Charmian Gooch
1,625,794 views • 14:27

Wanneer we praten over corruptie, zijn er bepaalde types individuen die we voor ogen hebben.

Je hebt de voormalige Sovietmegalomanen. Saparmurat Niyazov was er één van. Tot zijn dood in 2006 was hij de almachtige leider van Turkmenistan, een Centraal-Aziatisch land rijk aan natuurlijk gas. Hij hield van het uitvaardigen van presidentiële decreten. Eén hernoemde de maanden van het jaar onder andere naar hemzelf en zijn moeder. Hij gaf miljoenen dollars uit om een bizarre personencultus te creëren en zijn kroonjuweel was het bouwen van een 14 meter hoog verguld beeld van hemzelf, dat op het centrale plein van de hoofdstad pronkte en meedraaide met de zon. Hij was een wat ongewone man.

Dan heb je dat cliché van de Afrikaanse dictator, minister of ambtenaar. Je hebt Teodorín Obiang. Zijn papa is president voor het leven van Equatoriaal-Guinea, een West-Afrikaans land dat sinds de jaren 90 miljarden dollars aan olie heeft geëxporteerd en toch schrikbarend slecht scoort inzake mensenrechten. De grote meerderheid van de bevolking leeft in erbarmelijke armoede, ondanks een inkomen per hoofd dat gelijk is aan dat van Portugal. Dus Obiang junior koopt voor zichzelf een villa van 30 miljoen dollar in Malibu, Californië. Ik ben tot aan de toegangspoort geweest. Ik kan jullie vertellen dat het een schitterend landgoed is. Hij kocht een kunstcollectie van 18 miljoen euro die vroeger behoorde aan de modeontwerper Yves Saint Laurent, een berg prachtige sportauto's, sommige kostten een miljoen dollar per stuk — en ook nog een Gulfstream jet. Nu komt het: tot recentelijk verdiende hij een officieel maandelijks salaris van minder dan 7.000 dollar.

Dan heb je Dan Etete. Hij was de voormalige Minister van Olie van Nigeria onder president Abacha, en toevallig is hij ook veroordeeld wegens witwassen. Wij hebben veel tijd besteed aan het onderzoeken van een oliedeal van 1 miljard dollar — dat klopt, 1 miljard dollar — waar hij bij betrokken was. Wat we ontdekten, was erg schokkend, maar later meer daarover.

Het is makkelijk om te denken dat corruptie plaatsheeft ergens ver weg, door een stel hebzuchtige despoten en individuen met kwaad in de zin, in landen waar we, persoonlijk, misschien weinig van weten, geen verbintenis mee voelen en niet door geraakt worden. Maar gebeurt het alleen daar?

Toen ik 22 was, had ik veel geluk. Mijn eerste baan na de universiteit was het onderzoeken van de illegale handel in Afrikaans ivoor. Dat was het begin van mijn relatie met corruptie. In 1993 zette ik, met twee vrienden die collega's waren, Simon Taylor en Patrick Alley, de organisatie Global Witness op. Onze eerste campagne was het onderzoeken van de rol van illegale houtkap in het financieren van de oorlog in Cambodja.

Een paar jaar later, we schrijven intussen 1997, ben ik undercover in Angola om bloeddiamanten te onderzoeken. Misschien hebben jullie de film gezien, de Hollywoodfilm 'Blood Diamond', met Leonardo DiCaprio. Die is deels door ons werk geïnspireerd. Luanda was vol met slachtoffers van landmijnen, die vochten om te overleven op straat, oorlogswezen die leefden in riolen onder de straten, en een kleine, erg rijke elite, die babbelde over shoppingreisjes naar Brazilië en Portugal. Het was een licht gestoorde plek.

Dus ik zit in een hete en erg muffe hotelkamer, totaal overdonderd. Maar het ging niet om de bloeddiamanten. Want ik had gesproken met vele mensen ter plekke, die praatten over een ander probleem: dat van een groot web van corruptie op wereldschaal en miljoenen vermiste oliedollars. Voor wat toen een erg kleine organisatie was van slechts enkele mensen, was alleen al nadenken over hoe we zoiets konden aanpakken een enorme uitdaging. In de jaren dat ik bezig was, dat wij allen bezig waren met campagne voeren en onderzoek doen, heb ik herhaaldelijk gezien wat corruptie op een wereldschaal mogelijk maakt. Het is niet enkel hebzucht of misbruik van macht of die vage term 'zwak bestuur'. Ik bedoel, ja, ook dat allemaal, maar corruptie wordt mogelijk gemaakt door de acties van globale ondersteuners.

