Follow TED
Be the first to know about new TEDTalks, TED news and other announcements.
Click on any phrase to play the video from that point.
Ik kom hier praten over het wonder en het mysterie van bewuste geesten. Het wonderlijke is dat we vanochtend allemaal wakker werden en daarbij opnieuw bij bewustzijn kwamen - fantastisch. We kwamen bij met een volledig gevoel van identiteit en een volledig gevoel van ons eigen bestaan. Maar we staan nauwelijks stil bij dat wonder. We zouden dat moeten doen. Want als we de mogelijkheid van een bewuste geest niet hadden, zouden we geen enkele kennis hebben over onze menselijkheid. We zouden geen enkele kennis van de wereld hebben. We zouden geen pijn, maar ook geen vreugde kennen. We zouden geen toegang hebben tot liefde, of het vermogen om te scheppen. Scott Fitzgerald sprak de beroemde woorden: "De uitvinder van het bewustzijn heeft zich een hoop te verwijten." Maar hij vergat ook dat hij zonder bewustzijn geen toegang zou hebben tot waar geluk, en zelfs de mogelijkheid van transcendentie.
Dat was het wonder. Nu het mysterie. Dit is een mysterie dat heel erg moeilijk te ontraadselen was. Al sinds het prille begin van de filosofie, en zeker gedurende de hele geschiedenis van de neurowetenschap, is dit het ene mysterie geweest dat altijd bestand bleef tegen opheldering en dat tot grote controverse leidde. Er zijn vele mensen die denken dat we er niet mogen aan raken, dat we het met rust moeten laten, onopgelost. Ik geloof dat niet. Ik denk dat de situatie verandert. Het zou belachelijk zijn om te claimen dat we weten hoe bewustzijn ontstaat in ons brein, maar we kunnen zeker een begin maken met een benadering van de kwestie. We kunnen een schets van een oplossing zien.
Een ander wonder waarover we ons verheugen, is het feit dat we beeldtechnologie hebben die ons toelaat om het menselijke brein binnen te gaan en daar bijvoorbeeld ... dit te zien. Dit zijn beelden uit het lab van Hanna Damasio. Ze tonen je, binnen in een levend brein, de reconstructie van dat brein. Deze persoon is in leven. Dit is geen persoon die wordt bestudeerd bij een autopsie. Meer nog -- en hierover kunnen we echt versteld staan -- zometeen toon ik jullie dat we onder de oppervlakte van het brein duiken en binnenkijken in het levende brein, naar de echte connecties, echte verbindingswegen. Deze gekleurde lijnen stemmen overeen met bundels van axonen, de vezels die onze cellichamen met synapsen verbinden. Tot mijn spijt zijn ze niet in kleur. Hoe dan ook, ze zijn er. De kleuren zijn een code voor de richting: van achter naar voren of andersom.
Hoe dan ook, wat is bewustzijn? Wat is een bewuste geest? We zouden het simpel kunnen houden en zeggen: het is wat we verliezen als we in een diepe droomloze slaap vallen, of als we verdoofd worden, en het is wat we herwinnen als we bijkomen uit slaap of anesthesie. Maar wat is het dat we verliezen onder anesthesie of in een diepe droomloze slaap? Eerst en vooral is het een geest, ofwel een reeks mentale beelden. We denken natuurlijk aan beelden die uit zintuiglijke patronen kunnen bestaan, visuele, zoals wat je nu ervaart in verband met het podium en mijzelf, of auditieve, zoals nu in verband met mijn woorden. Die vloed van mentale beelden is de geest.
Maar er is nog iets dat we allemaal ervaren in deze ruimte. We zijn geen passieve vertoners van visuele, auditieve of tactiele beelden. We hebben een zelf. We hebben een Ik dat automatisch aanwezig is in onze geest op dit moment. We zijn eigenaar van onze geest. We hebben het gevoel dat het elk van ons is die dit ervaart -- niet de persoon die naast je zit. Om een bewuste geest te hebben, heb je een zelf in de bewuste geest. Een bewuste geest is dus een geest met daarin een zelf. Dat zelf introduceert het subjectieve perspectief in de geest. We zijn slechts volledig bewust als het zelf zich bij de geest voegt. Wat we moeten weten om dit mysterie te onderzoeken, is, ten eerste, hoe wordt een geest samengesteld in het brein, en, ten tweede, hoe een zelf wordt geconstrueerd.
