Follow TED
Be the first to know about new TEDTalks, TED news and other announcements.
Click on any phrase to play the video from that point.
De verhalen die we vertellen over elkaar zijn erg belangrijk. Hoe we elkaar over ons eigen leven vertellen is belangrijk. En vooral, denk ik dat de manier waarop we deelnemen aan elkaars verhalen van groot belang is. Ik was zes jaar toen ik voor het eerst verhalen hoorde over de arme mensen. Nu hoorde ik deze verhalen niet van die arme mensen zelf, ik hoorde ze van een zondagsschoolleraar en van Jezus, een beetje via mijn zondagsschoolleraar. Ik herinner me dat arme mensen behoefte hadden aan iets stoffelijks -- voedsel, kleding, onderdak -- dat ze niet hadden. En daaraan gekoppeld, werd mij ook geleerd dat het mijn taak was -- deze klas met vijf- en zesjarige kinderen -- het was kennelijk onze taak om te helpen. Dit is wat Jezus ons vroeg. En toen zei hij: "Wat je doet voor de minsten, doe je voor mij." Toen was ik aardig verward. Ik was erg gretig om nuttig te zijn in de wereld. Ik denk dat we dat gevoel allemaal kennen. En het was ook nogal interessant dat God hulp nodig had. Dat was nieuw voor mij, en ik voelde dat het heel belangrijk was om daar aan mee te doen.
Maar ik leerde kort daarna ook dat Jezus ook zei, en ik parafraseer, de armen zullen altijd bij ons zijn. Dit frustreerde en verwarde me. Dit voelde alsof ik huiswerk had gekregen dat ik moest doen en ik leuk vond om te doen, maar waarin ik hoe dan ook niet zou slagen. Dus ik voelde me in verwarring, een beetje gefrustreerd en boos, en ik dacht dat ik misschien iets niet goed begrepen had. En ik voelde me overweldigd. En voor het eerst werd ik bang van die groep mensen en om negatieve gevoelens te hebben over een hele groep mensen verbeeldde ik mij een lange rij mensen die nooit weg zouden gaan, die altijd bij ons zouden blijven. Ze zouden me altijd blijven vragen om hulp en om dingen te geven, wat ik graag wilde doen, maar ik wist niet hoe dat moest. Ik wist niet wat er zou gebeuren als de dingen om te geven opraakten, vooral als het probleem nooit zou verdwijnen. In de jaren die volgden, waren andere verhalen die ik hoorde over opgroeien in armoede niet positiever. Ik zag bijvoorbeeld regelmatig foto's en afbeeldingen van verdriet en leed. Ik hoorde over dingen die verkeerd gingen in de levens van de armen. Ik hoorde over ziekte. Ik hoorde over oorlog. Die altijd met elkaar te maken leken te hebben. En in het algemeen begon ik te denken dat de armen in de wereld een leven leidden dat aaneenhing van leed en verdriet, verwoesting, hopeloosheid.
En na een tijdje ontwikkelde ik, net als veel anderen, deze voorspelbare reactie, dat ik me telkens slecht voelde als ik over ze hoorde. Ik begon me schuldig te voelen over mijn eigen relatieve weelde, omdat ik kennelijk niet meer deed om hun lot te verbeteren. En ik schaamde me er zelfs voor. Met als gevolg dat ik afstand nam. Ik luisterde niet meer zo betrokken naar hun verhalen als van tevoren. En ik verwachtte niet langer dat er echt iets zou veranderen. Ik gaf nog steeds. Van buiten leek het of ik nog erg betrokken was. Ik gaf mijn tijd en mijn geld. Ik gaf als er oplossingen te koop waren. Voor de prijs van een kopje koffie kon ik een kind redden, toch. Wie geeft me daarin ongelijk? Ik gaf als ik voor het blok stond, als het moeilijk te vermijden was, en ik gaf als ik voldoende negatieve gevoelens had opgebouwd om mijn eigen lijden te verlichten, niet dat van iemand anders. Om eerlijk te zijn, gaf ik daarom, niet uit een oorspronkelijk gevoel van hoop en opwinding om te helpen en uit gulheid. Het werd een transactie voor mij, werd een soort handel. Ik kocht iets. Ik kocht mijn recht om verder te gaan met mijn dag en niet meer geplaagd te worden door dit slechte nieuws. En ik denk soms dat de manier waarop we daarmee doorgaan vooral een groep mensen kan afdanken, mensen in de wereld om ons heen. En het kan veranderen in handelswaar, wat erg eng is. Dus wat ik deed, zoals velen van ons, we kopen onszelf als het ware afstand, en we kopen het recht om met ons leven door te gaan. Ik denk dat deze wisseltruc dat wat we het liefste willen, kan hinderen. Het kan in de weg staan van ons verlangen om echt van betekenis en nut te zijn in het leven van een ander, kortom, om lief te hebben.
