Follow TED
Be the first to know about new TEDTalks, TED news and other announcements.
Click on any phrase to play the video from that point.
Ik heb veel tijd doorgebracht met de wereld af te reizen en voordrachten te houden voor groepen van studenten en professionals. Overal duiken dezelfde thema's weer op. Aan de ene kant zeggen mensen: "Nu is de tijd voor verandering." Ze willen er deel van uitmaken. Ze willen een leven met een doel en meer betekenis. Maar aan de andere kant hoor ik mensen praten over angst, een afkeer van het nemen van risico's. Ze zeggen: "Ik wil echt streven naar een zinvol leven, maar ik weet niet hoe te beginnen. Ik wil mijn familie of vrienden niet teleurstellen." Ik werk in de wereldwijde armoede. Ze zeggen: "Ik wil werken in de wereldwijde armoede, maar wat houdt dat in voor mijn carrière? Zal ik gemarginaliseerd geraken? Zal ik niet genoeg geld verdienen? Zal ik nooit trouwen of kinderen krijgen?" Ik trouwde pas op latere leeftijd - ik ben blij dat ik heb gewacht - (Gelach) en heb geen kinderen. Ik kijk naar deze jongeren en ik zeg: "Je hoeft niet perfect te zijn. Jouw taak bestaat erin mens te zijn. In het leven gebeurt niets belangrijks zonder kosten." Deze gesprekken geven echt weer wat er gebeurt op nationaal en internationaal niveau. Onze leiders en wijzelf willen alles, maar we praten niet over de kosten, we praten niet over het offer.
Een van mijn favoriete citaten uit de literatuur werd geschreven door Tillie Olsen, de grote Amerikaanse schrijfster uit het Zuiden. In een kortverhaal genaamd "Oh Yes", vertelt ze over een blanke vrouw in de jaren '50 die een dochter heeft die bevriend raakt met een klein Afrikaans-Amerikaans meisje. Ze kijkt naar haar kind met een gevoel van trots, maar ze vraagt zich ook af: welke prijs zal ze daarvoor betalen? "Diepgang is beter dan onaangeroerd te leven." Maar de echte vraag is: wat zijn de kosten van het niet-durven? Wat zijn de kosten van het niet-proberen?
Ik ben al zo bevoorrecht geweest in mijn leven. Ik heb buitengewone leiders gekend die ervoor kozen om een leven van diepgang te leiden. Ik had een vrouwelijke collega bij een programma dat ik leidde aan de Rockefeller Foundation. Ze heette Ingrid Washinawatok. Ze was een leider van de Menomineestam, een Amerikaanse indianenstam. Als we elkaar ontmoetten, drong ze erop aan dat we ons zouden spiegelen aan de manier waarop de oudsten in de Indiaanse cultuur beslissingen nemen. Ze zei dat ze zich letterlijk de gezichten van de kinderen voor zeven generaties in de toekomst voor de geest brachten. Door naar hen te kijken vanuit de Aarde. Ze zagen deze kinderen als stadhouders van die toekomst. Ingrid begreep dat alles elkaar verbonden was, niet alleen de mensen, maar ook alle levende wezens op de planeet.
In 1999 werkte ze in Colombia, bij de U'Wa stam, aan het behoud van hun cultuur en taal. Op tragische manier werd ze samen met twee collega's ontvoerd, gemarteld en gedood door de FARC. Telkens wanneer we nu vergaderen met de collega's, houden we een stoel vrij voor haar geest. Meer dan een decennium later hebben mensen van de NGO's - of het nu in Trenton, New Jersey of het kantoor van het Witte Huis is - het nog vaak over Ingrid. We bouwen voort op haar wijsheid en haar geest en proberen zo haar levensmissie verder te vervullen. Haar nalatenschap is van diepgaande betekenis, hoe kort haar leven ook was.
Ik ben geroerd door de mooie Cambodjaanse vrouwen, die de traditie van de klassieke dans in ere hielden. Ik ontmoette hen in de vroege jaren '90. In de jaren 1970, onder het regime van Pol Pot, doodde de Rode Khmer meer dan een miljoen mensen. Ze richtten zich vooral op de elite en de intellectuelen, de kunstenaars, de dansers. Aan het einde van de oorlog, waren er nog slechts 30 van deze klassieke dansers in leven. Ik had het voorrecht drie van die overlevenden te ontmoeten. Ze vertelden hoe ze in hun bedden in de vluchtelingenkampen die kennis doorgaven. Ze zeiden dat ze zo hard probeerden om zich de fragmenten van de dans te herinneren, in de hoop dat anderen in leven waren en hetzelfde zouden doen.
