Follow TED
Be the first to know about new TEDTalks, TED news and other announcements.
Click on any phrase to play the video from that point.
Het is moeilijk te geloven dat het minder dan een jaar geleden is dat de financiën, het krediet waarop onze economie draait, bevroren. Een gigantische hartstilstand. Het effect, de terugslag misschien, van jaren van roofvampieren als Bernie Madoff, die we eerder zagen. Misbruik van pepmiddelen, drankmisbruik enzovoort. Het is slechts enkele maanden geleden dat overheden enorme sommen geld injecteerden om het hele systeem drijvende te houden. Nu zitten we in een vreemde soort schemerzone, waarin niemand echt weet wat werkte, en wat niet. We hebben geen duidelijke kaarten of kompas om ons te leiden. We weten niet meer welke experts we moeten geloven.
Ik ga proberen wat aanwijzingen te geven voor wat het landschap van na de crisis zou kunnen zijn, op welke dingen we moeten letten en hoe we de crisis kunnen benutten. Er is een definitie van leiderschap die luidt: "het vermogen om de kleinst mogelijke crisis te benutten voor het grootst mogelijke effect". Ik wil het hebben over hoe we kunnen zorgen dat deze - allerminst kleine - crisis optimaal benut wordt.
Ik begin met een beschrijving van waar ik vandaan kom. Ik heb een zeer verwarde achtergrond, die me wellicht geschikt maakt voor verwarde tijden. Ik heb een doctorstitel in telecom, zoals je kunt zien. Ik trainde kort als Boeddhistische monnik onder deze kerel. Ik was ambtenaar, en was verantwoordelijk voor beleid onder deze kerel.
Maar het begint bij toen ik in deze stad was, op deze universiteit, als student. Net als nu was het een mooie plaats van bals en punters, mooie mensen, van wie velen Ronald Reagans uitspraak ter harte namen: "Ook al zeggen ze dat je van hard werken niet doodgaat, waarom zou je het risico nemen?"
Maar toen ik er was, verkeerden vele mede-tieners in een heel andere situatie. Ze verlieten de school ten tijde van snelgroeiende jeugdwerkeloosheid. Ze stuitten op een muur waar het kansen betrof. Ik bracht meer tijd door met hen dan in punters. Deze mensen hadden geen gebrek aan geestigheid, gratie of energie, maar wel aan hoop, banen, en vooruitzichten. Als mensen niet nuttig mogen zijn, gaan ze al snel denken dat ze nutteloos zijn. Dat was fantastisch voor de muziekindustrie destijds, maar niet voor iets anders. Sindsdien heb ik me afgevraagd waarom kapitalisme zo efficiënt is in sommige dingen, maar zo inefficiënt in andere dingen, waarom zo innovatief op sommige manieren en zo stagnerend op andere.
Sinds die tijd hebben we een buitengewone groei meegemaakt, de langste groei uit de geschiedenis van dit land. Ongekende rijkdom en welvarendheid, maar die groei heeft niet altijd gebracht wat we nodig hadden. H.L.Mencken zei ooit: "Voor elk complex probleem bestaat een simpele oplossing... en die is fout." Ik zeg niet dat groei verkeerd is, maar het is frappant dat gedurende de jaren van groei vele zaken niet zijn verbeterd. Depressie nam toe door de hele westerse wereld. In Amerika ging het percentage Amerikanen die niemand hebben om belangrijke dingen mee te bespreken omhoog van een tiende naar een kwart. We forensden langer naar ons werk, maar zoals je hier ziet: hoe langer je forenst, hoe ongelukkiger je meestal bent. Het werd steeds duidelijker dat economische groei niet automatisch sociale groei betekent, of menselijke groei.
We zitten nu op een ander moment waarop de volgende golf tieners een wrede arbeidsmarkt betreedt. Er zullen hier een miljoen werkloze jonge mensen zijn aan het eind van het jaar. Duizenden verliezen dagelijks hun baan in Amerika. We moeten doen wat we kunnen om hen te helpen, maar ook moeten we, denk ik, een diepere vraag stellen: gebruiken we deze crisis om een sprong te maken naar een economie die beter aansluit bij de menselijke behoeften, met een betere balans tussen economie en samenleving?
Ik denk dat de geschiedenis leert dat zelfs de diepste crises kansen kunnen bieden. Ze brengen ideeën van de marge in de hoofdstroom. Ze leiden vaak tot de versnelling van broodnodige hervormingen. Je zag dit in de jaren '30, toen de Grote Depressie de weg voorbereidde voor Bretton Woods, verzorgingsstaten, enzovoort. Nu zie je om ons heen de jonge scheuten van een heel andere soort economie en kapitalisme, die zouden kunnen groeien. Je ziet het in het dagelijks leven. In moeilijke tijden moeten mensen dingen zelf doen, en over de hele wereld, Oxford, Omaha, Omsk, kun je een enorme explosie van stedelijke landbouw zien, mensen die land gaan beheren, daken beheren, van binnenschepen tijdelijke boerderijen maken.