Gelukkig werd het een paar jaar geleden allemaal anders voor mij toen ik deze man, Dr. Muhammad Yunus, hoorde spreken. Ik weet dat velen in de zaal precies weten wie hij is, maar om een introductie te geven aan iedereen die hem niet heeft horen spreken, Dr. Yunus won een paar jaar geleden de Nobelprijs voor de vrede voor zijn pionierswerk in moderne microfinanciering. Ik hoorde hem drie jaar daarvoor spreken. Maar in principe is microfinanciering -- als dit ook nieuw voor u is -- iets als financiële dienstverlening voor de armen. Denk aan alle zaken die u met uw bank doet en stel u die producten en diensten voor op maat gesneden voor iemand die leeft van een paar dollar per dag. Dr. Yunus vertelde zijn verhaal, legde uit wat het was, en wat hij gedaan had met zijn Grameen Bank. Hij praatte in het bijzonder ook over microkredieten, wat een piepkleine lening is die iemand kan helpen om een zaak te starten of te laten groeien. Toen ik hem hoorde spreken, was dat opwindend om een aantal redenen. Als eerste leerde ik over deze nieuwe manier van verandering die me eindelijk misschien een manier liet zien om met iemand in contact te zijn en om te geven, iets te delen op een manier die niet raar is en me geen slecht gevoel gaf. Dat was opwindend. Maar belangrijker, hij vertelde verhalen over arme mensen die anders waren dan alle verhalen die ik eerder had gehoord. In feite was armoede een bijzaak van de mensen waar hij over sprak. Hij sprak over sterke, slimme, hardwerkende ondernemers die elke dag wakker werden om dingen te doen die hun leven en dat van hun familie verbeterden. Het enige dat ze nodig hadden om dit sneller voor elkaar te krijgen was een klein beetje kapitaal. Het was een geweldig inzicht voor mij.
En in feite was ik hierdoor zo diep geraakt, het is moeilijk om uit te drukken hoe hard het me getroffen heeft, maar ik was zo geraakt dat ik een paar weken later ontslag nam, en verhuisde naar Oost-Afrika om zelf te zien waar het om ging. Eigenlijk voor het eerst in een lange tijd wilde ik die mensen ontmoeten, ik wilde deze ondernemers ontmoeten, en zelf zien waar hun leven om draaide. Dus ik verbleef drie maanden in Kenia, Uganda en Tanzania om ondernemers te interviewen die 100 dollar hadden gehad om een zaak te starten of uit te breiden. En door deze ontmoetingen begon ik in feite voor het eerst bevriend te raken met sommige van deze mensen in die grote amorfe groep daar die ver weg hoorde te zijn. Ik werd vrienden en leerde hun persoonlijke verhalen kennen. En telkens weer, als ik ze interviewde en tijd met hen doorbracht, hoorde ik verhalen over veranderde levens en de verbazingwekkend kleine details van de verandering.
Dus ik kreeg te horen van geitenhoeders die het ontvangen geld hadden gebruikt om een paar geiten bij te kopen. Hun bedrijfsvooruitzichten zouden veranderen. Ze konden een klein beetje meer verdienen. Hun levensstandaard zou verschuiven en verbeteren. En ze konden interessante kleine aanpassingen in hun leven maken, zoals hun kinderen naar school sturen. Ze zouden muskietennetten kunnen kopen. Misschien konden ze een slot op de deur kopen om zich veilig te voelen. Misschien was het maar dat ze suiker in hun thee konden doen en me dat aanbieden als ik op bezoek was waar ze trots op waren. Er waren mooie details, al sprak ik soms met 20 geitenhoeders achter elkaar, dat gebeurde op sommige dagen -- deze mooie details over de verandering in hun leven die van betekenis waren voor hen. Dat was iets anders dat me echt raakte. Het was echt vernederend om voor de eerste keer te zien, om echt te begrijpen dat, zelfs als ik met een toverstokje alles op had kunnen lossen, ik waarschijnlijk veel verkeerd had gedaan. Want de beste manier voor mensen om hun leven te veranderen is om de controle te houden, op een manier die het beste voor hen is. Dus ik zag dat en het maakte me bescheiden.