De eerste kwestie is relatief simpel -- het is helemaal niet simpel, maar het is geleidelijk aangepakt in de neurowetenschap. Het is duidelijk dat je, om een geest te maken, neurale kaarten moet opstellen. Stel je een raster voor, zoals wat ik je nu toon, en stel je in dat raster, dat tweedimensionale vlak, neuronen voor. Stel je een digitaal billboard voor, met elementen die al dan niet oplichten. Afhankelijk van hoe je het patroon opzet van al dan niet oplichten, de digitale elementen, of in dit geval de neuronen in het vlak, zal je een kaart kunnen maken. Ik toon jullie hier een visuele kaart, maar dit geldt voor elk soort kaart -- een auditieve bijvoorbeeld, i.v.m. geluidsfrequenties, of de kaarten die we met onze huid creëren, i.v.m. een voorwerp dat we aanraken.
Om mijn punt te maken over hoe nauw de relatie is tussen het neuronenraster, de topografische ordening van de activiteit van de neuronen, en onze mentale ervaring, ga ik jullie een persoonlijk verhaal vertellen. Als ik mijn linkeroog bedek -- ik heb het over mijzelf, niet jullie allen -- als ik mijn linkeroog bedek, dan kijk ik naar het raster -- ziet eruit zoals wat ik jullie hier toon. Alles is piekfijn in orde en loodrecht. Maar onlangs ontdekte ik dat als ik mijn linkeroog bedek, dit is wat ik krijg. Ik kijk naar het raster en ik zie een kromming aan de rand van mijn centraal-linkse veld.
Bizar -- ik heb het een tijdlang bestudeerd. Maar enige tijd geleden, met de hulp van een collega van mij, oftalmoloog Carmen Puliafito, die een laserscanner van het netvlies heeft ontwikkeld, ontdekte ik het volgende. Als ik mijn netvlies scan in het horizontale vlak dat je daar in het hoekje ziet, dan krijg ik het volgende. Aan de rechterkant is mijn netvlies volmaakt symmetrisch. Je ziet de afdaling naar de fovea, waar de oogzenuw begint. Maar op mijn linkernetvlies is er een bobbel, aangeduid met een rode pijl. Die stemt overeen met een kleine cyste die eronder zit. Dat is de precieze oorzaak van de kromming van mijn visuele beeld.
Je moet dus goed bedenken: je hebt een neuronenraster, en nu krijg je een louter mechanische wijziging in de positie van het raster, waardoor je mentale ervaring krom wordt. Zo dicht staat je mentale ervaring bij de activiteit van de neuronen in het netvlies. Dat is een deel van de hersenen dat in de oogbal zit, of nog een laag van de visuele cortex. Van het netvlies ga je naar de visuele cortex. Het brein voegt een hoop informatie toe aan wat zich afspeelt in de signalen vanuit het netvlies. In dat beeld daar zie je verschillende eilanden van wat ik beeldvormingsgebieden in het brein noem. Het groene bijvoorbeeld stemt overeen met tastinformatie, het blauwe met auditieve informatie.
Er gebeurt nog iets anders: die beeldvormingsgebieden waar de neurale kaarten worden getekend, kunnen dan signalen geven aan de purperen oceaan eromheen, de hersenschors, waar je kan opslaan wat er gebeurde in die eilanden van beeldvorming. De grote schoonheid is dat je dan uit het geheugen, uit die hersenschors, opnieuw beelden kan vormen in de zelfde gebieden waar de waarneming zit. Bedenk dus hoe fantastisch comfortabel en lui het brein is. Het zorgt voor bepaalde gebieden die aan waarneming en beeldvorming doen. Dit zijn exact dezelfde gebieden die gebruikt zullen worden voor beeldvorming als we informatie terug oproepen.
