Bedankt voor jullie komst. Ik zeg dat, omdat ik 17 jaar lang heb gezwegen. De eerste woorden daarna sprak ik in Washington DC, op de 20ste Dag van de Aarde. Mijn familie en vrienden waren gekomen om me te horen spreken. En ik zei, "Bedankt voor jullie komst." Mijn moeder, die in het publiek zat, sprong op, "Hallelujah, Johnny praat weer!"
Denk je eens in dat je 17 jaar hebt gezwegen en je moeder zat daar in het publiek. Mijn vader zei tegen me, "Dat is één"-- ik zal dat nog uitleggen. Maar ik draaide me om, want ik wist niet waar mijn stem vandaan kwam. Ik had mijn stem in geen 17 jaar gehoord. Dus keek ik zoekend om en ik zei, "Mijn God, wie zegt daar wat ik denk?" Toen realiseerde ik me dat ik het zelf was en ik moest een beetje lachen. Ik zag mijn vader denken -- "Ja hoor, hij is beslist gek." Zo, dan wil ik jullie nu meenemen op mijn reis. Een reis die volgens mij een metafoor is voor al onze reizen. En dus, hoewel deze vrij ongewoon is, moeten jullie eens nadenken over je eigen reis.
Mijn reis begon in 1971, toen ik zag hoe twee olietankers op elkaar botsten onder de Golden Gate brug en meer dan 2 miljoen liter olie de baai vervuilde. Het verontrustte me zo erg, dat ik besloot om me niet langer te verplaatsen in gemotoriseerde voertuigen. Daarmee val je wel op in Californië. Dus ook in het plaatsje waar ik woonde, Point Reyes Station, in Inverness, Californië, want er woonden daar 's winters misschien maar 350 mensen - ik heb 't nu wel over 1971. Dus toen ik daar begon rond te wandelen -- de mensen wisten precies wat er speelde -- kwamen ze naast me rijden en zeiden, "John, waar ben jìj mee bezig?" En ik zei; "Nou, ik loop voor het milieu." En zij zeiden, "Nee, je doet 't om ons zwart te maken, hè? Om ons een schuldgevoel te geven." Misschien was dat ook wel 'n beetje waar, want ik dacht dat als ik ging lopen, iedereen mijn voorbeeld wel zou volgen, Vanwege de olie had iedereen het over de vervuiling. Dus was ik daarover eindeloos in discussie met mensen. Ik belde mijn ouders op. Ik zei, "Ik rijd niet langer in auto's." Mijn vader zei, "Waarom heb je dat niet op je 16de gedaan?"
Toen had ik nog geen idee van het milieu. Zij woonden in Philadelphia. Ik zei tegen mijn moeder, ''En toch ben ik echt gelukkig, hoor." Ze zei, "Jongen, als je zo gelukkig was zou je 't niet hoeven zeggen." Zo zijn moeders.
Toen besloot ik op mijn 27ste verjaardag, omdat ik zoveel bezig was met discussiëren en praten, dat ik voor één enkele dag zou stoppen met spreken, een adempauze in te lassen. Dus dat deed ik. Ik stond 's morgens op en zei geen woord. Ik moet je zeggen, dat was een zeer ontroerende ervaring, want voor 't eerst sinds lange tijd begon ik te luisteren. Wat ik hoorde maakte me nogal in de war. Want wat ik altijd deed, als ik dacht dat ik luisterde, was dat ik net genoeg luisterde om te horen wat mensen te zeggen hadden en omdat ik dacht te weten wat ze gingen zeggen, hield ik dus op met luisteren. In mijn hoofd holde ik als het ware vooruit en was al bezig met wat ik terug zou gaan zeggen, terwijl zij nog aan het afronden waren. Dan stak ik van wal. Nou, dat was dan het einde van de communicatie.
Dus op deze eerste dag luisterde ik zowaar en ik werd er heel verdrietig van, want ik begreep dat ik in heel veel jaren niet had bijgeleerd. Ik was 27. Ik dacht dat ik alles wist. Dus niet. Dus besloot ik het nog maar een dag te doen en nog een dag en nog een dag, tot ik mezelf uiteindelijk beloofde om een jaar lang te zwijgen, want ik begon steeds meer te leren en ik moest nòg meer leren. Dus zei ik dat ik een jaar lang zou zwijgen en dan, op mijn verjaardag, zou overzien wat ik had geleerd en misschien weer zou gaan praten. Nou, dat duurde dus 17 jaar.