Maar goed, nog wat interessants gebeurde toen ik daar was. Ik ben niet één keer om een gift gevraagd, wat eigenlijk mijn manier van doen was. Waar armoede is, geef je geld om te helpen. Niemand vroeg me om geld. Helemaal niemand wilde zelfs dat ik me slecht voelde om hen. Ze wilden alleen in staat zijn om meer te doen van wat ze als deden en voortbouwen op hun eigen capaciteiten. Wat ik af en toe hoorde, was dat mensen een lening wilden -- dat klonk voor mij erg redelijk en echt geweldig. En mijn hoofdvakken op school waren filosofie en poëzie, dus ik wist weinig van financiën toen ik naar Oost-Afrika vertrok. Ik had alleen de indruk dat geld zou kunnen werken. En mijn introductie in het zakenleven lag in deze kleine kapitaalinjecties van $100. En ik leerde over winst en opbrengst, over hefboomwerking, allerlei dingen, van boeren, van naaisters, van geitenhoeders. Het idee dat deze nieuwe verhalen over zaken en hoop gedeeld moesten worden met mijn vrienden en familie, en misschien konden we daardoor aan het geld komen dat zij nodig hadden om hun bedrijven te kunnen voortzetten met leningen, dat is het kleine idee dat uitdraaide op Kiva.
Een paar maanden later ging ik terug naar Uganda met een digitale camera en een simpele website die mijn partner Matthew en ik hadden gebouwd, en ik nam foto's van zeven van mijn nieuwe vrienden, plaatste hun verhalen, over ondernemerschap, op de website, spamde vrienden en familie en zei: "We denken dat dit legaal is. We hebben nog niks teruggehoord van de SEC over alle details, maar willen jullie hieraan meedoen, zorgen voor het geld dat zij nodig hebben?" Het geld was de volgende dag al binnen. We stuurden het naar Uganda. En in de zes maanden daarna, gebeurde er iets moois; de ondernemers ontvingen het geld, ze werden betaald, en hun bedrijfjes groeiden, en ze konden zichzelf onderhouden en hun levensloop veranderen. In oktober 2005, nadat die eerste zeven leningen betaald waren, haalden Matt en ik het woordje beta van de site af. We zeiden: "Ons experimentje is een succes geworden. Laten we nu in het echt beginnen." Dat was de officiële start. En dat eerste jaar, van oktober 2005 tot 2006, faciliteerde Kiva $ 500.000 aan leningen. Het tweede jaar was het totaal 15 miljoen. Het derde jaar lag het totaal rond de 40. Het vierde jaar net iets minder dan 100. En vandaag, in minder dan vijf jaar, heeft Kiva meer dan 150 miljoen dollar gefaciliteerd, in stukjes van $25, van uitleners en ondernemingen -- meer dan een miljoen, gezamenlijk uit 200 landen.
Dat is waar Kiva vandaag is, om u weer terug te brengen naar het heden. Het is plezierig om over die cijfers en statistieken te praten, en ze zijn interessant, maar voor mij gaat Kiva meer over de verhalen. Het gaat over het doorvertellen van het verhaal van arme mensen, en het gaat erom onszelf een gelegenheid te geven ons te verbinden, die hun waardigheid bevestigt, die een partnerschaprelatie bevestigt, geen relatie die gebaseerd is op het traditionele soort donor-begunstigde-bevreemding die kan gebeuren. In plaats daarvan een relatie die respect kan bevorderen en ook hoop en optimisme dat we samen vooruit kunnen komen. Dus wat ik hoop is dat niet alleen het geld door blijft stromen via Kiva -- dat is heel positief en betekenisvol -- maar ik hoop dat Kiva de scheidslijnen kan vervagen tussen de traditioneel rijke en arme categorieën die we hebben leren kennen in de wereld, deze valse tweedeling tussen wij en zij, bezit en bezitloos. Ik hoop dat Kiva die lijnen kan vervagen. Want, als dat gebeurt, denk ik dat we ons vrij kunnen voelen om contact te hebben op een manier die opener is, rechtvaardiger en creatiever, om met elkaar om te gaan en elkaar te helpen.
