In feite kom ik uit Groot-Brittannië, maar ik woon nu al 26 jaar op de Malediven. Dus dat is eigenlijk thuis. De Malediven, zoals jullie zeker zullen weten, zijn een rij eilanden voor de kust van India hier. Hoofdstad, Malé, waar ik woon. In feite zijn we hier vandaag in Mysore dichter bij Malé dan bij Delhi bijvoorbeeld.
Als je in de ICT zit is India duidelijk waar het nu gebeurt. Maar als je een marien bioloog bent zijn de Malediven niet zo'n slechte plaats om te zijn. En het is al jaren mijn thuis. Voor diegenen onder jullie die er geweest zijn, prachtige koraalriffen, fantastisch duiken, fantastisch snorkelen. Ik breng zo veel tijd als mogelijk door met het onderzoeken van zeeleven. Ik bestudeer vissen, ook de grotere dingen, walvissen en dolfijnen.
Dit is een blauwe vinvis. We hebben blauwe vinvissen in de wateren hier, bij de Malediven, rond de wateren bij India. Je kan ze zien bij Kerala. En in feite hebben we veel geluk in dit gebied. Eén van de beste plaatsen ter wereld om blauwe vinvissen te zien is hier in dit gebied. In Sri Lanka, als je naar de zuidkust van Sri Lanka gaat, tijdens het noordoostmoesson-seizoen, kan je heel, heel makkelijk blauwe vinvissen zien. Het is waarschijnlijk de beste plek ter wereld om ze te zien.
Nou, wanneer ik het over het noordoostmoesson-seizoen heb weet ik zeker dat velen van jullie hier precies weten wat ik bedoel, maar misschien weten sommigen van jullie het niet zo zeker. Ik moet wat uitleg geven over de moessons. Nou, moesson, de stam van het woord "moesson" komt van het woord "seizoen".
Dus is het gewoon een seizoen. En er zijn twee seizoenen in het grootste deel van Zuid-Azië. En in de zomer warmt India op, wordt heel heet. Warme lucht stijgt op, en lucht wordt van zee aangetrokken om het te vervangen. En de manier waarop het werkt is dat het uit het zuidwesten komt. Het komt van de oceaan hier en wordt naar India gezogen. Dus het komt uit het zuidwesten. Het is de zuidwestmoesson. Neemt vocht op terwijl het de oceaan oversteekt. Dat is wat de moessonregens veroorzaakt. En dan in de winter koelt het af. Hoge druk ontstaat boven India. En het hele systeem draait om.
Dus de wind komt nu uit het noordoosten uit India, over de Indische Oceaan, deze kant langs naar Afrika. Onthoud dat. Nou ben ik een marien bioloog. Maar eigenlijk ben ik een beetje een ouderwetse naturalist, denk ik. Ik ben geïnteresseerd in allerlei dingen, vrijwel alles dat beweegt, waaronder libellen. En eigenlijk zal ik het deze middag over libellen hebben. Dit is een erg mooie soort, het wordt de oostelijke vuurlibel genoemd.
En één ding moeten jullie over libellen weten, één belangrijke zaak is dat ze hun eieren in zoet water leggen. Ze hebben zoet water nodig om zich voort te planten. Ze leggen de eieren in zoet water. Kleine larven komen uit in zoet water. Ze voeden zich met andere kleine dingen. Ze voeden zich met muggenlarven. Ze zijn dus erg belangrijk. Ze beheersen muggenlarven, onder andere. En ze groeien en groeien in stadia. En ze klimmen het water uit en vervellen tot de volwassenen die we zien. En er is doorgaans een hoop variatie. Maar als je een libel hebt met, zeg, een levenscyclus van een jaar, wat redelijk normaal is, leven de larven 10 of 11 maanden in zoet water. En dan leeft de volwassene, die daarna komt, één of twee maanden. Het is dus voornamelijk een zoetwaterdier. Het heeft echt zoet water nodig.
Nou, de specifieke libellensoort waar ik het over wil hebben is deze, want de meeste libellen, zoals bij degene die we net zagen, wanneer de volwassene er is voor zijn korte één of twee maanden leven, gaat het niet zo ver. Het kan niet zo ver reizen. Een paar kilometer, misschien, is redelijk normaal. Het zijn heel goede vliegers, maar ze gaan niet zo ver. Maar deze jongen is een uitzondering. En het wordt de wereldzwerver genoemd, of de dolende zwever. En, zoals de naam suggereert, wordt het vrijwel overal ter wereld aangetroffen. Het komt overal in de tropen voor, in Amerika, Afrika, Azië, Australië en de Stille Oceaan. En het doolt over grote afstanden. Zoveel weten we erover. Maar het is niet echt veel bestudeerd.