In die 17 jaar liep ik en speelde banjo, ik schilderde en hield mijn dagboek bij en ik probeerde het milieu te bestuderen door het lezen van boeken. En ik besloot om naar school te gaan. Dus dat deed ik. Ik liep naar Ashland in Oregon, waar je een graad in milieuwetenschappen kon halen. Dat is maar zo'n 800 kilometer. En ik liep het registratie-bureau binnen en... Wat, wat, wat? Ik had een krantenknipsel bij me. Oh, dus je wilt hier echt naar school gaan? Wil je niet...? We hebben een speciaal programma voor je. Dat was zo. In twee jaar haalde ik mijn eerste graad -- een bachelor's. Mijn vader kwam ervoor over, hij was zo trots. Hij zei, "Hoor eens jongen, we zijn echt trots op je, maar wat moet je met een bachelor's graad? Je rijdt geen auto, je praat niet, die dingen moet je toch gaan doen."
Ik kromde mijn schouders, nam mijn rugzak weer op en ik begon te lopen. Ik liep het hele eind naar Port Townsend in Washington, bouwde er een houten boot en roeide ermee de Puget Sound over. Liep door Washington, Idaho en zuidelijk naar Missoula in Montana. Twee jaar daarvoor had ik de Universiteit van Montana geschreven dat ik daar graag naar school wilde gaan. Ik zei dat ik er over ongeveer twee jaar zou zijn.
En ik was er. Twee jaar later stond ik op de stoep. Ik vertel dit verhaal, omdat ze me echt hebben geholpen. Er speelden twee zaken in Montana. De eerste is dat ik geen geld had -- dat is een gebaar dat ik vaak maakte. Ze zeiden: "Maak je daar niet druk over." De programmaleider zei: "Kom morgen maar terug." Hij gaf me 150 dollar en zei: "Schrijf je in voor één vak. Je bent toch van plan naar Zuid-Amerika te gaan?" En ik zei -- Rivieren en meren, de hydrologische systemen, Zuid-Amerika. Dus dat deed ik. Hij kwam weer terug en zei tegen me, "OK John, nu je je hebt ingeschreven voor dat ene vak krijg je de sleutel van een kantoor. Je bent toegelaten als student dus kun je de bibliotheek gebruiken. We gaan zorgen dat alle professoren je hun lessen gaan laten bijwonen, ze gaan je graad voor je vasthouden en als we hebben bedacht hoe we je de rest van het geld kunnen bezorgen, kun je je inschrijven voor dat vak en krijg je je graad." Wow, dat doen ze normaal niet op universiteiten, geloof ik. Maar ik haal dit verhaal aan, omdat ze me echt wilden helpen. Ze zagen dat het milieu me echt interesseerde en ze wilden me daarin graag op weg helpen.
Tijdens mijn studie gaf ik zowaar zelf les, zonder te spreken. Er zaten 13 studenten toen ik voor het eerst de klas in kwam en samen met een vriend, die mijn gebaren in woorden vertaalde, legde ik uit dat ik John Francis was, dat ik over de wereld liep, dat ik niet sprak en dat dit de laatste keer was dat deze persoon hier zou zijn om voor mij te vertalen. De hele kring studenten om mij heen deed...
Ik zag dat ze naar hun rooster zochten om te kijken wanneer ze weg konden. Ze waren verplicht mijn les te volgen. Twee weken later probeerden ze allemaal in onze klas te komen.
In die klas heb ik geleerd -- omdat ik bij voorbeeld zo iets deed... en dan stonden ze allemaal om me heen en zeiden, "Wat bedoelt hij nou?" "Ik weet 't niet. Ik geloof dat hij 't over boskappen heeft. Ja, kappen." "Nee, dat is geen kappen, hij gebruikt een zaag. "Maar je kunt toch niet kappen met een..." "Jawel, dat kan wel..." "Nee, ik denk dat hij het heeft over selectieve bosbouw." Dit was dus een discussie-les en we hadden een discussie. Ik bleef daar buiten en zorgde alleen dat ze elkaar niet de hersens insloegen. Maar wat ik ervan leerde was dat ik soms een gebaar maakte en dat zij dan dingen zeiden die ik absoluut niet bedoelde, maar wel had moèten bedoelen. Dus maakte ik eruit op dat als je leraar bent en je geeft wel les, maar je steekt er zelf niets van op, dat je dan waarschijnlijk niet zo goed hebt lesgegeven. En dus ging ik door.