Een vrouw stond daar in deze perfecte pose, haar handen in haar zijde, en zij sprak over de reünie van de 30 na de oorlog. Hoe bijzonder dat was. Dikke tranen liepen over haar gezicht, maar ze veegde ze niet af. Die vrouwen besloten niet de volgende generatie meisjes op te leiden - die waren al te oud geworden - maar de daarop volgende generatie. Ik zat daar in de studio te kijken naar hoe deze vrouwen in hun handen klapten - prachtige ritmes - terwijl deze kleine elfjes om hen heen dansten, in mooi gekleurde zijden kleren. Ik dacht: na al deze gruweldaden, is dit manier waarop mensen echt bidden. Omdat ze erop gericht zijn om het mooiste uit ons verleden een plaats te geven in de belofte van onze toekomst. Wat deze vrouwen begrepen, was dat de belangrijkste dingen die we doen en waar we onze tijd aan besteden, die dingen zijn die we niet kunnen meten.
Ik heb ook de donkere kant van macht en leiderschap ervaren. Ik heb geleerd dat macht, vooral in zijn absolute vorm, gelijke kansen biedt. In 1986 verhuisde ik naar Rwanda, om te werken met een kleine groep vrouwen. We wilden in dat land een microkredietbank opstarten. Een van die vrouwen was Agnes - daar helemaal links. Ze was een van de eerste drie vrouwelijke parlementsleden in Rwanda. en haar bijdrage had er moeten in bestaan een van de moeders van Rwanda te zijn. Onze instelling was gebaseerd op sociale rechtvaardigheid, gendergelijkheid, meer zelfstandigheid voor vrouwen.
Maar Agnes bleek uiteindelijk meer geïnteresseerd in de attributen van de macht dan in haar principes. Ze had deelgenomen aan het uitbouwen van een liberale partij, een politieke partij die stond voor diversiteit en tolerantie. Toch verwisselde ze ongeveer drie maanden voor de genocide van kant en werd lid van de extremistische partij, Hutu Power. Ze werd minister van justitie onder het genocide-regime. Ze stond erom bekend dat ze mannen aanzette tot sneller moorden: ze moesten ophouden met zich te gedragen als vrouwen. Ze werd veroordeeld tot de hoogste categorie van genocidemisdaden. Ik heb haar in de gevangenis bezocht, zat vlak bij haar, knieën tegen elkaar, en moest mezelf toegeven dat we allemaal monsters in ons hebben. Maar misschien zijn het niet zozeer monsters als wel onze eigen tekortkomingen, depressies, geheime schaamte. Voor demagogen is het gemakkelijk in te spelen op die delen, die fragmenten van ons. Daardoor gaan we andere wezens, mensen nochtans, zien als inferieur aan onszelf - en doen we in extreme gevallen verschrikkelijke dingen.
Geen enkele groep is voor dit soort manipulaties kwetsbaarder dan jonge mannen. Ik heb horen zeggen dat het gevaarlijkste beest op deze planeet de adolescente man is. Op deze vergadering gaat de aandacht naar vrouwen, Het is cruciaal dat we investeren in onze meisjes en we het hen makkelijker maken om vooruit te komen. Toch mogen we niet vergeten dat net meisjes en vrouwen het meest geïsoleerd en onderdrukt zijn, en tot onzichtbare slachtoffers worden gemaakt in precies die maatschappijen waarin onze mannen en jongens zich machteloos voelen niet in staat om in onderhoud te voorzien. Ze hangen daar rond op die straathoek en alles wat ze voor zich zien is een toekomst zonder werk, zonder onderwijs, zonder mogelijkheden. Nou, dan is het gemakkelijk te begrijpen dat de verleiding groot is om status te zoeken door uniformen en geweren.
Soms kunnen kleine investeringen de enorme mogelijkheden die in ieder van ons besloten liggen, vrijmaken. Een van de medewerkers van Acumen Fund, mijn organisatie, Suraj Sudhakar, heeft wat we morele verbeelding noemen - het vermogen in andermans schoenen te gaan staan en vanuit dat perspectief leiding te geven. Hij werkt met een groep jonge mannen afkomstig uit de grootste sloppenwijk ter wereld, Kibera. Het zijn ongelooflijke jongens. Ze startten een boekenclub voor een honderdtal mensen in de sloppenwijken. Nu lezen ze vele auteurs van TED en ze zijn er weg van. Ze organiseerden een businessplan-competitie. Ze besloten TEDx'en te houden.
Ik leerde zoveel van Chris, Kevin, Alex, Herbert en al die jonge mannen. Alex drukte het het beste uit. Hij zei: "We voelden ons minderwaardig. Maar nu zijn we iemand." Ik denk dat we allemaal verkeerd zitten wanneer we denken dat het inkomen de oorzaak is. Wat we echt verlangen, is als mens zichtbaar te zijn voor elkaar. Deze jongens vertelden me dat ze TEDx organiseerden omdat ze het beu waren dat de enige workshops die in de sloppenwijken georganiseerd werden, gingen over HIV, of op zijn best, over microfinanciering. Zij wilden laten zien wat er mooi is aan Kibera en Mathare: de fotojournalisten, de creatieven, de graffiti-artiesten, de docenten en de ondernemers. En het lukt ze. Chapeau voor Kibera!
