Follow TED
Be the first to know about new TEDTalks, TED news and other announcements.
Click on any phrase to play the video from that point.
Heeft iemand van jullie dit woord al opgezocht? In een woordenboek? (Gelach) Ja, dat dacht ik al. En dit woord? Ik zal het even tonen: lexicografie: de praktijk van het compileren van woordenboeken. Merk op -- we zijn erg specifiek. Dat woord "compileren". Het woordenboek is niet uit een blok graniet gehakt, uit een stuk rots. Het bestaat uit vele kleine stukjes. Het zijn kleine, discrete -- dat spel je D-I-S-C-R-E-T-E -- stukjes. Die stukjes zijn woorden.
Het leuke aan lexicograaf zijn -- behalve dat je naar TED mag komen -- is dat je knotsgekke woorden mag zeggen, bijvoorbeeld "lexicographical". "Lexicografical" heeft een geweldig patroon -- het is een dubbele dactylus. Door "dubbele dactylus" te zeggen, heb ik de geek-naald helemaal het rood in gejaagd. "Lexicographical" heeft hetzelfde patroon als "olleke-bolleke". Zie je? Dat is een leuk woord om te zeggen, en ik mag het vaak zeggen. Een van de minder leuke dingen aan lexicograaf zijn, is dat mensen meestal geen warm, wollig, knus beeld hebben van een woordenboek. Niemand knuffelt zijn woordenboek. Wat mensen vaker over het woordenboek denken, is iets dergelijks. Overigens: ik heb geen lexicografisch fluitje. Maar mensen denken dat het mijn taak is om de goede woorden die lastige linkse afslag naar het woordenboek te laten nemen, en de slechte woorden buiten te houden.
Het punt is: ik wil geen verkeersagent zijn. Om te beginnen doe ik niet aan uniformen. En verder is beslissen welke woorden goed zijn en welke fout, gewoon erg moeilijk. Het is ook niet leuk. Als je onderdelen van je taak niet gemakkelijk of leuk vindt, dan zoek je een excuus om ze niet te doen. Als ik een beroep zou moeten bedenken als metafoor voor mijn werk, dan was ik veel liever een visser. Ik wil mijn grote net in de diepe blauwe oceaan van het Engels uitgooien en zien welke wonderlijke creaturen ik van de bodem kan ophalen. Waarom willen mensen dat ik het verkeer regel, als ik veel liever zou gaan vissen? Volgens mij is het de fout van de Koningin. Waarom geef ik de Koningin de schuld? Om te beginnen doe ik dat omdat het grappig is. Ten tweede geef ik de Koningin de schuld omdat woordenboeken echt niet veranderd zijn.
Ons idee van wat een woordenboek is, is niet gewijzigd sinds haar regering. Het enige dat Koningin Victoria niet amusant zou vinden in moderne woordenboeken, is het feit dat we het F-woord hebben opgenomen, in Amerikaanse woordenboeken sinds 1965. Deze kerel hier, zie je? Victoriaanse tijd. James Murray, eerste uitgever van de Oxford English Dictionary. Ik heb dat hoedje niet. Ik wilde dat ik dat hoedje had. Hij is echt verantwoordelijk voor veel van wat we vandaag in woordenboeken "modern" noemen. Als een dergelijke kerel -- met zo'n hoedje -- het gezicht van de moderniteit is, dan heb je een probleem. James Murray zou zo aan de slag kunnen bij elk woordenboek vandaag. Er zou haast geen leercurve zijn.
Natuurlijk zeggen sommigen van ons: computers! Computers! Wat met computers? Wat er met computers is -- ik ben dol op computers. Ik ben een echte geek, ik ben dol op computers. Ik zou eerder in hongerstaking gaan dan dat ik me Google Book Search laat afnemen. Maar computers doen niet veel meer dan het proces van het compileren van woordenboeken versnellen. Ze wijzigen niets aan het eindresultaat. Want een woordenboek is eigenlijk Victoriaans design gemengd met wat moderne aandrijving. Het is steampunk. We hebben een elektrische velocipede. We hebben Victoriaans design met een motor. Dat is alles! Het design is niet gewijzigd.
