Ik ben al zo'n 35 jaar lang gefascineerd door de verscheidenheid aan gewassen, sinds ik een vrij onbekend academisch artikel tegenkwam van iemand die Jack Harlan heet. Hij beschreef de verscheidenheid aan gewassen -- alle verschillende soorten tarwe en rijst en zo -- als een genetische hulpbron. Hij zei: "Deze genetische hulpbron", -- ik zal de woorden nooit vergeten -- "staat tussen ons en een catastrofale hongersnood die grootschaliger is dan we ons kunnen inbeelden."
Ik dacht dat hij ofwel echt iets op het spoor was, ofwel zo'n academische gek was. Dus deed ik wat onderzoek en ik ontdekte dat hij geen gek was. Hij was de meest gerespecteerde wetenschapper in het onderzoeksdomein. Hij begreep dat de biologische diversiteit -- diversiteit aan gewassen -- de biologische basis is van de landbouw. Het is de grondstof, de basis, van de evolutie in onze gewassen. Geen banale zaak. Hij begreep ook dat die basis aan het afbrokkelen was, letterlijk aan het afbrokkelen. Dat onze gewassen echt aan het uitsterven waren in onze velden, in ons landbouwsysteem. En dat ze aan het uitsterven waren terwijl maar heel weinig mensen het merkten en nog minder mensen erom gaven.
Ik weet dat velen onder jullie niet stilstaan bij diversiteit in landbouwsystemen en, laten we eerlijk zijn, dat is logisch. Het staat niet elke dag in de krant. En in de supermarkt is er echt niet veel keuze. Je ziet rode, gele en groene appels en dat is het zowat.
Ik ga jullie een foto tonen van een vorm van diversiteit. Dit zijn bonen. Er staan ongeveer 35 of 40 verschillende soorten bonen op deze foto. Stel je voor dat al deze soorten evenveel van elkaar verschillen als een poedel van een Deense dog. Als ik jullie een foto zou willen tonen van alle hondenrassen ter wereld, en ik zou er 30 of 40 op een dia zetten, dan zou ik een10-tal dia's nodig hebben omdat er ongeveer 400 hondenrassen bestaan. Maar er bestaan 35 tot 40.000 verschillende soorten bonen. Als ik jullie dus alle bonen ter wereld zou tonen, en ik zo'n dia had, en elke seconde een andere dia zou tonen, zou ik mijn hele lezing lang bezig zijn, en ik zou niets hoeven zeggen.
Wat interessant is -- en wat tragisch is --, is dat we die diversiteit aan het verliezen zijn. We hebben ongeveer 200.000 verschillende soorten tarwe en we hebben ongeveer 2 tot 400.000 verschillende soorten rijst, maar we zijn ze aan het verliezen. Ik ga jullie een voorbeeld geven. Het is een beetje een persoonlijk voorbeeld, eigenlijk. In de 19e eeuw in de Verenigde Staten -- daar hebben we de beste gegevens van -- teelden boeren en tuinmannen 7100 soorten appels met een eigen naam. Stel je voor. 7100 appels met een naam. Vandaag zijn 6800 daarvan uitgestorven, die zien we nooit meer terug.
Vroeger had ik een lijst van al die uitgestorven appels, en wanneer ik een presentatie gaf, gaf ik de lijst door aan het publiek. Ik vertelde niet wat erop stond, maar hij was alfabetisch opgesteld. Ik vroeg de mensen om hun eigen achternaam te zoeken, de meisjesnaam van hun moeder. Op het einde van de lezing vroeg ik dan: "Hoeveel mensen hebben een naam gevonden?" Er was nooit minder dan twee derde van het publiek dat zijn hand opstak. Dan zei ik: "Deze appels komen van jullie voorouders, en jullie voorouders hebben hen de grootste eer mogelijk gegeven. Ze hebben hen hun naam gegeven. Het slechte nieuws is dat ze uitgestorven zijn. Het goede nieuws is dat een derde van jullie hun hand niet opgestoken heeft. Jullie appel bestaat nog. Vind die appel. Zorg ervoor dat hij niet op de lijst komt."