Mijn eigen werk richt zich op een meer effectieve filantropie en een meer inclusief kapitalisme. Bij Acumen Fund gebruiken we filantropische middelen en investeren we wat we 'geduldig kapitaal' noemen - geld dat geïnvesteerd wordt in ondernemers die de armen niet zien als passieve ontvangers van liefdadigheid, maar als volwaardige bezielers van verandering, die hun eigen problemen willen oplossen en hun eigen beslissingen willen nemen. We laten ons geld daar voor 10 tot 15 jaar. Als we het terugkrijgen, investeren we in andere innovaties die op verandering gericht zijn. Ik weet dat dat werkt. We hebben meer dan 50 miljoen dollar in 50 bedrijven geïnvesteerd. Die bedrijven investeerden nog eens 200 miljoen dollar in deze vergeten markten. Alleen al dit jaar leverden ze 40 miljoen diensten, zoals gezondheidszorg voor moeders, huisvesting, hulpdiensten en zonne-energie. Zo kunnen deze mensen op een menswaardige manier hun problemen oplossen.
Geduldig kapitaal ligt niet lekker bij mensen die zoeken naar eenvoudige oplossingen, en eenvoudige categorieën. Want wij zien winst niet als een bot instrument. Wij zoeken ondernemers die mensen en de planeet boven de winst stellen. We willen deel uitmaken van een beweging die effecten gaat meten, die meet wat het meest belangrijk is voor ons. Mijn droom is dat we ooit een wereld zullen hebben waar we niet alleen maar diegenen vereren die steeds meer geld weten binnen te rijven, maar dat onze helden die mensen worden die met geld de wereld op de meest positieve manier weten te veranderen. Alleen door hén op een voetstuk te plaatsen, zullen we de wereld echt veranderen.
Afgelopen mei maakte ik deze buitengewone dag mee waar ik twee visies op de wereld naast elkaar aan het werk zag - een op basis van geweld en de andere op basis van zichzelf overstijgen. Ik was toevallig in Lahore, Pakistan op de dag dat twee moskeeën werden aangevallen door zelfmoordterroristen. Deze moskeeën werden aangevallen omdat de mensen die binnen aan het bidden waren behoorden tot een bepaalde sekte van de islam die volgens fundamentalisten geen volwaardige moslims zijn. Niet alleen hebben die zelfmoordterroristen honderd mensen vermoord, maar ze deden nog meer omdat ze meer haat, meer woede, meer angst en zeker wanhoop creëerden.
Dezelfde dag, was ik op 20 km afstand van die moskeeën, op bezoek bij een van onze Acumen-ondernemingen, een ongelooflijke man, Jawad Aslam, die een leven van diepgang durft te leven. Geboren en getogen in Baltimore, studeerde hij vastgoed, werkte in commercieel vastgoed, en besloot na 9/11 naar Pakistan te gaan om het verschil te maken. Twee jaar lang verdiende hij nauwelijks geld, slechts een kleine toelage. Hij ging in de leer bij een ongelooflijke vastgoedontwikkelaar, Tasneem Saddiqui. Hij had de droom op dit kale stuk grond een woongemeenschap op te richten. Hij wilde dat doen met behulp van geduldig kapitaal, maar tegen een prijs. Hij nam een principeel standpunt in en weigerde steekpenningen te betalen. Het duurde bijna twee jaar om de grond beschreven te krijgen. Ik zag hoe door het toedoen van één persoon het niveau van de morele standaard kan gaan stijgen.
Vandaag wonen 2.000 mensen in 300 woningen in deze prachtige gemeenschap. Er zijn scholen, klinieken en winkels. Maar slechts één moskee. Ik vroeg Jawad: "Hoe leggen jullie dat aan boord? Dit is een echt diverse gemeenschap. Wie mag op vrijdag de moskee gebruiken? " Hij zei: "Het is een lang verhaal. Het was niet gemakkelijk. Uiteindelijk beseften de leiders van de gemeenschap dat we alleen elkaar hadden. We besloten de drie meest gerespecteerde imams te laten verkiezen. Die imams zouden om beurt voorgaan in het vrijdaggebed. Maar de hele gemeenschap, alle verschillende sekten, met inbegrip van de sjiieten en de soennieten, zou samen bidden."
