Is E.T. daarboven? Ik werk bij het SETI-instituut. SETI, het is bijna mijn naam: Search for Extraterrestial Intelligence [Zoektocht naar Buitenaardse Intelligentie] Anders gezegd: ik zoek naar buitenaardse wezens. Als ik dat vertel op een feestje, krijg ik meestal een vriendelijk-meewarige blik. Als ik dat vertel op een feestje, krijg ik meestal een vriendelijk-meewarige blik. Ik houd mijn gezicht in de plooi. De meeste mensen vinden het een beetje idealistisch, ridicuul, misschien zelfs hopeloos. Ik wil gewoon vertellen waarom mijn werk voor mij een voorrecht is en spreken over mijn motivatie om mijn werk voor mij een voorrecht is en spreken over mijn motivatie om voor dit werk te kiezen, als je het zo kunt noemen. Dit - oeps, kunnen we terug? Hallo Aarde, kom er maar in. Daar is hij weer. Dit is de Owens Valley Radio Telescope voorbij de Sierra Nevada. Ik verzamelde daar in 1968 data voor mijn scriptie. Beetje eenzaam en nogal saai: alleen maar data verzamelen, dus vermaakte ik mij 's nachts met fotograferen van de telescoop en zelfs van mijzelf. Want 's nachts was ik de enige mensachtige in een straal van 45 kilometer. Dit zijn foto's van mijzelf. Het observatorium schafte net een nieuw boek aan, geschreven door Jozef Shlovsky, een Russische kosmoloog geschreven door Jozef Shlovsky, een Russische kosmoloog en bewerkt en vertaald door Carl Sagan, een vrij onbekende astronoom van Cornell. en bewerkt en vertaald door Carl Sagan, een vrij onbekende astronoom van Cornell. Op een ochtend om 3 uur las ik het boek. Op een ochtend om 3 uur las ik het boek. Het beschreef hoe de antennes die ik gebruikte om de melkwegstelselbanen te meten, ook gebruikt kunnen worden om te communiceren, om stukjes informatie te verzenden van het ene sterrenstelsel naar het andere. Om 3 uur 's morgens, als je helemaal alleen bent, en weinig geslapen hebt, is dat een erg romantisch idee. Maar het idee dat je kunt bewijzen dat daar ver weg iemand is, -- door gebruik te maken van dezelfde technologie -- trok mij zo aan, dat ik 20 jaar later ging werken bij het SETI-Instituut. Ik moet bekennen dat mijn geheugen grote gaten vertoont. Ik vraag me dan ook vaak af of er wel waarheid school in dit verhaal, of dat ik het mij fout herinner. Onlangs vergrootte ik een oud negatief en hier kun je beslist het boek van Shklovsky en Sagan onder die rekenliniaal zien. het boek van Shklovsky en Sagan onder die rekenliniaal zien. Het was dus waar! Toen ik die foto maakte, was het nog een nieuw idee, Toen ik die foto maakte, was het nog een nieuw idee. Het stamt uit 1960, toen een jonge astronoom Frank Drake, deze antenne in West-Virginia richtte op een groepje sterren dichtbij in de hoop E.T. te kunnen afluisteren. Frank hoorde niets. Eigenlijk hoorde hij wel wat, maar dat bleek de U.S. Airforce te zijn en die telt niet mee voor buitenaardse intelligentie. Maar Drakes idee werd erg populair omdat het erg aantrekkelijk was. -- en daar kom ik nog op terug -- Op basis van dat mislukte experiment zoeken we sindsdien naar buitenaards leven, niet continu, maar het startte toen. We hebben nog steeds niets gehoord. We hebben nog steeds niets gehoord. en weten niets over buitenaards leven, maar ik suggereer dat dat vrij snel gaat veranderen. Eén van de redenen, of eigenlijk dé belangrijkste reden waarom dat gaat veranderen, is dat de apparatuur steeds beter wordt. Dit is de Allen Telescope Array, ongeveer 500 kilometer verwijderd van de stoel waarop je nu zit. Dit gebruiken we vandaag de dag om E.T. te zoeken. De elektronica is ook sterk verbeterd. Dit is Frank Drakes elektronica uit 1960. Zo ziet de Allen Telescope Array elektronica er nu uit. Een geleerde met te veel tijd berekende dat de nieuwe experimenten ongeveer 100 biljoen keer beter zijn dan die in 1960, 100 biljoen keer beter. Dat is een graad van verbetering die goed zou staan op je rapport. Het grote publiek beseft niet dat de experimenten alsmaar beter worden en daardoor ook steeds sneller. Dit is een grafiekje. Elke keer ik een grafiek toon, verlies ik 10 procent