OK, wat dacht je van online woordenboeken? Online woordenboeken moeten anders zijn. Dit is de Oxford English Dictionary Online, één van de beste online woordenboeken. Dit is trouwens mijn favoriete woord: "Erinaceous": die verband houdt met de familie der egels; egel-achtig. Erg nuttig woord. (Gelach) Nou, kijk hier. Online woordenboeken zijn vandaag papier dat op een scherm is gegooid. Dit is vlak. Kijk hoeveel links er in het lemma staan: twee! Die kleine knoppen -- ik heb ze laten vergroten, met uitzondering van de datum. Daar gebeurt niet erg veel. Het is niet erg klikbaar. Eigenlijk repliceren online woordenboeken haast alle problemen van de gedrukte, behalve doorzoekbaarheid. Als je de doorzoekbaarheid verbetert, dan neem je het enige pluspunt van het drukken weg, namelijk serendipiteit. Serendipiteit is als je dingen vindt die je niet zocht, omdat vinden wat je zoekt zo verdomd moeilijk is.
Dus -- (Gelach) -- als je hierover nadenkt, dan staan we eigenlijk voor een hamvraag. Kent iedereen de hamvraag? Vrouw maakt ham voor een groot familiediner. Ze snijdt het eind van de ham af en wil het weggooien. Ze kijkt naar het stuk ham en bedenkt: "Dit is een perfect stuk ham. Waarom gooi ik dit weg?" Ze denkt: "Mijn moeder deed het altijd zo." Dus belt ze met Mama, en ze zegt: "Mam, waarom sneed je het eindje van de ham als je ham klaarmaakte?" Ze zegt: "Weet ik niet, mijn mama deed dat altijd!" Dus bellen ze Oma, en Oma zegt: "Mijn pan was te klein!" (Gelach)
Het punt is dus niet dat we goede en slechte woorden hebben -- onze pan is te klein! Weet je, dat eindje ham is verrukkelijk! Er is geen reden om het weg te gooien. Slechte woorden -- als mensen denken aan een plek en ze vinden die niet op de kaart, dan denken ze: "Deze kaart is waardeloos!" Als ze een nachtclub of een bar vinden die niet in de gids staat, denken ze: "Ooh, dit moet een coole plek zijn! Staat niet in de gids!" Als ze een woord vinden dat niet in het woordenboek staat, denken ze: "Dat moet een slecht woord zijn." Waarom? Het zal veeleer een slecht woordenboek zijn. Waarom is het de schuld van de ham dat hij te groot is voor de pan? Je kan geen kleinere ham krijgen. De Engelse taal is zo groot als ze is.
Als je dus voor een hamvraag staat, en je denkt na over de hamvraag, dan leidt ze je naar een meedogenloze en tegenintuïtieve conclusie: papier is de vijand van woorden. Hoe kan dat? Ik hou van boeken. Ik ben echt dol op boeken. Sommige van mijn beste vrienden zijn boeken. Maar het boek is niet de ideale vorm voor het woordenboek. Dan denken ze: "Lieve hemel. Gaan ze me mijn mooie, papieren woordenboeken ontnemen?" Nee. Er zullen altijd papieren woordenboeken zijn. Toen auto's het dominante transportmiddel werden, hebben we de paarden niet op een rij voor het vuurpeleton gezet. Er zullen nog steeds papieren woordenboeken zijn, maar dat zal niet het dominante woordenboek zijn. Het woordenboek in boekvorm zal niet de enige vorm zijn waarin woordenboeken voorkomen. Het zal niet het prototype van het woordenboek zijn.
Bekijk het zo: als je een kunstmatige beperking hebt... Kunstmatige beperkingen leiden tot willekeurige onderscheiden en een vertekend wereldbeeld. Wat als biologen alleen dieren konden bestuderen die een "Ooh"-reactie uitlokken? Wat als we esthetische oordelen zouden vellen over dieren, en we alleen de dieren die we schattig vinden, zouden kunnen bestuderen? We zouden veel weten over grote charismatische dieren, en weinig over enig ander dier. Volgens mij is dat een probleem. Ik denk dat we alle woorden moeten bestuderen, want bedenk dat je mooie uitdrukkingen kan maken met heel eenvoudige onderdelen. Lexicografie gaat meer over materiaalkunde. We bestuderen de tolerantie van de materialen die jij gebruikt om de structuur van je uitdrukking te vormen: je spreken en je schrijven. Vaak zeggen mensen me: "OK -- hoe weet ik of dit een echt woord is?" Ze denken: "OK, als we denken dat woorden het gereedschap zijn waarmee we bouwen aan de uitdrukking van onze gedachten, hoe kan je dan zeggen dat schroevendraaiers beter zijn dan hamers? Hoe kan je zeggen dat een voorhamer beter is dan een bolhamer? Het is gewoon het juiste gereedschap voor de klus."