Mijn vader kwam over voor mijn afstuderen, dat ging volgens het boekje en mijn vader zei, "We zijn echt trots op je, jongen, maar..." Hoe het verder ging weten jullie. Hij zei, "Je moet weer gaan autorijden en praten. Wat heb je anders aan een master's graad?" Ik kromde mijn schouders, pakte mijn rugzak en vertrok naar de Universiteit van Wisconsin.
Daar schreef ik twee jaar lang over olievervuiling. Niemand had daar interesse in. Maar toen gebeurde er iets -- Exxon Valdez. En ik was de enige in de V.S. die schreef over olievervuiling. Mijn vader kwam weer over. Hij zei, "Ik weet niet hoe je 't voor elkaar krijgt, jongen. Ik bedoel, je rijdt geen auto, je praat niet. Mijn zuster zei dat ik je misschien beter met rust kan laten, want je schijnt veel meer te bereiken wanneer je niets zegt."
En zo pakte ik mijn rugzak en mijn banjo weer op, liep het hele eind naar de Oostkust en stond in de Atlantische Oceaan. Het kostte me zeven jaar en een dag om de V.S. te voet te doorkruisen.
De twintigste Dag van de Aarde, in 1990, was de dag dat ik begon te spreken. Daarom zei ik aan het begin, "Bedankt voor jullie komst." Want het is ongeveer als met die boom die omvalt in het bos, als er niemand is om het te horen -- maakt dat dan eigenlijk geluid? En ik bedank jullie en ik bedank mijn familie, want zij moesten naar me toe komen om me te horen spreken. Dat is communicatie. Ze leerden me ook wat luisteren is -- door naar mij te luisteren. Dat is een van die dingen die uit de stilte tevoorschijn kwamen, het naar elkaar luisteren. Echt, heel belangrijk -- we moeten naar elkaar luisteren. En zo ging mijn reis weer door. Mijn vader zei: "Dat is een" en ik hield dat nog steeds vast.
Ik werkte voor de Kustwacht en werd benoemd tot Goodwill Ambassadeur van de V.N. Ik schreef reglementen voor de V.S. -- Ik bedoel, reglementen voor de olievervuiling. Als iemand 20 jaar geleden tegen me had gezegd, "John, wil jij werkelijk een verschil maken?" "Ja, ik wil een verschil maken." "Begin dan maar met naar het Oosten te lopen, stap uit je auto en loop gewoon de kant van het Oosten op." Terwijl ik begon te lopen: "Oh ja, en hou ook gelijk maar je mond dicht.
Daar ga jij een verschil mee maken, vriend." Hoe zou dat nou toch kunnen? Hoe zou je met zoiets simpels als lopen en niet praten een verschil kunnen maken?
Nou, bij de Kustwacht had ik echt een fijne tijd. Daarna -- ik werkte er maar een jaar -- zei ik: "Zo is het genoeg, een jaar is genoeg voor mij." Ik ging aan boord van een zeilboot, zeilde naar de Carriben en liep over alle eilanden en naar Venezuela. Ik vergeet jullie nog het belangrijkste te vertellen, namelijk: waarom ik weer begon te praten. Ik begon te praten omdat ik milieukunde had gestudeerd op een formeel niveau, maar er was ook een informeel niveau. Op dat informele niveau leerde ik over mensen, over wat we doen en hoe we zijn. Het milieu ging niet meer alleen over bomen en vogels en bedreigde diersoorten, maar over onze omgang met elkaar. Want als we zelf het milieu zijn, dan hoeven we alleen maar om ons heen te kijken om te zien hoe we met onszelf en elkaar omgaan. Dat is de boodschap die ik had. En ik zei, "Die zal ik moeten verspreiden." Ik stapte in mijn zeilboot, zeilde 't hele eind door de Carriben -- het was niet echt mijn boot, ik deed wat werk aan boord -- kwam aan in Venezuela en begon te lopen.