Dat soort moreel leiderschap en moed hebben we nodig. Wij worden geconfronteerd met enorme problemen in de wereld - de financiële crisis, de opwarming van de aarde en dit groeiend gevoel van angst en anders-zijn. Elke dag hebben we de keuze. We kunnen de makkelijker weg, de meer cynische weg kiezen. Een weg gebaseerd op een droom van een verleden dat nooit echt heeft bestaan. Angst voor elkaar, afstand en verwijt. Of we kunnen gaan voor de veel moeilijker weg van transformatie, zichzelf overstijgen, mededogen en liefde, maar ook verantwoordelijkheid en rechtvaardigheid.
Ik had de grote eer te werken met de kinderpsycholoog dr. Robert Coles. Hij zette zich in voor verandering tijdens de Burgerrechtenbeweging in de Verenigde Staten. Hij vertelt dit ongelooflijke verhaal over een klein meisje van zes jaar, Ruby Bridges, het eerste kind dat naar een niet-gescheiden school ging in het Zuiden, in dit geval in New Orleans. Hij zei dat dit zes jaar oude meisje elke dag, in haar mooie jurkje, gracieus langs een rij blanken liep. Die schreeuwden boos, noemden haar een monster, dreigden haar te vergiftigen -- verwrongen gezichten. Elke dag keek hij haar na. Het leek alsof ze praatte met die mensen. Hij vroeg haar: "Ruby, wat zeg je tegen hen?" Ze zei: "Ik ben niet aan het praten." Ten slotte zei hij: "Ruby, ik zie dat je praat. Wat zeg je?" Ze antwoordde: "Dr Coles, ik praat niet. Ik bid." Hij zei: "Nou, wat bid je dan?" Ze zei: "Ik bid: Vader, vergeef het hun want zij weten niet wat ze doen." Dit kind was zes jaar en leefde een leven van diepgang. Haar familie betaalde er een prijs voor. Maar ze werd deel van de geschiedenis en zorgde voor de doorbraak van het idee dat wij allen recht hebben op onderwijs.
Mijn laatste verhaal gaat over een jonge, mooie man, Josephat Byaruhanga, een andere collega van Acumen Fund, uit Oeganda, uit een agrarische gemeenschap. We stelden hem tewerk in een bedrijf in West-Kenia, slechts een 300 kilometer ver. Hij zei me op het eind van zijn jaar: "Jacqueline, het was zo'n nederigmakende ervaring. Ik dacht dat ik als boer en als Afrikaan zou weten hoe de cultuur te overstijgen. Maar in gesprek met die Afrikaanse vrouwen ging ik vaak in de fout. Het was zo moeilijk om te leren luisteren." Hij zei: "Ik concludeerde dat leiderschap te vergelijken is met een rijst-pluim. Op het hoogtepunt van het seizoen, op het hoogtepunt van haar kunnen, is ze mooi, groen, ze voedt de wereld, ze reikt tot aan de hemel. Maar vlak voor de oogst neigt ze met grote dankbaarheid en nederigheid omlaag om de aarde te beroeren waar ze vandaan kwam."
We hebben leiders nodig. Wijzelf moeten leiding geven vanuit de moed om te geloven in ons vermogen om de fundamentele veronderstelling dat alle mensen gelijk zijn geschapen, uit te breiden tot elke man, vrouw en kind op deze planeet." We moeten ook de nederigheid hebben om te erkennen dat we dat niet alleen kunnen doen. Robert Kennedy zei ooit: "Weinigen zijn groot genoeg om de koers van de geschiedenis te veranderen, maar ieder van ons kan een klein steentje bijdragen. Het is het totaal van al die handelingen dat de geschiedenis van deze generatie zal uitmaken." Onze levens zijn zo kort en onze tijd op deze planeet is zo kostbaar. Alles wat we hebben is elkaar. Ik wens eenieder van jullie een leven van diepgang toe. Het zal misschien geen gemakkelijk leven zijn, maar uiteindelijk is het dat wat ons in leven zal houden.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation, or join one of these:
We willen allemaal een leven met een doel hebben, maar hoe begin je daaraan? In deze heldere, veelomvattende voordracht laat Jacqueline Novogratz ons kennismaken met mensen die zij ontmoet bij haar werk met "geduldig kapitaal" - mensen die zich hebben ingezet voor een zaak, een gemeenschap, een passie voor gerechtigheid. Deze menselijke verhalen zijn een machtige bron van inspiratie.
Jacqueline Novogratz founded and leads Acumen Fund, a nonprofit that takes a businesslike approach to improving the lives of the poor. In her new book, The Blue Sweater, she tells stories from the new philanthropy, which emphasizes sustainable bottom-up solutions over traditional top-down aid. Full bio »
Translated into Dutch by Rik Delaet
Reviewed by Els De Keyser
Comments? Please email the translators above.
Your job is not to be perfect. Your job is only to be human.” (Jacqueline Novogratz)
18:23 Posted: Aug 2007
Views 246,558 | Comments 74
19:08 Posted: Jan 2008
Views 625,853 | Comments 153
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign out.