Mensen zeggen me dus: "Hoe weet ik of een woord echt is?" Weet je, iedereen die een kinderboek leest, weet dat liefde dingen tot leven brengt. Als je van een woord houdt, gebruik het dan. Dat maakt het echt. In het woordenboek staan is een kunstmatig onderscheid. Het maakt een woord niet echter dan anders. Als je van een woord houdt, wordt het echt. Als we niet malen om het regelen van het verkeer, als we papier zijn overstegen, als we minder uit zijn op controle en meer op beschrijving, dan kunnen we de Engelse taal zien als deze mooie mobile. Telkens als één van de deeltjes van de mobile wijzigt, geraakt wordt -- telkens als je een woord raakt, je het in een nieuwe context gebruikt, het een nieuwe lading geeft, je er een werkwoord van maakt -- dan beweeg je de mobile. Je hebt hem niet stukgemaakt, enkel de stand is gewijzigd. Die nieuwe stand kan even mooi zijn.
Als je geen verkeersagent meer bent -- het probleem met verkeersagent zijn, is dat er maar een beperkt aantal verkeersagenten per kruispunt kan zijn, anders raken de auto's in de war. Als je je niet langer voorneemt het verkeer te regelen, maar je misschien de voorbijrijdende auto's telt, dan zijn méér ogen beter. Je kan hulp vragen! Als je hulp vraagt, krijg je meer gedaan. We hebben echt hulp nodig. Bibliotheek van het Congres: 17 miljoen boeken. De helft daarvan in het Engels. Als één op tien van die boeken een woord zou bevatten dat niet in het woordenboek staat, dan zou dat overeenstemmen met meer dan twee onverkorte woordenboeken.
Ik vind niet-gewoordenboekte woorden -- zoals bijvoorbeeld "niet-gewoordenboekt" -- in bijna elk boek dat ik lees. En kranten? Ons krantenarchief gaat terug tot 1759. 58,1 miljoen krantenpagina's. Als één op 100 daarvan een niet-gewoordenboekt woord zou bevatten, dan zou dat een volledige Oxford English Dictionary zijn, ofwel 500.000 extra woorden. Dat zijn er erg veel. Dan heb ik het nog niet over tijdschriften, of blogs -- ik vind elke week meer nieuwe woorden op BoingBoing dan in Newsweek of Time. Daar gebeurt vanalles.
En dan heb ik het nog niet over polysemie, de gulzige gewoonte van sommige woorden om zich meer dan één betekenis toe te eigenen. Kijk naar het woord "set" -- dat kan een dassennest zijn, het kan één van de plooien zijn in een Elizabethaanse kraag -- en er is een genummerde definitie in de OED. De OED heeft 33 verschillende genummerde definities voor "set". Piepklein woordje, 33 genummerde definities. Eén daarvan is "verschillende technische betekenissen". Weet je wat ik daaruit afleid? Dat het vrijdagmiddag was en iemand de kroeg in wilde. Dat is een lexicografisch vluggertje, "verschillende technische betekenissen".
We zitten met al die woorden, en we hebben echt hulp nodig! Het punt is dat we hulp zouden kunnen vragen -- hulp vragen is niet zo moeilijk. Ik bedoel, lexicografie is geen hogere ruimtewetenschap. Ik heb je daarnet veel woorden en getallen gegegeven. Dit is een meer visuele toelichting. Als we het woordenboek zien als de kaart van de Engelse taal, dan zijn deze heldere vlekken dat wat we kennen, en de donkere vlekken zijn waar we in het duister tasten. Als dit de kaart was van alle woorden in Amerikaans Engels, dan wisten we niet veel. We kennen zelfs de vorm van de taal niet. Als dit het woordenboek was van het Amerikaanse Engels, dan zouden we een ruw idee van Florida hebben, maar Californië staat er niet op! We missen Californië in het Amerikaanse Engels! We weten gewoon niet genoeg, we weten zelfs niet dat Calfornië ontbreekt. We zien niet eens dat er een gat in de kaart zit.
Nogmaals, lexicografie is geen hogere ruimtewetenschap. En zelfs als dat zo was, hogere ruimtewetenschap wordt vandaag door toegewijde amateurs beoefend. Het kan niet zo moeilijk zijn een paar woorden te vinden! Er zijn genoeg wetenschappers in andere domeinen die mensen om hulp vragen en daar een goede zaak mee doen. Neem bijvoorbeeld eBird, waar vogelliefhebbers informatie over hun vogelwaarnemingen kunnen opladen. Ornithologen kunnen vervolgens populaties volgen, en migraties enzovoort.