Laten we teruggaan naar een paar mensen waar ik eerder over sprak. We hebben hen allemaal onderzocht, en stuk voor stuk zouden ze op eigen houtje niet kunnen doen wat ze doen. Neem Obiang junior. Hij kwam niet in het bezit van kunst van hoge kwaliteit en luxehuizen zonder hulp. Hij deed zaken met globale banken. Een bank in Parijs had bankrekeningen van door hem bestuurde bedrijven, waarvan hij er één gebruikte om kunst te kopen, en Amerikaanse banken transfereerden 73 miljoen dollar naar de Verenigde Staten, waarvan een gedeelte werd gebruikt om die Californische villa te kopen. Hij deed dit alles ook niet op zijn eigen naam. Hij gebruikte postbusbedrijven, één om het landgoed te kopen en een ander, dat op naam van iemand anders stond, om de hoge rekeningen voor onderhoud te betalen.

Dan heb je Dan Etete. Toen hij minister van olie was, gaf hij een olieveld dat nu meer dan een miljard dollar waard is aan een bedrijf waarvan, jawel, hij de verborgen eigenaar was. Veel later werd het doorverkocht met de vriendelijke hulp van de Nigeriaanse overheid — ik moet voorzichtig zijn met wat ik nu zeg — aan dochtermaatschappijen van Shell en het Italiaanse Eni, twee van de grootste oliemaatschappijen.

Dus de realiteit is dat de motor van corruptie veel verder gaat dan de grenzen van landen als Equatoriaal-Guinea, Nigeria of Turkmenistan. Deze motor wordt gedreven door ons internationale banksysteem, door het probleem van anonieme postbusbedrijven, door de geheimhouding die wij hebben toegestaan aan grote olie-, gas- en mijnbouwbedrijven, en, bovenal, door het falen van onze politici om de daad bij het woord te voegen en iets te doen dat dit zinvol en systematisch aanpakt.

Laten we beginnen met de banken. Het zal jullie niet verbazen dat banken zwart geld accepteren, maar zij stellen hun winsten ook op andere destructieve manieren voorop. Bijvoorbeeld in Sarawak, Maleisië. In deze regio zijn nog maar vijf procent van de bossen nog intact. Vijf procent. Hoe is dit kunnen gebeuren? Doordat de elite en haar ondersteuners miljoenen dollars hebben verdiend aan steun aan houtkap op industriële schaal gedurende vele jaren. Wij stuurden een undercover onderzoeker om in het geheim bijeenkomsten van de regerende elite te filmen. Onze beelden maakten sommige mensen erg boos, je kan het zien op YouTube, maar het bewees wat wij allang vermoedden, dat de premier van de staat, ondanks zijn latere ontkenningen, zijn controle over land- en boslicenties gebruikte om zichzelf en zijn familie te verrijken. We weten dat HSBC het geld verschafte voor de grootste houtkapbedrijven in de regio, die verantwoordelijk waren voor een deel van die vernietiging in Sarawak en elders. De bank overtrad daarbij haar eigen duurzaamheidsregels maar ze verdiende er rond de 130 miljoen dollar aan. Kort na onze onthulling, erg kort na onze onthulling eerder dit jaar, kondigde de bank een beleidsherziening op dit vlak aan. Is dit vooruitgang? Misschien, maar we blijven de zaak scherp in de gaten houden. maar we blijven de zaak scherp in de gaten houden.

Dan is er het probleem van anonieme postbusbedrijven. We hebben allemaal gehoord wat dat zijn en we weten allemaal dat ze vaak worden gebruikt door mensen en bedrijven die proberen te vermijden hun rechtmatige bijdragen a an de maatschappij te betalen, ook wel bekend als belastingen. Maar wat vaak niet belicht wordt, is hoe postbusbedrijven gebruikt worden om enorme hoeveelheden geld te stelen van arme landen. In vrijwel elke corruptiezaak die wij hebben onderzocht, kwamen postbusbedrijven tevoorschijn en soms is het onmogelijk om erachter te komen wie echt deel uitmaakt van de deal.

Een recente studie van de Wereldbank keek naar 200 corruptiezaken. In 70 procent van die zaken bleken anonieme postbusbedrijven te zijn gebruikt, voor een totaal van bijna 56 miljard dollar. Veel van deze bedrijven waren in Amerika of in het Verenigd Koninkrijk, in haar overzeese gebieden en haar Kroonbezit, dus het is niet alleen een offshoreprobleem, het is ook een on-shoreprobleem. Postbusbedrijven zijn het middelpunt van de geheime deals ten bate van de rijke elites in plaats van de normale burgers.