Ik wil jullie vertellen dat het goede nieuws is dat de Fowler-appel nog bestaat. Ik heb hier een oud boek en ik wil er een stukje uit voorlezen. Dit boek kwam uit in 1904. Het heet "De appels van New York" en dit is het tweede deel. Vroeger hadden we heel veel appels. De Fowler-appel staat hierin beschreven -- dit zal jullie hopelijk niet verbazen -- als "een prachtige vrucht". (Gelach) Ik weet niet of wij de appel zijn naam gegeven hebben of andersom, maar ... om eerlijk te zijn, de beschrijving gaat verder met "hij scoort daarentegen niet hoog wat de kwaliteit betreft". En daar houdt het niet op. Het lijkt wel geschreven door een oude leraar van mij. "Wanneer de vrucht in New York geteeld wordt, ontwikkelt ze zich qua grootte en kwaliteit niet naar behoren en stelt ze, alles in acht genomen, teleur.
Ik denk dat hier een les uit te trekken valt: waarom de appel dan redden? Die vraag hoor ik voortdurend. Waarom redden we niet gewoon de beste? Er zijn een aantal antwoorden op die vraag. Ten eerste bestaat er niet zoiets als de beste. De beste soort vandaag is morgen lunch voor insecten, plagen of ziektes. Ten tweede zou de Fowler-appel of een tarwesoort die op dit moment niet rendabel is bestand kunnen zijn tegen ziekte of plagen of heeft hij als enige een eigenschap die we nodig gaan hebben voor de klimaatverandering. Gelukkig is het dus niet noodzakelijk dat de Fowler-appel de beste appel ter wereld is. Het is alleen noodzakelijk of interessant dat hij misschien één goede, unieke eigenschap heeft. Daarom zouden we hem moeten bewaren. Waarom? Als een grondstof, een eigenschap die we in de toekomst kunnen gebruiken. Bekijk diversiteit als iets dat ons verschillende opties geeft. En opties zijn precies wat we nodig hebben in een tijd van klimaatverandering.
Ik ga jullie twee dia's tonen, maar eerst heb ik het over ons werk bij het Global Crop Diversity Trust. Met een aantal wetenschappers -- vooral van Stanford en de Universiteit van Washington -- vragen we ons af wat er gebeurt met de landbouw in een tijd van klimaatverandering en wat voor eigenschappen onze gewassen nodig hebben om zich daaraan te kunnen aanpassen. Kort samengevat gaan in veel landen in de toekomst de koudste kweekseizoenen heter zijn dan die gewassen ooit hebben meegemaakt. In de toekomst zullen de koudste kweekseizoenen heter zijn dan de heetste in het verleden. Is de landbouw daaraan aangepast? Geen idee. Kunnen vissen piano spelen? Als de landbouw het nooit heeft meegemaakt, hoe kan het er dan aan aangepast zijn?
Het grootst aantal arme en hongerige mensen ter wereld bevindt zich op de plaats waar de klimaatverandering, ironisch genoeg, het ergst zal zijn, in Zuid-Azië en de Sub-Sahara in Afrika. Ik ga jullie twee voorbeelden laten zien. In dit histogram tonen de blauwe staven de temperatuur doorheen de tijd ongeveer vanaf dat we er gegevens van hebben. Je kan zien dat er een klein verschil is tussen de groeiseizoenen. Sommige zijn kouder, andere heter. De lijn is klokvormig. De hoogste staaf is de gemiddelde temperatuur voor het hoogst aantal groeiseizoenen. Later deze eeuw gaat die eruitzien als de rode staaf, alle perken te buiten. Het landbouwsysteem en, vooral, de gewassen in India hebben dat nooit eerder meegemaakt.
Dit is Zuid-Afrika. Hetzelfde verhaal. Maar het interessantst aan Zuid-Afrika is dat we niet tot 2070 moeten wachten voor er problemen zijn. Het dominante gewas in Zuid-Afrika is mais -- 50 procent van de voeding in Zuid-Afrika komt van het veld. In 2030 zal de maisproductie met 30 procent gedaald zijn vanwege de klimaatverandering. Een daling van 30 procent terwijl de populatie toeneemt, dat is een voedselcrisis. Het is iets globaals. We zullen kinderen zien verhongeren op tv. Je denkt misschien dat 20 jaar nog veraf is. In die tijd plant mais zich twee keer voort. We hebben twee pogingen om dit op te lossen. We moeten klimaat-klare gewassen in de velden krijgen en vrij snel.
