weten waarom. Een van de dingen waar we het zelden of nooit over hebben, Een van de dingen waar we het zelden of nooit over hebben, is de waarde en het belang van menselijke connecties, relaties. is de waarde en het belang van menselijke connecties, relaties.

James Corner zegt dat er geen significant leerproces kan zijn zonder een significante relatie. Volgens George Washington Carver is leren het begrijpen van relaties. Iedereen in deze zaal is beïnvloed door een leraar of een volwassene. Jarenlang heb ik mensen zien lesgeven. Ik heb de besten gezien en ik heb hele slechte gezien.

Een collega zei ooit tegen me, "Ik word niet betaald om kinderen aardig te vinden. Ik word betaald om iets uit te leggen. De kinderen horen te leren. Ik moet het uitleggen. Zij moeten leren. Punt uit."

Ik zei tegen haar: "Kinderen leren niet van mensen die ze niet aardig vinden."

(Gelach) (Applaus)

Ze zei: "Dat is onzin."

Ik zei haar: "Je jaar gaat lang en moeizaam zijn, schat." Ik zei haar: "Je jaar gaat lang en moeizaam zijn, schat."

Natuurlijk was het dat. Sommige mensen denken dat een relatie opbouwen aangeboren is: je hebt het of je hebt het niet. Stephen Covey had gelijk. Hij zei dat je maar een paar dingen hoeft aan te reiken, zoals eerst proberen te begrijpen voordat je probeert te worden begrepen, simpele dingen als je excuses aanbieden. Ooit over nagedacht? Zeg 'sorry' tegen een kind en ze staan versteld.

Ik heb ooit iets uitgelegd over verhoudingen. Ik ben niet echt goed in wiskunde, maar ik werkte ermee. Na de les keek ik in de lerarenhandleiding. Ik had het helemaal verkeerd uitgelegd.

De volgende dag zie ik in de klas: "Jongens, ik moet mijn excuses aanbieden. Ik heb het helemaal verkeerd uitgelegd. Het spijt me heel erg."

Ze zeiden: "Geeft niet, mevrouw Pierson. U was zo enthousiast, we lieten u gewoon begaan." (Gelach) (Applaus)

Ik heb klassen gehad die zo slecht waren, en zo weinig academische vaardigheden hadden, dat ik ervan moest huilen. Ik dacht: hoe ga ik deze groep in negen maanden brengen van waar ze zijn tot waar ze moeten zijn? Het was moeilijk. Het was verschrikkelijk moeilijk. Hoe verhoog ik het zelfvertrouwen van een kind en tegelijk zijn academische prestatie?

Eén jaar had ik een slim idee. Ik vertelde mijn leerlingen: "Ze hebben jullie gekozen voor deze klas. Ik ben de beste leraar en jullie zijn de beste leerlingen, dus hebben ze ons samengezet zodat we aan de rest kunnen laten zien hoe het moet."

Een van de leerlingen zei: "Echt?" (Gelach)

Ik zei: "Echt. Wij moeten de andere klassen laten zien hoe het moet. Als we in de gang lopen, letten mensen op ons, je kunt dus geen lawaai maken. Je moet gewoon trots rondlopen. Ik leerde ze zeggen: "Ik ben iemand. Ik was iemand toen ik hier kwam. Ik ga een beter iemand zijn als ik wegga. Ik heb kracht en ik ben sterk. Ik verdien het onderwijs dat ik hier krijg. Ik moet dingen doen, indruk maken op mensen en doelen bereiken."

Ze zeiden: "Ja!"

Als je het lang genoeg zegt, wordt het een deel van je.

En dus —- (Applaus) Ik gaf een proefwerk, 20 vragen. Een leerling had er 18 fout. Ik zette '+2' op zijn proefwerk en een groot lachend gezichtje.

Hij zei: "Mevrouw Pierson, is dit een 1?"

Ik zei: "Ja."

Hij zei: "Waarom tekende je dan dat lachend gezichtje?"

Ik zei: "Omdat je goed bezig bent. Je had er twee goed. Je had niet alles fout." Ik zei: "Als we dit nabespreken, doe je het daarna dan niet beter?"

Hij zei: "Ja, mevrouw, Ik kan het beter."

'-18' zuigt al het leven uit je. '+2' betekent: "Ik ben niet hopeloos." (Gelach) (Applaus)

Jarenlang heb ik gezien hoe mijn moeder in de pauze tijd nam om stof door te nemen, 's middags op huisbezoek ging, kammen en borstels kocht en pindakaas en crackers voor kinderen die eten nodig hadden, en een handdoek en zeep voor de kinderen die niet fris roken. Het is moeilijk om les te geven aan stinkende kinderen. Kinderen kunnen gemeen zijn. Dus had ze die dingen in haar bureau, en jaren later, toen ze met pensioen was, zag ik sommigen van die kinderen terugkomen en haar zeggen: "Mevrouw Walker, u heeft een verschil gemaakt in mijn leven. Dankzij u is het gelukt. U gaf me het gevoel dat ik iemand was, terwijl ik eigenlijk wist dat ik dat niet was. Ik wil graag dat u ziet wie ik ben geworden."

Toen mijn moeder twee jaar geleden stierf op 92-jarige leeftijd, waren er zo veel oud-leerlingen op haar begrafenis, dat ik er tranen van in mijn ogen kreeg, niet omdat ze dood was, maar omdat ze een erfenis van relaties had achtergelaten die nooit kon verdwijnen.

Kunnen we meer relaties aan? Absoluut. Zul je al je leerlingen leuk vinden? Natuurlijk niet. De moeilijkste leerlingen zijn nooit afwezig. (Gelach) Nooit. Je zult ze niet allemaal leuk vinden. Er is een reden dat de moeilijke leerlingen komen opdagen. Het is de connectie. Het zijn de relaties. Ze mogen nooit weten dat je ze niet allemaal leuk vindt. Ze mogen nooit weten dat je ze niet allemaal leuk vindt. Daarom worden leraren geweldige acteurs en actrices. We werken ook als we er geen zin in hebben. We luisteren naar beleid dat nergens op slaat, en we geven toch les. We geven toch les, want dat is wat we doen.

Lesgeven en leren zou leuk moeten zijn. Hoe krachtig zou onze wereld zijn als we kinderen hadden die niet bang waren risico's te nemen, die niet bang waren om na te denken, en die een kampioen hadden? Elk kind verdient een kampioen, een volwassene die het nooit opgeeft, die de kracht van verbinding begrijpt, en erop staat dat ze het beste worden dat ze kunnen zijn.

Is deze baan zwaar? Absoluut. Maar het is niet onmogelijk. Wij kunnen dit. Wij zijn leraren. Wij zijn op de wereld om een verschil te maken.

Dank u wel.

(Applaus)