Het is een libel die er weinig bijzonder uitziet. Als je libellen gaat bestuderen wil je de echt heldere, mooie soorten bestuderen, zoals die rode. Of de echt zeldzame, de endemische bedreigde soorten. Deze ziet er een beetje saai uit moet je weten. Het is dof van kleur. En het is vrij gewoon. En het komt overal voor -- weet je, niet interessant. Maar als je het zo bekijkt mis je eigenlijk iets best speciaals, omdat deze libel een nogal wonderbaarlijk verhaal te vertellen heeft. En ik voel me zeer bevoorrecht hier tegenaan gelopen te zijn, levend op de Malediven.
Toen ik voor het eerst naar de Malediven ging, helemaal weg van duiken, was ik zo veel mogelijk in en onder water. Merkte geen libellen op; misschien waren ze er, misschien niet. Merkte ze niet op. Maar wat later, na een paar maanden, op een dag terwijl ik op stap was, merkte ik plots honderden libellen op, honderden libellen. Zoiets als dit, dit zijn allemaal wereldzwervers. Ik wist het toen niet, maar nu wel, het zijn wereldzwervers, honderden. En ze waren er een tijdje. En daarna waren ze verdwenen.
Ik dacht er niet meer zo over tot het volgende jaar, toen het weer gebeurde, en het jaar daarna, en toen het jaar daarna. En ik was een beetje langzaam, ik merkte het niet echt zo op. Maar ik vroeg een aantal Maledivische vrienden en collega's, en ja, ze kwamen elk jaar. En ik vroeg mensen ernaar en ja, ze wisten het, maar ze wisten niet waar ze vandaan kwamen, of wat dan ook. En weer dacht ik er niet te veel bij na. Maar langzaam begon het me te dagen, dat er iets nogal speciaals aan de hand was.
Omdat libellen zoet water nodig hebben om zich voort te planten. En de Malediven, en ik weet zeker dat enkelen van jullie er geweest zijn -- Dus hier is thuis. Dus, Malediven, prachtige plek. (gelach) Het is volledig op koraalriffen gebouwd. En bovenop de koraalriffen liggen zandbanken. Gemiddelde hoogte, ongeveer zo hoog boven zeeniveau. Dus, broeikaseffect, zeespiegelstijging, dat zijn echte, serieuze problemen. Maar daar ga ik het niet over hebben. Een ander belangrijk punt met deze zandbanken is dat wanneer het regent het regenwater de grond in zakt. Dus is het verdwenen. En het blijft onder de grond. De bomen kunnen hun wortels erin stoppen. Mensen kunnen gaten graven en putten slaan.
Maar libellen -- lastig. Er is geen zoet oppervlaktewater. Er zijn geen poeltjes, stroompjes, rivieren, meren, niks van dat alles. Waarom is het dan dat elk jaar miljoenen libellen, miljoenen, miljoenen libellen komen opdagen. Ik werd een beetje nieuwsgierig. In feite zal ik hier stoppen, want ik wil vragen, en er zijn een hoop mensen die, uit India natuurlijk, mensen die hun kindertijd in India doorbrachten. Zij onder jullie die Indiaas zijn of er hun kindertijd doorbrachten, steek jullie hand op, wie van jullie -- nog niet, nog niet! U bent te gretig, U bent te gretig. Nee. Wacht. Wacht. Wacht op het signaal. Ik zal het signaal geven.
Zij van jullie die in India opgegroeid zijn, kunnen jullie je uit je kindertijd libellen herinneren, zwermen libellen? Misschien op school, misschien maakten jullie stukjes draad aan ze vast? Misschien trokken jullie er stukjes vanaf? Daar vraag ik niet naar. Jullie hoeven alleen te zeggen of je je herinnert veel libellen te zien. Handen? Handen? Ja. Dank jullie. Dank jullie. Het is een wijdverbreid fenomeen in heel Zuid-Azië, zo ook op de Malediven. En daar werd ik nieuwsgierig naar.