van het publiek. Ik heb er 12. (Gelach) Ik tekende hier een grafiek die laat zien hoe snel we zoeken. Met andere woorden: we zoeken naar een speld in een hooiberg, We kennen de hooiberg: het heelal. We gaan hem niet langer te lijf met een theelepeltje, maar met een graafmachine, omdat we het zoveel sneller doen. Diegenen die er nog steeds bij zijn en verstand van wiskunde hebben, zien dat dit een logaritmische grafiek is. Met andere woorden: de toenamesnelheid is exponentieel. Het wordt exponentieel beter. Exponentieel is een uitgehold woord. Je hoort het de hele tijd in de media. Zij weten eigenlijk niet wat exponentieel betekent, maar dit is exponentieel. Het verdubbelt elke 18 maanden en natuurlijk weet elk geregistreerd lid van de digiclub dat dat Moores wet is. Dit betekent dat we de komende 24 jaar in staat zijn om naar een miljoen sterrenstelsels te kijken, waarbij we kijken naar signalen die bewijzen dat daarbuiten iemand is. Een miljoen sterrenstelsels: is dat interessant? Ik bedoel: hoeveel van die sterrenstelsels hebben planeten? We wisten dat antwoord niet, ook niet 15 jaar geleden en we wisten het zelfs niet zo recent als 6 maanden geleden. Maar nu weten we het. Recente resultaten laten zien dat vrijwel elke ster planeten heeft, meer dan één. Het zijn kittens. Je krijgt een nest, een hele troep. Het zijn kittens. Je krijgt een nest, een hele troep. Dit is eigenlijk een tamelijk nauwkeurige schatting van het aantal planeten in ons melkwegstelsel, enkel in ons melkwegstelsel. Voor de niet-astronomen onder jullie: ons melkwegstelsel is er één van de 100 miljard die we zien door onze telescopen. ons melkwegstelsel is er één van de 100 miljard die we zien door onze telescopen. Dat is een hele hoop woonruimte, maar de meeste van deze planeten zijn min of meer waardeloos, zoals Mercurius of Neptunus, die waarschijnlijk geen grote rol spelen in jullie leven. De vraag is: hoeveel van deze planeten zijn geschikt voor leven? We weten het ook niet, maar we zullen het te weten komen dankzij NASA's Kepler Ruimtetelescoop. Mensen die het kunnen weten en aan dat project werken, suggereren dat het deel van de planeten dat levensvatbaar is op misschien één op duizend, één op honderd, zoiets. Zelfs als we de pessimistische schatting één op duizend gebruiken, betekent dat dat er tenminste één miljard nichten van de Aarde zijn alleen al in ons Melkwegstelsel. Oké, ik gaf jullie nu veel getallen, overwegend grote getallen. Onthoud dat. Er is woonruimte zat, in het heelal en als wij de enige woonruimte zijn met een paar interessante bewoners, dan ben jij een wonder. Ik weet best dat je jezelf graag zo ziet, maar als je aan wetenschap doet, leer je vrij snel dat je fout zit als je jezelf als wonder ziet. Waarschijnlijk is dat niet het geval. Het komt hierop neer: door de toenemende snelheid en door de enorme hoeveelheid leefbare woonruimte in de kosmos, schat ik dat we een signaal zullen oppikken binnen de 24 jaar. Ik ben er zo van overtuigd dat ik met jullie wed: of we vinden E.T. binnen de komende 24 jaar, of jullie krijgen een kop koffie van mij. Niet slecht toch: binnen 24 jaar open je je browser en dan is er nieuws over een signaal, of je krijgt een kop koffie. Ik wil jullie vertellen over nog een ander aspect waar mensen niet aan denken: wat gebeurt er? Neem eens aan dat mijn voorspelling klopt. Ik bedoel: stel dat het gebeurt. Stel dat we op een dag in de komende 24 jaar een signaal oppikken dat ons vertelt dat we kosmisch gezelschap hebben. Wat is het effect? Wat zijn de consequenties? Het zou wel eens een nulpunt kunnen zijn voor mij. Ik weet wat de consequentie voor mij zou zijn, want we hadden ooit al vals alarm in 1997. Deze foto maakte ik rond 3 uur 's morgens in Mountain View, waar we naar computerschermen staarden, want we hadden een signaal opgepikt waarvan we dachten: "Dit is HET". Ik bleef wachten totdat de Men in Black zouden verschijnen. Ik wachtte tot mijn moeder zou bellen, iemand zou bellen, de regering zou bellen. Niemand belde. Niemand belde. Ik was zo zenuwachtig