Het goede nieuws is dat we gewassen bewaard hebben. We hebben een groot deel van de landbouwdiversiteit, verzameld en bewaard, vooral in de vorm van zaden, en in zaadbanken gestoken; een duur woord voor diepvriezers. Om zaad lang te bewaren en het beschikbaar te maken voor plantenkwekers en onderzoekers, moet je het drogen en daarna invriezen. Helaas bevinden die zaadbanken zich in gebouwen over de hele wereld en die zijn kwetsbaar. Er zijn al rampen gebeurd. De laatste jaren zijn we de genenbanken kwijtgeraakt, in Irak en Afghanistan. Je weet wel hoe. In Rwanda, op de Solomoneilanden. En dan zijn er nog de dagelijkse rampen in de gebouwen: financiële problemen, wanbeleid, storingen in de apparatuur, en allerlei dingen. En elke keer dat zoiets gebeurt, sterven er soorten uit. We raken de diversiteit kwijt. Ik bedoel niet zoals wanneer je je autosleutels kwijtraakt. Ik bedoel zoals we de dinosaurussen kwijtgeraakt zijn: die zijn echt weg en zullen nooit meer terugkomen.
Daarom had een aantal van ons besloten dat genoeg gewoon genoeg was en dat we er iets aan moesten doen en een gebouw nodig hadden dat echt bescherming kan bieden aan de biologische diversiteit aan -- misschien niet de meest charismatische diversiteit. Je kijkt niet op dezelfde manier naar een wortelzaadje als naar een pandabeer, maar het is heel belangrijke diversiteit. We hadden een heel veilige plaats nodig en we zijn vrij noordelijk gegaan om die te vinden. Tot in Svalbard. Dat ligt boven het Noorse vasteland. Je kan er Groenland zien. Het ligt op 78 graden noord. Verder kan je niet vliegen met een gewoon lijntoestel. Het is een ontzettend mooi landschap, onbeschrijfelijk. Het lijkt wel van een andere wereld, prachtig. We werkten samen met de Noorse regering en met NorGen, het Noors Genetisch Hulpbronnenprogramma, om het gebouw te ontwerpen. Hier zie je het ontwerp van een kunstenaar. Het gebouw is in een berg in Svalbard gebouwd. Het idee was dat Svalbard koud was, zodat we natuurlijke vriestemperaturen hadden. Maar het is afgelegen en bereikbaar, dus is het veilig en hebben we geen mechanische koeling nodig.
Dit is meer dan de droom van een kunstenaar, het bestaat nu echt. De volgende foto toont het in zijn context, in Svalbard. Dit is de voordeur. Als je de deur opent, zie je dit. Het is heel eenvoudig. Een gat in de grond. Het is een tunnel, gebeiteld in massieve rotsen, van ongeveer 130 meter lang. Het ziet er nu een beetje anders uit omdat er nu beveiligingsdeuren in zitten. Op het einde bevind je je in een ruimte die echt mijn favoriete plek is. Het is een soort kathedraal, vind ik. Ik weet dat ik nu een beetje als een nerd overkom, maar... (Gelach) Een aantal van de gelukkigste dagen van mijn leven... (Gelach) heb ik daar doorgebracht.
Als je een van de kamers binnen zou gaan, zou je dit zien. Het is niet zo spannend, maar als je weet wat daar is, is het nogal ontroerend. We hebben nu ongeveer 425.000 monsters van unieke gewassoorten. Er zijn nu 70.000 monsters van verschillende soorten rijst in dit gebouw. Over een jaar zullen we er meer dan 500.000 hebben. We gaan tot meer dan een miljoen en ooit zullen we monsters hebben -- ongeveer 500 zaden -- van elk soort gewas dat in bevroren vorm bewaard kan worden. Het is een back up-systeem voor de landbouw. Een back up-systeem voor alle zaadbanken. Opslag is gratis. Het werkt zoals een kluis. De berg en het gebouw zijn van Noorwegen, maar het zaad is van de gebruikers. En als er iets gebeurt, kunnen ze het terug komen halen. Deze foto toont de nationale verzameling van de Verenigde Staten, van Canada, en een internationale instelling uit Syrië.