Op de Malediven, nou, in India is er veel water, dus, libellen, ja, natuurlijk. Waarom niet? Maar op de Malediven, geen zoet water. Dus wat ter wereld is er aan de hand? En het eerste wat ik deed was beginnen met opnemen wanneer ze op kwamen dagen op de Malediven. En daar is het antwoord: 21 oktober. Niet elk jaar, dat is de gemiddelde datum. Ik heb het nu al 15 jaar opgeschreven. Je zou denken dat ze uit India komen. Dat is de dichtstbijzijnde plek. Maar in oktober, inderdaad, zitten we nog in de zuidwestmoesson. De Malediven zijn nog steeds in de zuidwestmoesson. Maar de wind is, onveranderlijk, elke keer, uit het westen. Het gaat naar India toe, niet ervandaan. Dus, zijn deze dingen, hoe komen deze dingen hier? Komen ze tegen de wind in uit India? Dat leek een beetje onwaarschijnlijk.
Dus, vervolgens pakte ik de telefoon. De Malediven zijn een lange archipel. Ze strekken zich over ongeveer 800 kilometer uit, dit is India natuurlijk. Ik belde en mailde vrienden en collega's. Wanneer zie je de libellen verschijnen? En vrij snel ontstond er een plaatje. Een collega uit Bangalore stuurde me drie jaar lang informatie, gemiddeld, 24 september, laat in september dus. In Trivandrum, iets later. Ver ten noorden van de Malediven, iets later. Toen Malé, dan verder naar het zuiden. En dan het uiterste zuiden van de Malediven. Het is erg duidelijk, ze komen uit India. Maar ze komen over 650 kilometer oceaan, tegen de wind in. Hoe ter wereld doen ze dat? Ik wist het niet.
Het volgende dat ik deed was libellen tellen. Ik wilde weten hoe hun komst met de seizoenen samenhing, welke tijd van het jaar, dit is wanneer ze het eerst komen, maar hoe lang blijven ze? Geeft dat aanwijzingen? Dus startte ik een zeer rigoureus wetenschappelijk proces. Ik had een degelijke wetenschappelijke route. Ik stapte op mijn fiets, en fietste rond het eiland Malé, dat ongeveer vijf kilometer in het rond is, terwijl ik libellen telde, en probeerde niet tegen mensen aan te rijden terwijl ik tussen de bomen keek.
En ze zijn hier een zeer korte periode; oktober, november, december. Dat is het. En daarna zijn er nog een paar, maar dat is het. Oktober, november, december. Dat is niet het noordoostmoesson-seizoen. Dat is niet de zuidwestmoesson. Dat is de inter-moesson, de tijd waarin de moesson verandert.
Nou, wat ik zei was dat je de zuidwestmoesson hebt die ophoudt, en dan verandert het en krijg je de noordoostmoesson die andersom gaat. En dat geeft een beetje de indruk dat er één luchtmassa op en neer gaat, op en neer. Zo werkt het niet. Wat er gebeurt, eigenlijk, is dat er twee luchtmassa's zijn. En er is een front tussenin, en dat front beweegt. Dus, als je India hier hebt, wanneer het front boven India is, zit je in de zuidwestmoesson. Dan beweegt het front de noordoostmoesson in. En dat front in het midden is niet verticaal, het staat scheef.
Dus, als het Malé nadert sta ik in Malé onder het front. Ik kan in de zuidwestmoesson zijn. Maar de wind boven is van de noordoostmoesson. Dus komen de libellen in feite met de noordoostmoesson uit India. Maar dat is op een hoogte van 1000 tot 2000 meter in de lucht. Ongelofelijk. Deze kleine insecten, het zijn dezelfde die we hier [in India] zien, vijf centimeter lang, vliegen met miljoenen tegelijk over 650 kilometer oceaan op een hoogte van 2000 meter. Ongelofelijk.
Dus was ik best tevreden met mezelf. Ik dacht wow, ik heb dit opgelost, ik weet hoe ze hier komen. Toen krabde ik mij wat op mijn hoofd, en dat is mooi, ik weet hoe ze hier komen, maar waarom komen ze hier? Waarom steken miljoenen libellen elk jaar een oceaan over, blijkbaar hun einde tegemoet? Het is niet logisch. Er is niks voor ze op de Malediven. Wat ter wereld zijn ze aan het doen? Goed, om een lang verhaal kort te maken, eigenlijk vliegen ze recht de oceaan over. Ze vliegen helemaal tot Oost-Afrika.
Dat weet ik omdat ik vrienden heb die op onderzoeksboten voor de visserij werken die me rapporten hebben gezonden van boten in de oceaan. Ik weet dit omdat we rapporten hebben van de Seychellen, die er ook bij passen, hier. En ik weet dit omdat, als je naar de regen kijkt, deze specifieke insecten, deze wereldzwervers zich voortplanten in tijdelijke poelen van regenwater. Oké. Ze leggen hun eieren waar de seizoensregens zijn, de moessonregens. De larven moeten zich snel ontwikkelen. Ze doen dat in zes weken. In plaats van 11 maanden zijn ze er in zes weken, ze zijn er, en ze zijn weer weg.
