Ik ben verheugd hier te zijn. Ik ben vereerd door de uitnodiging, bedankt. Ik zou het graag hebben over zaken waar ik geïnteresseerd in ben maar helaas heb ik het vermoeden dat waar ik geïnteresseerd in ben niet veel anderen zal boeien. Om te beginnen, op mijn kaartje staat dat ik astronoom ben. Ik zou het graag hebben over astronomie, maar ik vermoed dat het aantal mensen die geïnteresseerd zijn in stralingsoverdracht in niet-grijze atmosferen en polarisatie van licht in Jupiters stratosfeer de hoeveelheid mensen zijn die in een bushokje passen. Dus daar ga ik het niet over hebben. (Gelach)
Het zou net zo leuk zijn om het te hebben over iets dat gebeurd is in 1986 en 1987, toen een computerhacker inbrak in ons systeem bij Lawrence Berkeley Labs. Ik heb ze betrapt, en ze bleken te werken voor de toenmalige Sovjet-KGB, en informatie te stelen en te verkopen. Ik het daar graag over hebben -- en het zou leuk zijn -- maar, 20 jaar later... vind ik computerbeveiliging, eerlijk gezegd, saai. Het is vervelend. Ik...
De eerste keer dat je iets doet, is het wetenschap. De tweede keer is het ingenieurswerk. De derde keer ben je gewoon een technicus. Ik ben een wetenschapper. Ik doe iets één keer en ga dan door met iets anders. Dus daar ga ik het niet over hebben. Ik ga het ook niet hebben over duidelijke verklaringen uit mijn eerste boek, Silicon Snake Oil, of mijn tweede boek. Ik ga ook niet bespreken waarom ik vind dat computers niet op school horen.
Veel mensen hebben het rare idee dat we meer computers op scholen nodig hebben. Mijn idee is: Nee! Nee! Haal ze uit het klaslokaal en hou ze uit scholen. Ik zou het hier graag over hebben, maar ik denk dat het al overduidelijk is voor ieder die ooit bij een klas 10-jarigen rondhangt, dat het niet nodig is om het daarover te hebben -- maar ik kan het hier ook mis hebben -- dat geldt voor alles wat ik gezegd heb. Ga dus niet mijn proefschrift lezen. Daar zitten vast ook leugens in.
Dit gezegd zijnde, de rode draad van mijn presentatie is pas sinds 5 minuten af. (Gelach) Kijk hier, het belangrijkste wat ik op mijn duim schreef was de toekomst. Ik moest het over de toekomst moeten hebben, toch? Ik vind dat het bizar is om mij te laten praten over de toekomst, omdat ik grijs haar heb. Dus is het een beetje raar voor mij om het over de toekomst te hebben. Sterker nog, als je echt zou willen weten hoe de toekomst er uit ziet, als je echt iets wilt weten over de toekomst, vraag het dan niet aan een technoloog, een wetenschapper of een natuurkundige. Nee! Vraag het niet aan iemand die code inklopt.
Nee, als je wil weten hoe de maatschappij zal zijn over 20 jaar, vraag het dan aan een kleuterjuf. Zij weten het. Eigenlijk, vraag het niet aan eender welke kleuterjuf, vraag het aan een ervaren juf. Zij weten hoe de maatschappij eruit gaat zien in een volgende generatie. Ik niet. Dat geldt volgens mij ook voor vele andere die vertellen wat de toekomst zal brengen. Uiteraard kan iedereen toffe nieuwe dingen bedenken die er zullen zijn. Maar dingen zijn niet de toekomst voor mij. Ik vraag mezelf af hoe de maatschappij eruit zal zien, wanneer de jeugd van tegenwoordig uitzonderlijk goed kan sms-en en erg lang voor een scherm zitten maar nog nooit samen is gaan bowlen.