En dan is er Mike Oates. Hij woont in het Verenigd Koninkrijk. Hij is directeur van een galvaniseringsbedrijf. Hij heeft meer dan 140 kometen gevonden. Hij heeft zoveel kometen gevonden dat ze er één naar hem genoemd hebben. Die vliegt ergens achter Mars -- een hele trip. De kans is klein dat hij binnenkort ginds een foto van zichzelf neemt. Hij heeft 140 kometen gevonden zonder telescoop. Hij heeft gegevens gedownload van de SOHO-satelliet van NASA. Zo heeft hij ze gevonden. Als we kometen kunnen vinden zonder telescoop, moeten we dan niet in staat zijn om woorden te vinden?
Je ziet al waar ik naartoe wil. Naar het internet, waar iedereen heen gaat. Het internet is fantastisch voor het verzamelen van woorden, want het internet zit vol verzamelaars. Een weinig bekend technologisch feit over het internet is dat het bestaat uit woorden en enthousiasme. Woorden en enthousiasme zijn toevallig het recept voor lexicografie. Is dat niet geweldig? Dus zijn er vandaag een hoop prima woordverzamelingssites. Helaas zijn sommige daarvan niet wetenschappelijk genoeg. Ze tonen het woord, maar ze tonen geen context. Waar komt het vandaan? Wie heeft het gezegd? In welke krant stond het? Welk boek?
Want een woord is als een archeologisch object. Als je de herkomst of de bron van het object niet kent, is het geen wetenschap -- dan is het iets moois om naar te kijken. Een woord zonder bron is als een snijbloem. Mooi om even naar te kijken, maar dan gaat ze dood. Ze gaat te vroeg dood. Ik ben al de hele tijd aan het zeggen: "Het woordenboek, het woordenboek." Niet "een woordenboek" of "woordenboeken". Dat is omdat mensen het woordenboek als synoniem voor de hele taal gebruiken. Ze gebruiken het als synecdoche. Een van de problemen met de kennis van een woord als "synecdoche", is dat je je suf zoekt naar een excuus om "synecdoche" te zeggen. Dit hele praatje was gewoon een excuus om te belanden op het punt waar ik "synecdoche" kon zeggen tegen jullie. Het spijt me echt. Maar als je ergens een deel van gebruikt -- zoals het woordenboek een deel is van de taal, of een vlag staat voor de Verenigde Staten, als symbool voor het land -- dan gebruik je het als synecdoche. Het punt is dat we het woordenboek tot de hele taal zouden kunnen maken. Als we een grotere pan hebben, dan passen alle woorden erin. We kunnen er alle betekenissen instoppen. Willen we niet allemaal meer betekenis in ons leven? We kunnen het woordenboek maken tot meer dan een symbool van de taal -- we kunnen het tot de hele taal maken.
Eigenlijk hoop ik dat mijn zoon, die deze maand 7 wordt, zich nauwelijks herinnert dat woordenboeken vroeger deze verpakking hadden. Dit is hoe woordenboeken er vroeger uitzagen. Ik wil dat hij dit soort woordenboek als een achtsporenband ziet. Het is een formaat dat uitstierf omdat het niet nuttig genoeg was. Het was niet wat mensen echt nodig hadden. Het punt is: als we alle woorden erin kunnen stoppen, zonder dat kunstmatige onderscheid tussen goed en slecht, dan kunnen we de taal echt wetenschappelijk beschrijven. We laten de esthetische waardeoordelen aan de schrijvers en de sprekers. Als we dat kunnen, dan kan ik al mijn tijd met vissen doorbrengen en moet ik geen verkeersagent meer spelen. Hartelijk dank voor jullie vriendelijke aandacht.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation, or join one of these:
Is ons geliefde papieren woordenboek met uitsterven bedreigd? In dit aanstekelijk uitbundige praatje bekijkt expert-lexicografe Erin McKean de vele manieren waarop het gedrukte woordenboek van vandaag klaar is voor een transformatie.
As the CEO and co-founder of new online dictionary Wordnik, Erin McKean is reshaping not just dictionaries, but how we interact with language itself. Full bio »
Translated into Dutch by Els De Keyser
Reviewed by Axel Saffran
Comments? Please email the translators above.
People say to me, ‘How do I know if a word is real?’ You know, anybody who’s read a children’s book knows that love makes things real. If you love a word, use it. That makes it real.” (Erin McKean)
22:01 Posted: Jan 2007
Views 703,106 | Comments 267
16:02 Posted: Dec 2007
Views 457,982 | Comments 114
09:12 Posted: Jul 2007
Views 951,196 | Comments 179
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign out.