Ik vind het interessant dat dit gebouw bijna het enige is tegenwoordig waarbij landen, letterlijk alle landen ter wereld -- want we hebben zaad uit elk land ter wereld -- waarbij alle landen samen zijn gekomen om iets te doen dat langdurig, duurzaam en positief is. Ik kan niets gelijkaardigs bedenken dat sinds ik leef gebeurd is.
Ik kan jullie niet recht aankijken en vertellen dat ik een oplossing heb voor de klimaatverandering, voor de watercrisis. 70 procent van de voorraad zoet water ter wereld gaat naar landbouw. Ik kan jullie niet recht aankijken en vertellen dat er zo'n oplossing is voor die dingen, of voor de energiecrisis, hongersnood of vrede in conflictsituaties. Ik kan niet zeggen dat ik daar een eenvoudige oplossing voor heb, maar ik kan jullie wel recht aankijken en vertellen dat we al die problemen nooit kunnen oplossen zonder verscheidenheid aan gewassen. Ik daag jullie uit om een effectieve, efficiënte, duurzame oplossing te bedenken voor de klimaatverandering, zonder variëteit aan gewassen. Want als de landbouw zich niet, letterlijk, aanpast aan de klimaatverandering, dan wij ook niet. En als gewassen zich niet aanpassen aan de klimaatverandering, dan de landbouw ook niet, en wij ook niet.
Dit is niet gewoon iets leuks om te doen. Er zijn een boel mensen die het geweldig zouden vinden als die verscheidenheid er was, vanwege de intrinsieke waarde ervan. Ik ben het ermee eens dat het een leuke taak is. Maar het is bovenal een noodzakelijke taak. Ik geloof dat we ons als internationale gemeenschap zouden moeten organiseren om die taak te volbrengen. De Wereldzaadbank op Spitsbergen is een prachtig geschenk dat we van Noorwegen en anderen gekregen hebben, maar het is niet de volledige oplossing. We moeten de overblijvende diversiteit verzamelen. We moeten haar in goede zaadbanken steken waar onderzoekers de zaden in de toekomst kunnen vinden. We moeten haar catalogiseren. Het is een bibliotheek van het leven, maar nu hebben we er nog geen catalogus voor. En we moeten haar financieel steunen.
We vinden het normaal om schenkingen te doen aan een museum of een professor aan de universiteit maar ik geloof dat we schenkingen zouden moeten doen voor tarwe. Een schenking van 30 miljoen dollar is genoeg om de diversiteit aan tarwe voor altijd te bewaren. We moeten dus een beetje in die richting denken.
Mijn laatste gedachte is dat we door tarwe te bewaren, rijst, aardappelen en andere gewassen, heel eenvoudig onszelf misschien wel zullen redden.
You can share this video by copying this HTML to your clipboard and pasting into your blog or web page. This video will play with subtitles.
You either have JavaScript turned off or have an old version of the Adobe Flash Player. To view this rating widget you
need to get the latest Flash player.
If your browser allows only "trusted sites" to execute Javascript, you should add the "googleapis.com" domain to your whitelist to allow our Flash detection to work properly.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation.
De verschillende soorten tarwe, mais en rijst die we vandaag kweken, zullen in de toekomst door de klimaatverandering misschien niet meer groeien. Cary Fowler leidt ons rond in een enorme globale zaadbank, begraven in een bevroren berg in Noorwegen, waar een gevarieerde verzameling voedselgewassen bewaard wordt voor de toekomst.
Biodiversity warrior Cary Fowler wants to save the world from agricultural collapse, one seed at a time. Full bio »
Translated into Dutch by Lien Moris
Reviewed by Els De Keyser
Comments? Please email the translators above.
06:34 Posted: May 2009
Views 259,724 | Comments 91
22:35 Posted: Apr 2007
Views 514,598 | Comments 84
18:00 Posted: May 2009
Views 253,525 | Comments 209
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign Out.