Denk je in hoe je je voelt als je iemand op straat ziet bedelen en je ze tegemoet loopt. Stel je voor hoe het voelt. En stel je dan het verschil voor als je iemand ziet met een verhaal over ondernemerschap en hard werken die je over hun bedrijf wil vertellen. Misschien lachen ze en willen ze met je praten over wat ze gedaan hebben. Stel je voor dat je praat met iemand die dingen laat groeien en bloeien, mensen die hun talenten gebruiken om iets productiefs te doen, mensen die hun eigen zaak van de grond af hebben opgebouwd, iemand die is omgeven door overvloed, geen schaarste, die in feite de overvloed zelf maakt, iemand met volle handen die iets aanbieden, geen lege handen die je vragen om hen iets te geven. Stel je voor dat je een onverwacht verhaal zou kunnen horen van iemand die elke dag wakker wordt en heel, heel hard werkt om zijn leven te verbeteren. Deze verhalen kunnen de manier waarop wij over elkaar denken veranderen. En als wij een ondersteunende gemeenschap kunnen katalyseren om deze mensen tegemoet te komen en aan hun verhaal deel te nemen door een beetje geld uit te lenen, kan dat de manier waarop we in elkaar geloven veranderen en in elkaars potentieel.
Voor mij is Kiva pas het begin. En als ik vooruit kijk naar wat volgt, is het nuttig om na te denken over de dingen die ik tot dusver heb geleerd. Het eerste: ondernemerschap was een nieuw concept voor mij. Kiva-ontleners, die ik de laatste jaren interviewde en heb leren kennen, hebben me geleerd wat ondernemerschap is. En de kern is, te besluiten dat je een beter leven wilt. Je ziet een kans, en je besluit wat je gaat doen om die te pakken. Kortom, het is besluiten dat morgen beter kan zijn dan vandaag en daar naar handelen. Ik heb geleerd dat leningen een middel zijn om te verbinden. Het zijn geen donaties. Misschien klinkt het niet heel anders. Maar als je iets geeft aan iemand en ze zeggen "Dank je wel", en laten je weten hoe het gaat, is dat al iets. Als je ze geld leent en ze betalen je langzaam terug na verloop van tijd, dan heb je een excuus om de dialoog voort te zetten. Deze voortgezette aandacht, deze doorlopende aandacht, is een belangrijk doel om verschillende soorten relaties tussen ons op te bouwen. En ten derde, wat ik hoorde van de ondernemers die ik heb leren kennen, als alles verder gelijk is, als de keuze is tussen alleen het geld om te doen wat je wilt, of het geld plus de steun en aanmoediging van een wereldwijde gemeenschap, dan kiezen mensen voor de gemeenschap plus het geld. Dat is een combinatie met meer betekenis, een krachtiger combinatie.
Dus met dat in gedachten, heeft dit specifiek voorval geleid tot de dingen waarmee ik me nu bezighoud. Ik zie nu overal ondernemers, nu ik erop let. En wat ik heb gezien is dat er al een hoop ondersteunende gemeenschappen bestaan. Met sociale netwerken, is het een geweldige manier, groeit het aantal mensen die we om ons heen hebben razendsnel in ondersteunende gemeenschappen. En dus, wat ik hierover heb bedacht, Ik vroeg me af: hoe kunnen we deze gemeenschappen gebruiken om nog meer ondernemende ideeën voort te brengen en om ons allemaal te katalyseren om morgen beter dan vandaag te maken? Toen ik heb onderzocht wat er aan de hand is in de Verenigde Staten, kwamen er een paar interessante inzichten in me op. Een is dat, zoals we allemaal kunnen verwachten, veel kleine bedrijfjes in de VS en over de hele wereld hebben nog steeds geld nodig om te groeien en te doen wat ze willen, of ze hebben geld nodig tijdens een zware maand. Maar er ligt altijd een behoefte aan middelen op de loer. Iets anders is, het blijkt dat die middelen meestal niet komen van plaatsen die je zou verwachten -- banken, investeerders, andere organisaties en hulpstructuren -- ze komen van vrienden en familie. Volgens statistieken is ruim 85% van de financiering van kleine bedrijfjes afkomstig van vrienden en familie. Dat is zo'n 130 miljard dollar per jaar. Dat is veel. En ten derde als mensen geld ophalen bij vrienden en familie is dat nogal onhandig, want mensen weten niet hoe en wat ze moeten vragen, tegen welke tegenprestatie, zelfs als ze de beste bedoelingen hebben en de mensen die hen helpen willen bedanken.