Dit is het laatste deel van dit verhaal, want zo ben ik hier gekomen, omdat ik nog steeds niet reed in gemotoriseerde voertuigen. Ik liep door El Dorado -- een stad met een bekende gevangenis, of een beruchte gevangenis -- in Venezuela en ik weet niet wat me bezielde, want dit was niets voor mij. Ik loop voorbij de wachtpoort en de bewaker houdt me aan en zegt, "Pasaporte, pasaporte," en met een M16 op me gericht. Ik kijk hem aan en zeg: "Paspoort? huh, ik hoef u mijn paspoort niet te laten zien, het zit achter in mijn rugzak. "Ik ben Dr. Francis, ik ben V.N. Ambassadeur en ik loop de wereld rond." En ik liep door. Wat bezielde me om dat te zeggen? De weg draaide de jungle in. Ik werd niet neergeschoten. Ik zei tegen mezelf: eindelijk vrij, Godzijdank, eindelijk ben ik vrij. Wat was dit nou, vroeg ik me af, waar ging dit over?
Ik had er 160 kilometer voor nodig om er achter te komen dat ik, diep in mijn hart, een gevangene was geworden. Ik was een gevangene en ik moest ontsnappen. Mijn gevangenis was het feit dat ik geen auto reed of gebruik maakte van gemotoriseerde voertuigen. Hoe was dat nou mogelijk? In het begin leek het heel logisch om geen gemotoriseerde voertuigen te gebruiken. Maar wat er anders aan was, was dat ik op mijn verjaardag altijd vraagtekens zette bij mijn zwijgen, maar nooit bij mijn besluit om alles lopend te doen. Ik had geen idee dat ik ambassadeur van de V.N. zou worden. Ik had geen idee dat ik een doctorstitel zou halen.
Dus realiseerde ik me dat mijn verantwoordelijkheid niet alleen mezelf betrof en dat ik zou moeten veranderen. Je weet wel: we kunnen het! Ik zou moeten veranderen en ik was er bang voor, want ik was zo gewend aan die vent die alleen maar liep. Ik was zo gewend aan die persoon dat ik er niet mee wilde stoppen. Ik wist niet wie ik zou zijn als ik veranderde. Maar ik wist dat het moest. Ik wist dat ik moest veranderen, want het zou de enige manier zijn om vandaag hier te kunnen zijn. Ik weet dat we onszelf heel vaak op een prachtige plek terecht zien komen, terwijl een andere plek op ons wacht. We moeten de veiligheid loslaten van wie we zijn geworden en op weg gaan naar wie we gaan worden. Ik wil jullie aanmoedigen om naar die volgende plek te gaan. om jezelf te bevrijden uit elke gevangenis waarin je wellicht zit, hoe comfortabel die ook is, want we moeten nu iets doen. We moeten nu veranderen. Zoals onze vroegere vice-president zei, we moeten activisten worden. Dus als mijn stem je iets doet, als mij acties iets met je doen, als mijn aanwezigheid hier je raakt, doe er dan iets mee. Ik weet dat jullie allen mij hebben geraakt terwijl ik hier was.
Dus, laten we de wereld intrekken en deze betrokkenheid, deze liefde, dit respect dat we elkaar hebben laten zien hier bij TED, uitdragen in de wereld. Want wij zijn het milieu en hoe we met elkaar omgaan is eigenlijk hoe we met het milieu zullen omgaan. Dus wil ik jullie bedanken voor je aanwezigheid en eindigen met vijf seconden stilte.
You can share this video by copying this HTML to your clipboard and pasting into your blog or web page. This video will play with subtitles.
You either have JavaScript turned off or have an old version of the Adobe Flash Player. To view this rating widget you
need to get the latest Flash player.
If your browser allows only "trusted sites" to execute Javascript, you should add the "googleapis.com" domain to your whitelist to allow our Flash detection to work properly.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation.
Al bijna dertig jaar reist John Francis over de aarde, te voet en per boot, met een boodschap van respect en verantwoordelijkheid voor het milieu (en 17 van die 30 jaar zonder te spreken). Een geestige talk om over na te denken, met banjo-begeleiding.
John Francis walks the Earth, carrying a message of careful, truly sustainable development and respect for our planet. Full bio »
Translated into Dutch by Janneke Meijntjes-Lok
Reviewed by Axel Saffran
Comments? Please email the translators above.
18:36 Posted: Jun 2006
Views 684,154 | Comments 165
35:28 Posted: Jan 2008
Views 392,358 | Comments 85
17:36 Posted: Sep 2007
Views 223,907 | Comments 144
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign Out.