Eén frappante recente zaak die wij hebben onderzocht, is hoe de overheid in de Democratische Republiek Congo een reeks waardevolle mijnbouwbezittingen van de staat verkocht aan postbusbedrijven in de Britse Maagdeneilanden. We spraken met bronnen in het land, ploegden door bedrijfsdocumenten en andere informatie om te proberen een echt beeld te krijgen van de deal. We waren ontzet toen we erachter kwamen dat deze postbusbedrijven veel van de bezittingen snel hadden doorverkocht, met enorme winsten, aan grote internationale mijnbouwbedrijven, die op de Londense beurs zijn genoteerd. Het Africa Progress Panel, geleid door Kofi Annan, heeft berekend dat Congo misschien meer dan 1,3 miljard dollar heeft verloren met deze deals. Dat is bijna het dubbele van haar jaarlijkse budget voor gezondheid en onderwijs samen. En krijgen de mensen van Congo ooit hun geld terug? Het antwoord op die vraag, en op de vraag wie erbij betrokken was en wat er is gebeurd, zal waarschijnlijk weggestopt blijven in de geheime bedrijfsregisters van de Britse Maagdeneilanden en elders, tenzij wij er allemaal wat aan doen.

Hoe zit het met de olie-, gas- en mijnbouwbedrijven? Misschien is het een cliché om daarover te praten. Corruptie in die sector is geen verrassing. Er is overal corruptie, dus waarom focussen op die sector? Omdat er veel op het spel staat. In 2011 bedroeg de export van natuurlijke grondstoffen bijna 19 keer zoveel als de hulpstromen in Afrika, Azië en Latijn-Amerika. 19 keer zoveel. Dat zijn een heleboel scholen, universiteiten, ziekenhuizen en nieuwe bedrijven, die er vaak niet gekomen zijn en er nooit zullen komen omdat een deel van dat geld simpelweg gestolen is.

Laten we teruggaan naar de olie- en mijnbouwbedrijven en naar Dan Etete en die deal van 1 miljard dollar. Vergeef me, ik ga het volgende stuk voorlezen want het is een actuele kwestie en onze advocaten hebben dit in detail bekeken en willen dat ik het goed zeg.

Aan de oppervlakte leek de deal oprecht. Dochtermaatschappijen van Shell en Eni betaalden de Nigeriaanse overheid voor het veld. De Nigeriaanse overheid boekte precies hetzelfde bedrag, tot op de dollar, over naar een rekening bestemd voor een brievenbusbedrijf, waarvan Etete verborgen eigenaar was. Niet slecht voor een veroordeelde witwasser. Het punt is: na vele maanden van onderzoek en doorlezen van honderden pagina's aan rechtbankdocumenten, vonden we bewijs dat Shell en Eni wisten dat het geld overgemaakt zou worden naar dat brievenbusbedrijf, en het is moeilijk te geloven dat ze niet wisten met wie ze hier eigenlijk te maken hadden.

Het zou niet zulke inspanningen moeten vereisen om erachter te komen waar het geld in zulke deals heen ging. Dit zijn staatseigendommen. Ze horen gebruikt te worden ten bate van de bevolking van het land. Maar in sommige landen worden burgers en journalisten die proberen om verhalen als dit te onthullen, lastig gevallen en gearresteerd en soms riskeren zij hun leven door dit te doen.

Tenslotte zijn er mensen die geloven dat corruptie niet te vermijden is. Het is gewoon hoe sommige zaken worden gedaan. Het is te complex en moeilijk om te veranderen. Dus wat betekent dit? We accepteren het. Maar als campagnevoerder en onderzoeker heb ik een andere opvatting, omdat ik gezien heb wat er kan gebeuren wanneer een idee op gang komt. In de olie- en mijnbouwsector, bijvoorbeeld, is nu het begin ontstaan van een wereldwijde transparantiestandaard die een deel van deze problemen kan aanpakken. In 1999, toen Global Witness een oproep deed aan oliemaatschappijen om betalingen transparant te maken, lachten sommige mensen om de extreme naïviteit van dat kleine idee. Maar honderden burgergroeperingen van over de hele wereld kwamen samen om te vechten voor transparantie en nu ontwikkelt het zich snel tot de norm en de wet. Twee derde van de waarde van de olie- en mijnbouwbedrijven in de wereld valt nu onder transparantiewetgeving. Twee derde.

Er is dus verandering. Dit is vooruitgang. Maar we zijn er nog lang niet. Want het gaat niet om corruptie ergens ver weg, of wel? In een geglobaliseerde wereld is corruptie een geglobaliseerde zaak, eentje die globale oplossingen nodig heeft, gesteund en voortgeduwd door ons allemaal, als wereldburgers, hier en nu.

Dank jullie wel.

(Applaus)