Nou, hier hebben we, als je het niet kan lezen achterin, de bovenste is de regen in India. En we beginnen in juni. Dus dit is de moessonregen. Tegen september, oktober droogt het op. Niks voor deze libellen. Er is geen seizoensregen meer. Ze moeten achter de seizoensregens aan. En ze vliegen naar het zuiden. Terwijl de moesson naar het zuiden trekt komen ze door Karnataka, Kerala in. En dan is er geen land meer. Maar het zijn ongelofelijk goede vliegers. Deze specifieke soort kan duizenden kilometers vliegen. En het gaat gewoon door. En de wind, de noordoostenwind blaast ze rond en neemt ze mee over de oceaan naar Afrika, waar het regent. En ze planten zich voort in de regens van Afrika. Nu, dit is Zuidoost-Afrika. Het lijkt net alsof er twee paarseizoenen zijn hier. Het ligt iets ingewikkelder dan dat.
Wat er gebeurt, is dat ze zich voortplanten in de moessonregens hier. En de libellen die je vandaag kan zien hier buiten, op de campus, zijn de jongen van deze generatie. Ze zijn in India uitgekomen. Ze zoeken een plek om zich voort te planten. Als het hier regent, zullen ze zich voortplanten, maar de meesten zullen verdergaan. En de volgende halte, misschien slechts vier of vijf dagen verder, is Oost-Afrika. De wind zal ze hierlangs blazen. Als ze de Malediven passeren komen ze misschien even kijken, niks vinden, en verdergaan.
Hier, hier, in Kenia in Oost-Afrika komen ze in feite net uit een lange droogteperiode. Juist afgelopen week is het gaan regenen. De korte regens zijn begonnen en nu regent het daar. En de libellen zijn daar. Ik heb rapporten van verschillende contacten. De libellen zijn hier nu. Ze planten zich daar voort. En die beestjes gaan hun eieren nu leggen. Die zullen over zes weken uitkomen. Tegen die tijd zijn de seizoensregens verder getrokken. Het is niet hier, het is hier. Ze zullen hiernaartoe vliegen. En het slimme is dat de wind altijd naar de regen toe waait. Het regent, dit zijn de zomerregens. Dit is een zomermoesson. De zon staat daar recht boven. Zomerregens in Zuidelijk Afrika. De zon staat er recht boven, maximale opwarming, maximale verdamping, maximale wolken, maximale regenval, maximale kansen voor voortplanting.
Niet alleen dat, omdat je deze convectie hebt, er deze stijgende lucht is. Waar het heet is, wordt lucht aangezogen. Er is een convergentie. Dus daar waar de regen valt zal de wind naartoe gezogen worden om de stijgende lucht te vervangen. Dus, de kleine libel die hier uitkomt, die stijgt op, hij wordt vanzelf gedragen naar waar de regen valt. Ze leggen hun eieren, volgende generatie, ze komen uit, worden vanzelf gedragen naar waar de regen valt. Nu is dat daar. Ze komen uit, het is tijd om terug te komen. Dus, in vier generaties, één, twee, drie, vier en ze zijn terug.
Een gehele rondgang langs de Indische Oceaan. Dit is een route van ongeveer 16.000 kilometer. 16.000 Kilometer, vier generaties, bedenk, voor een vijf centimeter lang insect. Dat is echt ongelofelijk. Diegenen onder jullie uit Noord-Amerika zullen bekend zijn met de monarchvlinder, die tot nu toe de langste bekende migratieroute had van alle insecten. Het is slechts half zo lang als deze. En deze oversteek hier, van de oceaan, is de enige echt regelmatige oversteek over een oceaan door een insect. Een nogal ongelofelijke prestatie. En ik liep hier alleen tegenaan omdat ik lang genoeg in Malé op de Malediven woon om mijn hersenen binnen te doen sijpelen dat er iets zeer speciaals aan de hand was.
Maar libellen zijn niet de enige wezens die de oversteek maken. Het verhaal gaat verder. Ik ben ook geïnteresseerd in vogels. En ik ben bekend met deze jongen. Dit is een heel speciale vogel. Het is een valk. Het wordt de oostelijke roodvoetvalk genoemd, maar staat ook bekend als de amoervalk. En het wordt de amoervalk genoemd omdat het zich in Amoerland voortplant. En het wordt de amoervalk genoemd omdat het zich in Amoerland voortplant. Dat is een gebied langs de Amoerrivier, die hier is. Het is de grens, veel ervan is de grens tussen China en Rusland, hier in het Verre Oosten.