dat ik niet kon blijven zitten. Ik liep gewoon wat rond terwijl ik foto's nam, zoals deze, om iets te doen te hebben. Om half tien 's morgens, mijn hoofd lag op mijn bureau, want ik deed die nacht natuurlijk geen oog dicht, ging de telefoon. Het was het de New York Times. Daarmee leerden we een les: als we een signaal oppikken, zitten de media erbovenop, sneller dan een haas op rolschaatsen. Het zal heel snel gaan. Daar kun je zeker van zijn. Dat is geen geheim. Dat gebeurt er met mij. Het gooit mijn hele week in het honderd want wat ik ook plande, kan ik vergeten. Maar nu over jullie: wat gaat het voor jullie betekenen? We weten het antwoord niet. We weten niet wat het jullie gaat doen. niet op lange termijn, en zelfs niet op korte termijn. Je kon net zo goed in 1491 aan Christoffel Columbus vragen: "Hey Chris, wat gebeurt er als blijkt dat er een continent ligt op je weg naar Japan? Wat zullen de consequenties zijn voor de mensheid mocht dat waar zijn?" Ik denk dat Chris je een onbegrijpelijk antwoord zou geven, maar waarschijnlijk zou het niet kloppen. Net zo min als we kunnen voorspellen wat het vinden van E.T.'s zal betekenen. Net zo min als we kunnen voorspellen wat het vinden van E.T.'s zal betekenen. Ik kan wel zeggen dat het een samenleving zal zijn die ver op de onze voorligt. Je zult niet horen van buitenaardse Neanderthalers, zij bouwen geen zenders. Ze zullen ver op ons vooruit zijn, misschien een paar duizend jaar misschien een paar miljoen jaar, maar zeer fors vooruit op ons. Dat betekent dat als we iets kunnen verstaan van wat zij ons gaan vertellen, dan zouden we in staat moeten zijn om de geschiedenis kort te sluiten doordat we informatie krijgen van een maatschappij die ver op de onze voorligt. Nu kun je dit een beetje overdreven vinden, en misschien is het dat wel, maar toch, het is geloofwaardig dat het kan gebeuren. Je kunt het vergelijken met bijvoorbeeld Engelse les geven aan Julius Caesar en hem de sleutel geven van de Congress bibliotheek. Dat zou zijn dag maken. Dat is één. Het zal ons ook met de voeten op de grond brengen. We zullen weten dat we niet het wonder zijn maar gewoon de volgende in de rij. We zijn niet de enige 'kids on the block', en ik denk dat dat filosofisch een belangrijke les is om te leren. We zijn niet het wonder. Het derde dat ik inbreng, is misschien wat vager, maar wel interessant en belangrijk. Als je een signaal ontdekt van een meer geavanceerde samenleving, en dat zal het zijn, zal het ons iets duidelijk maken over onze eigen mogelijkheden, dat we niet gedoemd zijn onszelf te vernietigen. Zij hebben hun technologie overleefd en wij kunnen dat ook. Als je naar het heelal kijkt, kijk je terug in de tijd. Dat is interessant voor kosmologen. Maar op deze manier kun je feitelijk in de toekomst kijken, wazig, maar je kunt in de toekomst kijken. Dat kan allemaal voortkomen uit een ontdekking. Ik wil nog vertellen over iets dat ondertussen plaatsvindt: SETI is belangrijk want het is ontdekking en dat niet alleen: het is begrijpelijke ontdekking. Ik lees altijd boeken over ontdekkingsreizigers. Ik vind ontdekken erg interessant. Pool-ontdekkingsreizen, bijvoorbeeld, mensen zoals Magellaan, Amundsen, Shackleton, hier zie je ook Franklin, Scott, al die kerels. Ontdekkingen zijn erg vermakelijk. Zij doen het gewoon omdat ze willen ontdekken, en je zou kunnen zeggen: "Dat is wel een erg frivole reden", maar het is niet frivool. Het is geen frivole bezigheid. Kijk eens naar mieren. De meeste mieren zijn geprogrammeerd om elkaar te volgen in een lange rij, maar er zijn een paar mieren, misschien één procent van die mieren, de pioniermieren, degene die er zelf opuit trekken. Die vind je in de keuken op het aanrecht. Je neemt ze best te grazen met je duim voordat ze de suiker vinden of iets anders. Maar deze mieren, zelfs als andere uitgeroeid worden, zijn degene die essentieel zijn voor het overleven van de mierenhoop. Ontdekken is dus belangrijk. Ik denk dat ontdekken ook belangrijk is om aandacht te vragen voor iets dat we missen in