Ik ben hiervan een klein deel. Ik heb 60.000 van deze in mijn tuin. Een paar van deze. Dit is Atilla de hen. Ik ben een klein deel van een enorme beweging, die voor sommige mensen overleven betekent, maar die ook gaat over waarden, een andere soort economie, die niet zozeer draait om consumptie en krediet, maar over dingen die we belangrijk vinden. Overal zie je een bloei van ruildiensten en parallelle betaalmiddelen. Mensen gebruiken slimme technologieën om de markt, de mensen, de gebouwen en het land te verbinden met degenen die ze het hardst nodig hebben.
Eenzelfde verhaal geldt voor overheden, denk ik. Ronald Reagan zei: de twee grappigste zinnen in de Engelse taal zijn: "Ik ben van de overheid. En ik ben hier om te helpen." Maar ik denk dat vorig jaar, toen de overheden ingrepen, mensen daar toch wel blij mee waren. Maar nu, enkele maanden verder, kunnen politici, hoe goed ze ook zijn in het inslikken van kikkers zonder een vies gezicht te trekken, hun onzekerheid niet verbergen. Want het is reeds duidelijk hoeveel van de massa's geld werkelijk ging naar het repareren van het verleden: het redden van de banken, de autoindustrie... niet naar voorbereiding op de toekomst. Hoeveel van het geld wordt gestopt in beton en stimulering van consumptie, niet in het oplossen van de grote problemen die we hebben.
Overal waar mensen denken aan de ongekende bedragen die zijn uitgegeven, van ons geld en dat van onze kinderen, vragen ze nu, in de diepte van deze crisis: hebben we niet een langere-termijn-visie nodig om sneller in een groene economie te geraken, vergrijzing voor te bereiden, en de ongelijkheid aan te pakken die landen als dit en de VS tekenen, liever dan het geld aan de gevestigde orde te geven? Kunnen we het geld niet geven aan ondernemers, maatschappelijke organisaties, aan mensen die het nieuwe kunnen creëren? Niet aan de grote, gevestigde bedrijven en grote, lompe overheidsprogramma's? Tenslotte zei de Chinese wijsgeer Lao Tzu: "Een groot land besturen is als het bakken van een kleine vis. Hou maat."
Ik denk dat steeds meer mensen ook vragen: waarom consumptie stimuleren, en niet veranderen wát we consumeren? Zoals de burgemeester van Sao Paulo, die reclameborden verbood, of de vele steden als San Francisco die infrastructuur voor elektrische auto's aanleggen. Je kunt zo'n beetje hetzelfde zien gebeuren in de zakenwereld. Sommige bankiers bijvoorbeeld, die schijnen niets te hebben geleerd en niets te hebben vergeten. Maar vraag je eens af: wat zullen de grootste sectoren uit de economie zijn over 10, 20, 30 jaar? Niet degenen die in de rij staan voor giften zoals auto's en luchtvaart enzovoort.
Verreweg de grootste sector zal de gezondheidszorg zijn -- nu al 18% van de Amerikaanse economie, die verwacht wordt te groeien naar 30 tot 40% tegen 2050. Ouderenzorg, kinderzorg: nu al veel grotere werkgevers dan auto's. Onderwijs: 6, 7, 8% van de economie en groeiende. Milieudiensten, energiediensten, de ontelbare groene banen, zij wijzen allemaal naar een andere soort economie die niet alleen draait om producten, maar die netwerken gebruikt en boven alles gebaseerd is op zorg, relaties, op wat mensen doen voor anderen, vaak 1 op 1, in plaats van simpelweg een product te verkopen.
Ik denk dat het verband tussen de uitdagingen voor maatschappelijke organisaties, voor overheden en voor de zakenwereld nu een heel simpel verband is, maar wel een heel moeilijk. We weten dat onze samenlevingen radicaal moeten veranderen. We weten dat we niet terug kunnen gaan naar vóór de crisis. Maar we weten ook dat we alleen door experiment zullen leren hoe we precies een koolstofarme stad maken, hoe we zorgen voor een veel oudere bevolking, hoe we omgaan met drugsverslaving enzovoort.
Het probleem is het volgende. In de wetenschap experimenteren we systematisch. Onze samenlevingen spenderen 2, 3, 4% van hun bbp aan systematische investeringen in nieuwe ontdekkingen, wetenschap, technologie, om de stroom aan briljante uitvindingen te voeden die bijeenkomsten als deze verlichten. Niet dat onze wetenschappers per se zoveel slimmer zijn dan 100 jaar geleden -- misschien wel -- maar ze hebben veel meer steun dan ze ooit hadden. Frappant is, dat in de samenleving bijna niets vergelijkbaars, geen vergelijkbare investering, geen systematisch experiment is in de zaken waarin kapitalisme niet zo goed is, zoals compassie, of empathie, of relaties, of zorg.