Dus om de kracht van deze gemeenschappen vernieuwend in te zetten en om ondernemers voor zichzelf te laten besluiten hoe de financiële uitwisseling er precies uit zou moeten zien, wat hen past en de mensen rond hen heen, zijn we deze week in stilte gestart met Profounder, een crowd funding website waarmee kleine bedrijfjes geld op kunnen halen door investeringen van hun vrienden en familie. Het gaat om investeringen, geen donaties, geen leningen, maar investeringen die een dynamische opbrengst hebben. Dus de inzet van deelname aan het verhaal golft in werkelijkheid op en neer. Kortom, het is een doe-het-zelf-gereedschap voor kleine bedrijfjes om fondsen te werven. En wat je kunt doen is naar de site gaan, een profiel aanmaken, en eenvoudig investeringsvoorwaarden opgeven. We maken het heel echt simpel voor mij en voor anderen die de site willen gebruiken. We staan ondernemers toe om een percentage van hun opbrengst te delen. Ze kunnen wel tot een miljoen dollar ophalen bij een onbeperkt aantal van niet-geaccrediteerde, onervaren investeerders -- gewone mensen, god verhoede -- en ze kunnen hun opbrengst delen na een tijd -- nogmaals, onder welke voorwaarden ze afspreken. Als investeerders kiezen om betrokken te raken op die voorwaarden, kunnen ze hun beloning opnemen in contanten, of ze kunnen besluiten om die opbrengst aan een non-profit organisatie te schenken. Dus ze kunnen investeren om geld of een reden. Ik hoop dat zo'n gereedschap aan iedereen die een idee heeft een pad toont voor wat ze willen doen in de wereld en de mensen om hen heen verzamelen die ze al hebben, de mensen die hen het beste kennen en hen liefhebben en willen ondersteunen, te verzamelen en dit laten gebeuren.
Dus daar werk ik nu aan. En om af te ronden, wil ik zeggen, kijk dit zijn gereedschappen. Op dit moment is Profounding helemaal aan het begin, en het is tastbaar, maar het is ook gewoon een stuk gereedschap. We hebben mensen nodig die het echt gaan gebruiken, zoals ze ook Kiva gebruiken. om die verbindingen te maken. Maar ik denk niet dat ik u daarvan nog moet overtuigen. Ik ga het niet eens proberen. Ik denk het niet, hoewel we vaak horen over de ethische en morele redenen, de religieuze redenen: "Dit is waarom zorgen en geven je gelukkiger zal maken." Ik geloof niet dat we hiervan overtuigd moeten worden. Dat weten we wel. In feite denk ik dat we zoveel weten, en het is een realiteit dat we ons zo diep bezorgd maken, dat wat ons gewoonlijk tegenhoudt is dat we bang zijn om het te verknoeien, omdat we ons zo bezorgd maken om elkaar te helpen en belangrijk te zijn in elkaars levens.
Dus wat ik vandaag kan doen, het beste dat ik je kan geven -- Ik heb je mijn verhaal gegeven, het beste dat ik kan doen. En ik kan ons eraan herinneren dat we bezorgd zijn. Ik denk dat we dat al weten. En we weten dat liefde voor ons veerkrachtig genoeg is om het gewoon te proberen. Even wachten.
Voor mij is de beste manier om geïnspireerd te raken om het te proberen even stoppen en luisteren naar het verhaal van iemand anders. En ik ben dankbaar dat ik dat hier bij TED heb kunnen doen. En ik ben dankbaar dat als ik dat doe, ik gegarandeerd geïnspireerd word, ik ben geïnspireerd door de persoon naar wie ik luister. En ik geloof steeds vaker dat telkens als ik luister in wat iemand voor grootse dingen kan doen in de wereld en in mijn eigen kunnen om misschien te helpen. En dat -- vergeet de gereedschappen, en het heen en weer schuiven van middelen -- dat spul is eenvoudig. Geloven in elkaar, echt zeker zijn als het erop aan komt dat elk van ons geweldige dingen kan doen in de wereld, dat is wat van onze verhalen liefdesverhalen kan maken en ons gezamenlijk verhaal in eentje dat doorlopend de hoop bestendigt en goede dingen voor ons allemaal. Dus dat, dit geloof in elkaar, weten dat zonder twijfel en dat in de praktijk brengen bij wat je dan ook doet, dat zal de wereld veranderen en morgen beter maken dan vandaag.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation, or join one of these:
Wat vindt u van mensen in armoede? Misschien hetzelfde als Jessica Jackley ooit: "ze" hebben "onze" hulp nodig, in de vorm van een paar munten in een potje. De mede-oprichter van Kiva.org vertelt hoe haar houding veranderde -- en hoe haar werk met microkredieten nieuwe macht heeft gegeven aan mensen die moeten rondkomen van een paar dollar per dag.
Jessica Jackley is the co-founder of Kiva.org, an online community that helps individuals loan small amounts of money, called microloans, to entrepreneurs throughout the world. Full bio »
Translated into Dutch by Roel Verbunt
Reviewed by Els De Keyser
Comments? Please email the translators above.
15:52 Posted: Oct 2006
Views 172,323 | Comments 57
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign out.