onze maatschappij: wetenschappelijke geletterdheid, het vermogen om wetenschap te begrijpen. Er is veel geschreven over de deplorabele staat van de wetenschappelijke geletterdheid in dit land. Je hebt het zeker al gehoord. Dit is een voorbeeld: een enquête van 10 jaar geleden. Ze laat zien dat ruwweg een derde van de bevolking denkt dat buitenaardse wezens ook hier te vinden zijn! Ze vliegen door de lucht in hun schotels en soms ontvoeren ze mensen voor experimenten die ouders nooit goed zouden vinden. Dat zou interessant zijn als het waar was, en een grote baanzekerheid voor mij, maar ik denk dat het bewijs erg goed is. Dat is meer zielig dan significant. Maar er zijn andere dingen die mensen geloven die wel significant zijn, zoals de effectiviteit van homeopathie, of dat evolutie een raar soort idee is van wetenschappers zonder benen. Evolutie of het broeikaseffect. Dit soort van ideeën heeft geen enkele waarde. Je kunt de wetenschappers niet vertrouwen. We moeten het probleem oplossen, het is een cruciaal probleem. Je kan je afvragen of we dit oplossen met SETI. Laat me eerst zeggen dat SETI dat probleem uiteraard niet kan oplossen. Het kan het probleem wel aan de orde stellen door jonge mensen te interesseren voor wetenschap. Wetenschap heeft de reputatie dat ze moeilijk is, en dat klopt, het is het resultaat van 400 jaar wetenschap. In de 18e eeuw kon je expert worden in elke tak van de wetenschap door een middag naar de bibliotheek te gaan, als je al een bibliotheek kon vinden. In de 19e eeuw kon je, als je een laboratorium in de kelder had, wetenschappelijke ontdekkingen doen in je eigen huis. Want al die wetenschap wachtte totdat iemand het zou ontdekken. Dat is tegenwoordig niet meer het geval. Nu moet je jaren op de universiteit spenderen en post-doc-posities bekleden om alleen maar te ontdekken wat de belangrijke vragen zijn. Het is moeilijk. Daar is geen twijfel over. Een voorbeeld: de zoektocht naar het Higgsdeeltje. Vraag aan 10 mensen op straat of ze het waardevol vinden om miljarden Zwitserse franken te besteden om het Higgsdeeltje te zoeken. Ik wed dat dit het antwoord zal zijn: "Ik weet niet wat het Higgsdeeltje is en ik weet niet of het belangrijk is." Waarschijnlijk weten de meeste mensen niet eens wat de waarde van de Zwitserse frank is. Toch besteden we miljarden Zwitserse frank aan dit probleem. Dit motiveert mensen niet om zich voor wetenschap te interesseren want ze snappen niet waarover het gaat. SETI, in tegenstelling, is eigenlijk heel simpel. We gaan grote antennes gebruiken en proberen signalen af te luisteren. Iedereen begrijpt dat. Technisch is het allemaal heel geavanceerd, maar iedereen snapt het idee erachter. Het is ook fascinerende wetenschap, want we zijn van nature geïnteresseerd in andere intelligente wezens. Zo zitten we in elkaar. We zijn zo gemaakt dat we geïnteresseerd zijn in andere wezens of zo je wilt, in concurrenten, of als je romantisch bent aangelegd: misschien zelfs partners. Dat is vergelijkbaar met onze interesse in dingen die grote tanden hebben. We zijn geïnteresseerd in dingen met grote tanden. Daarvan zie je de evolutionaire waarde in. Je kunt ook de praktische betekenis ervan zien door naar Animal Planet te kijken. Je zult zien dat ze erg weinig programma's maken voor woestijnratten. Het gaat meestal over dingen die grote tanden hebben. We zijn gewoon geïnteresseerd in dat soort dingen. Ook onze kinderen. Zo kan je het doorgeven door dit onderwerp te gebruiken als een ingang voor de wetenschap, want SETI omvat allerlei takken van wetenschap natuurlijk biologie, uiteraard astronomie, maar ook geologie, scheikunde, verschillende wetenschappelijke disciplines, die allemaal aan de orde komen onder het mom van "Wij zoeken naar E.T." Voor mij is dit interessant en belangrijk. Het is mijn beleid. Ik geef veel lezingen aan volwassenen maar twee dagen later ben je weer terug bij af. Als je een lezing geeft aan kinderen, gaat er lampje af bij één op de 50 die denkt: "Tjonge, daar had ik nooit aan gedacht," en daarna lezen ze