Er is verandering gaande, en die verandering zit niet in software. Maar daar ga ik het niet over hebben. Daar zou ik het graag over hebben, dat zou leuk zijn, maar ik wil het hebben over waar ik nu mee bezig ben. Wat ben ik aan het doen? Oh -- het andere waar ik het over wil hebben staat hier. Hier. Is dat zichtbaar? Ik zou het graag hebben over eenzijdige dingen. Ik zou het heel graag hebben over dingen met één zijde. Omdat ik van Möbiusbanden hou. Ik hou niet alleen van Möbiusbanden, maar ik ben een van de weinigen, zo niet de enige persoon in de wereld die Klein-flessen maakt. Ik hoop dat jullie direct perplex staan. Dit is een Klein-fles. Zij in het publiek die dit kennen, zijn niet onder de indruk en zeggen 'ja, daar weet ik alles van'. Het heeft een zijde. Het is een fles waarvan de binnenkant de buitenkant is. Het heeft geen volume en is een niet-oriënteerbaar oppervlak. Het heeft geweldige eigenschappen. Wanneer je van twee Möbiusringen de randen aan elkaar naait, krijg je zo eentje. Ik maak ze van glas. Ik zou het graag met jullie hierover hebben, maar ik heb hier niet veel over te vertellen omdat -- (Gelach)
(Chris Anderson: Ik ben verkouden)
Hoewel, de "D" in "TED" staat natuurlijk voor design. Pas twee weken geleden maakte ik -- ik maak kleine, middelmatige en grote Klein-flessen voor de verkoop. Maar wat ik pas heb gemaakt -- het is een genoegen dit voor het eerst in het openbaar te laten zien. Dit is een Klein-fles wijnfles, die in vier dimensies geen vocht zou mogen kunnen vasthouden. Toch is ze hier prima toe in staat omdat ons universum bestaat uit drie ruimtelijke dimensies. En omdat onze universum slechts drie ruimtelijke dimensies heeft, kan het vloeistof vasthouden. Dus het is erg -- dat is de coole. Dit kostte me een maand van mijn leven. Hoewel ik het graag zou willen hebben over topologie, ga ik dat niet doen. (Gelach)
In plaats daarvan, vermeld ik mijn moeder, die vorige zomer is overleden. Ze verzamelde foto's van mij, zoals moeders dat vaker doen. Kan iemand deze jongen laten zien? Ik bekeek haar album en ze had een foto van mij, staand -- zittend voor een aantal knoppen, in 1969. Ik keek er naar, en zei: "O mijn god, op de foto was ik aan het werk in de elektronische muziekstudio! Als technicus. Ik repareerde en onderhield de elektronische muziekstudio in SUNY Buffalo. En wow! Tijdmachine. En ik zei tegen mezelf, o ja! En het voerde me terug in de tijd.
Kort hierna vond ik een andere foto die ze van me had. Deze man hier ben ik. Deze man is Robert Moog, De uitvinder van de Moog-synthesizer, die in augustus is overleden. Robert Moog was een gulle, vriendelijke persoon, buitengewoon kundig ingenieur. Een muzikant die de tijd nam om mij te onderwijzen, tweedejaars, eerstejaarsstudent bij SUNY Buffalo. Hij kwam van Trumansburg om me te onderwijzen niet alleen over de Moog synthesizer, maar we zitten daar -- Ik studeerde natuurkunde in die tijd. Dit is 1969, '70, '71. We studeerden natuurkunde, ik studeerde natuurkunde en hij zei: "Dat is goed om te doen. Niet verstrikt raken in elektronische muziek als je fysica studeert." Hij begeleidde mij. Hij kwam naar me toe en bracht uren en uren met me door. Hij schreef een aanbevelingsbrief voor mij om aangenomen te worden voor de graduate school. Op de achtergrond: mijn fiets. Ik besef dat deze foto genomen is in de huiskamer van een vriend. Bob Moog kwam langs en droeg een hele stapel apparatuur om Greg Flint en mij hierover dingen te laten zien. We hebben het daar gehad over Fouriertransformaties, Besselfuncties, modulatietransferfuncties en meer van dit soort zaken. Het overlijden van Bob vorige zomer was een groot verlies voor ons allemaal. Elke muzikant is diep beïnvloed door Robert Moog. (Applaus) Ik zal gewoon vertellen wat ik zo ga doen. Wat ik ga doen -- Ik hoop dat je de vertekende sinus herkent, bijna een driehoekige golf op deze Hewlett-Packard oscilloscoop.
O cool. Ik kan bij dit plekje hier komen, toch? Kinderen is waar ik het over ga hebben -- is dat goed? Hier staat kinderen, daar zou ik het graag over willen hebben. Ik heb bepaald, voor mezelf in ieder geval, dat mijn hoofd niet groot genoeg is. Dus ik denk lokaal en ik handel lokaal. Volgens mij is de beste manier waarop ik kan helpen, erg, erg lokaal. Bijgevolg: doctoraat dit en diploma dat, en bla bla bla. Ik had het hierover met schooldocenten een jaar geleden. Meerderen van hen kwamen naar me toe en vroegen: "Hoe komt het dat je niet doceert?" En ik zei: "Nou, ik heb graduate -- Ik heb graduate-studenten gehad, ik heb undergraduate-klassen gedoceerd." "Nee," zeiden ze, "als je zo begaan bent met kinderen, waarom sta je dan niet hier in de frontlinie? Voeg het daad bij het woord."