Dit begreep ik niet volledig totdat ik deze kerel ontmoette. Hij was destijds een 80-jarige, lichtelijk chaotische man die op tomatensoep leefde en strijken verspilde moeite vond. Hij had de Britse naoorlogse instituties helpen vormen, de verzorgingsstaat, de economie, maar vond zichzelf opnieuw uit als sociaal ondernemer, werd uitvinder van vele verschillende organisaties. Enkele beroemde, zoals de Open University, die 110.000 studenten heeft en de Universiteit van de Derde Leeftijd waar bijna een half miljoen oudere mensen andere oudere mensen onderwijzen. Ook vreemde dingen als doe-het-zelf-garages en telefonische vertaalservices, en scholen voor sociale ondernemers. Aan het eind van zijn leven verkocht hij bedrijven aan investeerders.
Hij geloofde dat als je een probleem zien, je niet iemand anders moet ronselen, maar zelf moet handelen, en hij leefde lang genoeg en zag genoeg van zijn ideeën eerst versmaad en dan succesvol, om te zeggen dat je 'nee' altijd als vraag moet opvatten en niet als antwoord. Zijn leven was een systematisch experiment om betere sociale antwoorden te vinden, niet vanuit een theorie, maar vanuit experiment met de mensen die de beste informatie hebben over sociale behoeften: meestal de mensen die met die behoeften leven. Hij geloofde dat we onze wereld delen met anderen, en dat daarom onze innovatie ook moest gebeuren met anderen. Niet dingen vóór mensen doen, maar met hen, enz...
Wat hij deed, had van oudsher geen naam, maar ik denk dat het nu snel gemeengoed wordt. Het is wat we doen in de naar hem genoemde organisatie waar we proberen nieuwe ondernemingen te creëren en starten, hetzij scholen, webbedrijven, gezondheidsorganisaties, enzovoort. We zijn onderdeel van een zeer snel groeiende wereldwijde beweging van instellingen die met sociale innovatie werken. We gebruiken ideeën uit design of technologie of gemeenschapsorganisatie om de kiemen van een nieuwe wereld te ontwikkelen, maar in de praktijk, en niet met theorieën. Ze verspreiden zich van Korea naar Brazilië naar India naar de VS en over Europa. Ze hebben nieuwe stuwkracht gekregen door de crisis, door de behoefte aan betere antwoorden voor werkloosheid, sociaal verval enzovoort.
Sommige ideeën zijn vreemd. Dit zijn klachtenkoren. Mensen die samenkomen om te zingen over de dingen die hen dwarszitten. (Gelach) Andere zijn pragmatischer: gezondheidscoaches, banen-clubs. Sommige zijn structureel, zoals sociale-impact-obligaties waarmee je geld ophaalt om jongeren uit de criminaliteit te houden of oude mensen uit het ziekenhuis te houden. Je verdiensten zijn evenredig aan het succes van je projecten.
Nu, het idee achter dit alles is, denk ik, snel volkswijsheid aan het worden en deel van onze respons op de crisis. We erkennen de behoefte om te investeren in sociale vernieuwing en ook technologische vernieuwing. Eerder dit jaar zijn in dit land grote gezondheids-innovatiefondsen gestart en een openbare-dienstverlenings-innovatielaboratorium. Door heel Noord-Europa hebben vele overheden nu innovatielaboratoria. Enkele maanden geleden lanceerde president Obama het Bureau van Sociale Innovatie in het Witte Huis.
Wat mensen beginnen te vragen, is: we investeren 2, 3, 4% van ons bbp in onderzoek. Kunnen we niet 1% van de openbare uitgaven in sociale innovatie stoppen, in ouderenzorg, nieuwe vormen van onderwijs, nieuwe manieren om gehandicapten te helpen? Misschien bereiken we een vergelijkbare productiviteitstoename in de samenleving, met wat we zagen in de economie en technologie.
Als pakweg twee generaties geleden de grote uitdaging was om een man op de maan te krijgen, zijn de uitdagingen die we ons nu moeten stellen wellicht dingen als ondervoeding bij kinderen, mensenhandel stoppen, of, wat dichter bij huis voor Amerika of Europa, waarom stellen we onszelf niet als doel een miljard jaar extra levensduur voor de huidige burgers. Deze doelen zijn allemaal haalbaar binnen een decennium, maar alleen met radicale en systematische experimenten, niet alleen met technologieën, maar ook met levensstijlen en cultuur en ook met beleid en instituten.