Dus, Siberië, Mantsjoerije. En dat is waar het zich voortplant. En als je een valk bent is het best een mooie plek om in de zomer te zijn. Maar het is nogal een jammerlijk gebied om in de winter te zijn. Het is, nou ja, jullie kunnen het je voorstellen. Dus, zoals elke verstandige vogel zou doen, gaat hij naar het zuiden. De hele populatie gaat naar het zuiden. Maar daar stopt de verstandigheid. Dus, nu stoppen ze niet hier, of zelfs maar hier, nee, ze gaan helemaal hierheen. Ze hebben een kleine eetstop in Noordoost-India. Ze komen uitrusten ter hoogte van Mumbai of Goa. En dan vliegen ze de oceaan over, naar Kenia. En hier, en ze overwinteren hier [in Zuidelijk Afrika]. Ongelofelijk. Dit is de meest buitengewone migratie van alle roofvogels. Een echt ongelofelijke migratie.
En ze zijn niet de enigen die de oversteek maken. Ze hebben de meest bijzondere route, maar meerderen maken de oversteek van India naar Afrika. Zo ook deze, de boomvalk. Deze jongen is een heel leuke vogel, het is de jacobijnkoekoek. Diegenen van jullie uit Noord-India zullen deze herkennen. Hij komt met de moessons. In deze tijd van het jaar steken ze terug over naar Afrika. En deze jongen, de scharrelaar, een bijzonder mooie vogel. Hij staat bekend als de Eurazische scharrelaar. In India komt hij in het noordwesten voor, dus is hij bekend als de Kasjmirscharrelaar. En deze vogels, wat ik heb gedaan, is dat ik alle gegevens heb verzameld, alle beschikbare gegevens over deze vogels, en samengevoegd, en ik ontdekte dat ze precies tegelijk migreren met de libellen. Ze gebruiken precies dezelfde winden. Ze reizen op precies hetzelfde moment met dezelfde winden om over te steken. Ik weet dat ze op dezelfde hoogte reizen.
Dat is bekend van de amoervalk. Deze jongen, jammer genoeg kwam één van hen tot een ongelukkig einde. Hij vloog uit de kust van Goa, 21 jaar geleden, 1988, oktober 1988. Een Indiaas marinevliegtuig vloog bij Goa, bang, in het midden van de nacht, gelukkig een tweemotorig vliegtuig, kwam terug om de basis, en ze haalden de overblijfselen van één van deze [Eurazische Scharrelaars] eruit. Hij vloog 's nachts boven de Indische Oceaan op 2424 meter hoogte. Dezelfde hoogte als de libellen. Dus gebruiken ze dezelfde winden. En het andere belangrijke, de andere belangrijke factor voor al deze vogels, al deze jongens van gemiddelde grootte, en hiertoe behoort de volgende afbeelding ook, dat is een bijeneter. Bijeneters eten bijen. Deze heeft een mooie blauwe wang. Het is een blauwwangbijeneter. En elk van deze vogels die de oversteekt maken van India naar Oost-Afrika eet insecten, grote insecten, ter grootte van libellen. Heel erg bedankt. (applaus)
You can share this video by copying this HTML to your clipboard and pasting into your blog or web page. This video will play with subtitles.
You either have JavaScript turned off or have an old version of the Adobe Flash Player. To view this rating widget you
need to get the latest Flash player.
If your browser allows only "trusted sites" to execute Javascript, you should add the "googleapis.com" domain to your whitelist to allow our Flash detection to work properly.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation.
Op de Malediven, waar hij woont, merkte Charles Anderson plotselinge explosies in de aantallen libellen op in bepaalde jaargetijden. Hij legt uit hoe hij stap voor stap de route van deze kleine libel, die de wereldzwerver wordt genoemd, onderzocht en er achter kwam dat dit kleine insect van alle insecten de langste migratieroute heeft.
Charles Anderson studies marine life in the Maldives, a nation of coral atolls in the Indian ocean. Full bio »
Translated into Dutch by Timmoty Wigboldus
Reviewed by Rudolf Penninkhof
Comments? Please email the translators above.
16:28 Posted: Dec 2008
Views 270,445 | Comments 94
22:35 Posted: Apr 2007
Views 514,483 | Comments 84
16:48 Posted: Feb 2009
Views 176,601 | Comments 28
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign Out.