Het is waar, het is waar. Ik geef vier dagen in de week les aan 14-jarigen. Niet zo nu en dan langs komen. Nee, nee, nee, nee, nee. Ik loop de presentielijst door, Ik lunch met ze. (Applaus) Dit is niet, nee, nee, nee, dit is niet om te klappen. Ik adviseer dat jullie dit ook doen, want dat is goed. Niet zo nu en dan naar de lessen gaan. Maar een volledige week doceren. Ok, ik doceer 75% van een week, maar dat is goed genoeg. Een van de dingen die ik voor mijn scholieren heb gedaan, is zeggen: "Luister, ik ga jullie fysica leren op universitair niveau. Geen analytische meetkunde, dat haal ik eruit. Je hoeft geen trigonometrie te kennen. Maar je zal wel basisalgebra moeten kennen. En we gaan serieuze experimenten doen. Geen "sla-hoofdstuk-zeven-open-en-doe-alle-oneven-opdrachten." We gaan echte natuurkunde doen. Dat is een van de dingen die ik nu ga doe. (Hoge toon)
O, voordat ik dat aanzet, een van de dingen die we drie weken geleden hebben gedaan in mijn klas -- we gebruikten de lens voor het meten van de lichtsnelheid. Mijn studenten in El Cerrito -- met mijn hulp natuurlijk, en met de hulp van een brakke oscilloscoop -- hebben de snelheid van het licht gemeten. We zaten er 25 procent naast. Hoeveel 14-jarigen ken je die de snelheid van het licht hebben gemeten? Daarbij hebben we ook de snelheid van het geluid gemeten. Ik zou hier heel graag de snelheid van het licht meten. Ik was er al helemaal klaar voor. Ik dacht "Man, ik ben de machtigen gewoon de baas, en meet de snelheid van het licht. Ik was er al helemaal klaar voor, maar dan blijkt dat je maar tien minuten hebt om hier op te bouwen! Dus is de tijd te kort. Dus volgende keer zal ik misschien de snelheid van het licht meten.
Maar ondertussen gaan we de snelheid van het geluid meten! De gebruikelijke manier om geluid te meten, is het ergens op te weerkaatsen en naar de echo kijken. Een van mijn studenten, Ariel, zei: "Kunnen we de snelheid van het licht meten aan de hand van de golfvergelijking?" Jullie weten allemaal wat de golfvergelijking is: de frequentie maal de golflengte van een golf ... is een constante. Wanneer de frequentie omhoog gaat, gaat de golflengte naar beneden. Wanneer de golflengte omhoog gaat, gaat de frequentie naar beneden. Dus als we een golf hebben -- daar, dat is interessant -- Als de toonhoogte omhoog gaat, gaan dingen dichter naar elkaar, toonhoogte gaat omlaag, en de dingen gaan uit elkaar. Toch? Dit is simpele natuurkunde. Dit weten jullie allemaal nog van toen je 14 was, toch? Wat ze je niet vertelden in natuurkunde voor 14-jarigen -- maar wat ze je hadden moeten vertellen -- en ik wou dat ze het gedaan hadden-- was dat als je de frequentie vermenigvuldigt met de golflengte van geluid of licht, je een constante krijgt. Die constante is de snelheid van het geluid. Om de snelheid van geluid te meten, heb ik alleen de frequentie nodig. Nou, dat is makkelijk. Ik heb een frequentieteller hier. Die ingesteld staat rond A boven A boven A. Dat is ongeveer een A. Dus ik ken de frequentie. Het is 1.76 kilohertz. Ik meet de golflengte. Ik hoef alleen nog maar een ander signaal aan te doen, en het onderste signaal is mijn stem. Dus wanneer ik praat, zie je dat op het scherm. Ik begin hier en wanneer ik me van de bron verwijder, zie je de spiraal. De slinky-achtige bewegingen. We gaan langs verschillende knooppunten van de golf, die deze kant op bewegen. Ik hoor de ogen van natuurkundigen onder jullie al rollen, maar heb even geduld. (Gelach)
Om de golflengte te meten, hoef ik alleen de afstand te meten van hier, een volle golf, tot hier. Van hier tot hier is de golflengte van het geluid. Dus ik plaats hier een meetlint, en hier, en verplaats dit naar hier. Ik heb de microfoon 20 centimeter verplaatst. 0.2 meter van hier tot hier, 20 centimeter van daar. Ok, we gaan weer terug naar de projector. We zeggen dat de frequentie 1.76 kilohertz is, of 1760. De golflengte was 0.2 meter. Laten we uitzoeken wat dat is. (Gelach) (Applaus) 1.76 maal 0.2 is 352 meter per seconde. Als je het opzoekt in het boek is het eigenlijk 343. Maar hier, met klunzig materiaal en vieze drank -- waren we in staat om de snelheid van geluid te meten tot -- Niet slecht. Best goed.