Ik wil eindigen met wat ik denk dat dit betekent voor het kapitalisme. Ik denk dat waar dit over gaat, deze beweging die groeit vanuit de marge en nog steeds vrij klein is... ...niet de middelen van een CERN, DARPA, IBM of Dupont. Wat het laat zien, is dat kapitalisme socialer gaat worden. Het is alreeds ingebed in sociale netwerken. Het zal meer betrokken raken bij sociale investeringen en sociale zorg en in industrieën waar de waarde komt van wat je doet met anderen, niet slechts van wat je ze verkoopt, en van relaties, evenzeer als van consumptie. Interessant is ook: het impliceert een toekomst waarin de samenleving leert van het kapitalisme hoe je het DNA van voortdurende innovatie inprent in de samenleving; dingen uitproberen en dan opschalen wat werkt.
Ik denk dat deze toekomst heel verrassend zal zijn voor veel mensen. In recente jaren dachten een hoop intelligente mensen dat het kapitalisme had gewonnen. De geschiedenis was voorbij, en de samenleving zou nu de tweede plaats innemen na de economie. Maar ik ben getroffen door de parallel in hoe mensen vaak praten over kapitalisme en hoe ze 200 jaar geleden praatten over de monarchie, net na de Franse Revolutie en het herstel van de monarchie in Frankrijk.
Toen zeiden mensen dat de monarchie overal domineerde omdat ze geworteld was in de menselijke natuur. We waren van nature onderdanig. We hadden hiërarchie nodig. Net zoals tegenwoordig de voorvechters van ongebreideld kapitalisme zeggen dat de menselijke natuur individualisme en onderzoekendheid is, enzovoort. Destijds had de monarchie haar grote rivaal, democratie, verslagen. Dat was een goed bedoeld, maar gedoemd experiment. Evenzo heeft het kapitalisme het socialisme verslagen. Zelfs Fidel Castro zegt nu dat het enige dat erger is dan uitgebuit te worden door multinationaal kapitalisme, is níet uitgebuit worden door multinationaal kapitalisme. Zoals destijds monarchieën, paleizen en forten elke skyline domineerden en permanent en zeker leken, zijn het vandaag de glimmende torens van de banken die elke grote stad domineren.
Ik suggereer niet dat de massa's de barricaden gaan bestormen en elke investeringsbankier gaan opknopen aan een lantarenpaal, hoewel dat verleidelijk kan zijn. Maar ik denk wel dat we een periode ingaan wanneer, net als met de monarchie -- en het leger -- gebeurde, de centrale positie van financieel kapitaal tot een einde komt, en het zich gestaag naar de marges van onze samenleving gaat bewegen, veranderd van meester in dienaar, een dienaar voor de productieve economie en voor menselijke behoeften.
Terwijl dat gebeurt, zullen we ons iets heel simpels en vanzelfsprekends herinneren over kapitalisme, namelijk dat, wat de economieboeken ook zeggen, het geen zelfvoorzienend systeem is. Het hangt van andere systemen af: van ecologie, van familie, van gemeenschappen, en als deze niet gevoed worden, leidt het kapitalisme ook. Onze menselijke natuur is niet alleen egoïstisch, maar ook mededogend. Ze is niet alleen concurrerend, maar ook zorgzaam. Door de diepte van de crisis denk ik dat we voor een keuze staan.
De crisis verergert hoogstwaarschijnlijk. Ze zal aan het eind van dit jaar, en mogelijk in een jaar tijd, erger zijn dan vandaag. Maar dit is een van die zeldzame momenten waar we moeten kiezen of we driftig gaan peddelen om terug te geraken waar we twee jaar geleden waren, met een beperkt idee van waar de economie voor dient, of dat dit een moment is voor een sprong, een herstart, om wat dingen te gaan doen die we al lang hadden moeten doen. Dank je wel.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation, or join one of these:
Terwijl we de wereldeconomie opnieuw aanzwengelen, stelt Geoff Mulgan een vraag: We sturen reddingsgeld naar oude, gedoemde industrieën. Waarom gebruiken we in plaats daarvan geen stimulusgelden om nieuwe, sociaal verantwoordelijke bedrijven op te starten, zodat de wereld er een beetje beter op wordt?
Geoff Mulgan is director of the Young Foundation, a center for social innovation, social enterprise and public policy that pioneers ideas in fields such as aging, education and poverty reduction. He’s the founder of the think-tank Demos, and the author of "The Art of Public Strategy." Full bio »
Translated into Dutch by Axel Saffran
Reviewed by Els De Keyser
Comments? Please email the translators above.
I’m not saying [economic] growth is wrong, but throughout the years of growth, many things didn’t get better. … If you look at America, the proportion of Americans with no one to talk to about important things went up from a tenth to a quarter.” (Geoff Mulgan)
18:23 Posted: Aug 2007
Views 246,558 | Comments 74
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign out.