een boek of een tijdschrift of zo. Ze raken ergens in geïnteresseerd. Dit is mijn theorie, alleen ondersteund door persoonlijke anekdotes. Zo'n kind raakt geïnteresseerd ergens tussen de leeftijd van 8 tot 11. Dus op die leeftijd moet je ze hebben. Het geven van lezingen aan volwassenen is prima, maar ik probeer om zo'n 10 procent van de lezingen die ik geef, aan en voor kinderen te geven. Ik herinner me dat een man naar onze middelbare school kwam, eigenlijk de bovenbouw van de basisschool, en ik zat in groep 6. Hij gaf een lezing. Alles wat ik me daarvan herinner was één woord: elektronica. Het was net als Dustin Hoffman in ‘The Graduate’, toen hij 'plastic' zei, wat dat ook moge betekenen. Die man zei: ‘elektronica’. Ik herinner me niets anders. Sterker, ik herinner me niets van wat mijn leraar in groep 6 het hele jaar heeft gezegd, maar ik herinner me 'elektronica'. Vandaar mijn interesse voor elektronica. Ik studeerde om mijn radioamateur-licentie te krijgen. Ik knutselde aan elektronica. Hier ben ik ongeveer 15, al knutselend. Het had dus een groot effect op mij. Dat is mijn punt: je kan een grote impact hebben op deze kinderen. Een paar jaar geleden gaf ik een lezing op een school in Palo Alto. Er waren ongeveer 12 kinderen van 11 jaar die kwamen luisteren. Ik kwam voor een lezing van een uur. Elfjarigen, die in een halve cirkel om mij heen zaten en naar me keken met grote ogen. Ik begon, er stond een whiteboard achter mij. Ik schreef een 1 met 22 nullen erachter en zei: "Kijk, dit is het aantal sterren in het zichtbare heelal, en dit getal is zo groot dat er niet eens een naam voor bestaat." Eén van deze kinderen stak zijn hand op en zei: "Er is eigenlijk wel een naam voor. Het is sextra-quadra-hexa of zoiets." Het kind zat er naast met een orde grootte van 4, maar er was geen twijfel mogelijk: deze kinderen waren slim. Ik stopte met mijn lezing. Ze wilden enkel vragen stellen. Als laatste zei ik tegen hen: "Jullie zijn slimmer dan de mensen waar ik mee werk." (Gelach) Dat interesseerde ze verder niet. Zij wilden alleen mijn e-mailadres om nog meer vragen te stellen. (Gelach) Mijn werk is een privilege want we leven in een bijzondere tijd. Eerdere generaties konden deze experimenten absoluut niet doen. In een van de volgende generaties zullen we erin slagen. Voor mij is het een privilege. En als ik in de spiegel kijk, zie ik eigenlijk niet mijzelf. Ik zie de generatie hier achter mij: dit zijn een paar kinderen van de Huff-school, groep 4. Ik sprak daar zo'n twee weken geleden. Als je enige interesse in wetenschap kunt wekken, en hoe het werkt, loont het de moeite, meer dan je ooit kunt meten. Dank u wel. (Applaus)
You can share this video by copying this HTML to your clipboard and pasting into your blog or web page. This video will play with subtitles.
You either have JavaScript turned off or have an old version of the Adobe Flash Player. To view this rating widget you
need to get the latest Flash player.
If your browser allows only "trusted sites" to execute Javascript, you should add the "googleapis.com" domain to your whitelist to allow our Flash detection to work properly.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation.
SETI-onderzoeker Seth Shostak wed dat we buitenaards leven zullen vinden binnen de komende 24 jaar, of hij trakteert op een kop koffie. Tijdens TEDxSanJoseCA, legt hij uit waarom nieuwe technologieën en kansberekeningswetten een doorbraak zo waarschijnlijk maken. Hij voorspelt hoe de ontdekking van een samenleving die veel geavanceerder is dan de onze ons hier op Aarde zou beïnvloeden. (Gefilmd op TEDxSanJoseCA.)
Seth Shostak is an astronomer, alien hunter and bulwark of good, exciting science. Full bio »
Translated into Dutch by Elizabeth De Grave
Reviewed by Christel Foncke
Comments? Please email the translators above.
18:51 Posted: Oct 2011
Views 471,377 | Comments 160
14:37 Posted: Nov 2011
Views 627,684 | Comments 156
14:16 Posted: Nov 2011
Views 905,548 | Comments 128
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign Out.