Dit leidt allemaal naar wat ik eigenlijk kwijt wil. We gaan terug naar deze foto van mij, een miljoen jaar geleden. Het was 1971, de Vietnamoorlog was bezig, en ik: "O mijn God!" Ik studeer natuurkunde: Landau, Lipschitz, Resnick en Halliday. Ik ga naar huis voor een tentamenweek. Er is een rel bezig op campus. Er is een rel! Hey, de projector is klaar. Uit. Er is een rel aan de gang op de campus, en de politie is mij aan het achtervolgen. Ik loop over de campus. Agent ziet me staan en zegt: "Jij! Jij bent student." Hij trekt een wapen. En schiet! Een traangasgranaat zo groot als een blik Pepsi schiet voorbij mijn hoofd. Whoosh! Ik krijg een hap traangas binnen en ik kan niet meer ademen. De agent komt me achterna met zijn geweer. Hij wil me voor de kop slaan! Ik zeg: "Ik moet hier weg!" Dus ik ren zo snel mogelijk dwars over de campus. Ik duik Hayes Hall in. Het is zo'n klokkentorengebouw. De agent achtervolgt me. Volgt me naar de eerste verdieping, tweede verdieping, derde verdieping. Jaagt me een kamer in. Het is de toegangsweg naar de klokkentoren. Ik ram de deur achter me dicht en klim omhoog, voorbij een plek waar ik een slinger zie zwaaien. Ik denk, o ja, de wortel van de lengte is evenredig aan de periode.
Ik blijf omhoog klimmen, ga een stukje terug. Ik kom op een plek waar een plug zich afsplitst. Er is een klok, klok, klok, klok. De tijd gaat achteruit omdat ik er binnenin zit. Ik denk aan Lorentzcontractie en Einsteins relativiteit. Ik klim omhoog en er is een plekje helemaal achterin, waar je een houten ladder beklimt. Ik doe het luik open en er is een koepel. Een koepel, zo'n koepel van drie meter. Ik kijk naar buiten en ik zie agenten studenten in elkaar slaan, met traangas schieten, en zie studenten met stenen gooien. Ik vraag mezelf af: "Wat doe ik hier? Waarom ben ik hier? Dan herinner ik me wat mijn Engels leraar ooit zei op de middelbare school, namelijk, dat wanneer ze klokken gieten, ze er inscripties in schrijven. Dus wrijf ik de duivenpoep van een van de klokken en kijk ernaar. Ik vraag mezelf af: "Waarom ben ik hier?"
Ik vertel u graag wat er gegrift is in de klokken van de Hayes Hall klokkentoren: "Alle waarheid is een. Mogen wetenschap en religie, in het licht daarvan, streven naar de gestage evolutie van de mensheid, van duisternis naar licht, van bekrompenheid naar ruimdenkendheid, van vooroordelen naar tolerantie. Het is de stem van het leven die ons roept om te leren." Hartelijk bedankt.
You can share this video by copying this HTML to your clipboard and pasting into your blog or web page. This video will play with subtitles.
You either have JavaScript turned off or have an old version of the Adobe Flash Player. To view this rating widget you
need to get the latest Flash player.
If your browser allows only "trusted sites" to execute Javascript, you should add the "googleapis.com" domain to your whitelist to allow our Flash detection to work properly.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation.
Clifford Stoll boeit zijn publiek met energieke anekdotes, observaties, afdwalingen en zelfs een natuurkundeproef. Hij is een zelfgedefinieerde wetenschapper: "Als ik iets één keer heb gedaan, is het weer tijd voor iets anders."
Astronomer Clifford Stoll helped to capture a notorious KGB hacker back in the infancy of the Internet. His agile mind continues to lead him down new paths -- from education and techno-skepticism to the making of zero-volume bottles. Full bio »
Translated into Dutch by Amer Mohabir
Reviewed by Els De Keyser
Comments? Please email the translators above.
19:24 Posted: Jun 2006
Views 16,514,571 | Comments 3005
17:18 Posted: Feb 2007
Views 299,757 | Comments 54
15:14 Posted: Dec 2007
Views 4,937,476 | Comments 370
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign Out.