Het mysterie van de bewuste geest wordt een beetje kleiner, omdat we een algemeen idee hebben van hoe we deze beelden vormen. Maar hoe zit het met het zelf? Het zelf is echt een ongrijpbare kwestie. Lange tijd wilde men het zelfs niet aanraken. Men zei: "Hoe kan je een referentiepunt hebben, de stabiliteit die vereist is voor het behoud van de continuïteit van het zelf, dag na dag?" Ik dacht na over een oplossing voor dit probleem. Dit is het. We genereren breinkaarten van de binnenkant van het lichaam en gebruiken die als referentie voor alle andere kaarten.
Laat me jullie vertellen hoe ik hierbij kwam. Dat was omdat als je een referentiepunt hebt dat we als zelf kennen -- het Ik, het ego in onze eigen verwerking -- dan moet je iets stabiels hebben, iets dat niet veel verandert van dag tot dag. Het is een feit dat we één enkel lichaam hebben. We hebben één lichaam, geen twee, geen drie. Dat is een begin. Er is maar één referentiepunt, het lichaam. Maar het lichaam heeft vele delen. Die groeien tegen een verschillend tempo en hebben een verschillende maat. Mensen verschillen. Dat geldt niet voor de binnenkant. De dingen die te maken hebben met wat we als ons interne milieu kennen -- bijvoorbeeld de huishouding van de chemie in ons lichaam -- zijn erg goed onderhouden, dag na dag, om een zeer goede reden. Als je te veel afwijkt in de parameters dicht bij de middellijn van het gebied waarin je kan overleven, dan leidt dat tot ziekte of dood. We hebben dus een ingebouwd systeem in ons leven dat zorgt voor een zekere continuïteit. Ik noem dat graag een bijna eindeloze gelijkheid van dag tot dag. Want als je die gelijkheid niet hebt, fysiologisch gezien, dan word je ziek of sterf je. Dat is dus nog een element voor continuïteit.
Het laatste is dat er een nauwe band bestaat tussen de regeling van ons lichaam in het brein en het lichaam zelf, een unieke band. Als ik bijvoorbeeld beelden van jullie maak, is er geen fysiologische band tussen de beelden die ik van jullie als publiek heb en mijn brein. Maar er is een nauwe, permanent onderhouden band tussen de delen van mijn brein die het lichaam regelen en mijn eigen lichaam.
Het ziet er zo uit. Kijk naar die zone. Dat is de hersenstam tussen de hersenschors en het ruggenmerg. Het is in dat gebied, dat ik nu zal doen oplichten, dat we de behuizing vinden van alle levensregulerende toepassingen van het lichaam. Dit is erg specifiek. Kijk bijvoorbeeld naar het rood gekleurde deel, in het bovenste deel van de hersenstam. Als je dat beschadigt door een beroerte, bijvoorbeeld, krijg je een coma of vegetative staat. Dat is een staat waarin je geest verdwijnt, je bewustzijn verdwijnt. Wat dan gebeurt, is dat je de basis van het zelf verliest, je hebt geen toegang meer tot enig gevoel van je eigen bestaan. Misschien zijn er beelden die worden gevormd in de hersenschors, maar jij weet niet dat ze er zijn. Je hebt het bewustzijn verloren als je schade hebt aan het rode deel van de hersenstam.
Als je naar het groene deel van de hersenstam kijkt, gebeurt dat helemaal niet. Zo specifiek is het. Als je dat groene deel van de hersenstam beschadigt, wat vaak gebeurt, dan ben je volledig verlamd, maar blijft je bewuste geest behouden. Je hebt een volledig bewuste geest waarover je erg indirect verslag kan doen. Dit is een vreselijke toestand. Dat wil je niet zien. Mensen zijn gevangen in hun eigen lichaam, maar ze hebben een geest. Er was een zeer interessante film, een van de zeldzame goede films over dit soort situatie, van Julian Schnabel, enkele jaren geleden, over een patiënt in die toestand.
Ik zal jullie een beeld tonen. Ik beloof dat ik er niets over zeg, behalve dan dat het jullie moet doen schrikken. Gewoon om te zeggen dat in dat rode deel van de hersenstam, om het simpel te houden, al die kleine vakjes zitten die modules vertegenwoordigen die hersenkaarten maaken van verschillende delen van onze binnenkant, verschillende aspecten van ons lichaam. Ze zijn zeer subtiel topografisch en zeer subtiel met elkaar verbonden in een recursief patroon. Het is van hieruit, en vanuit die nauwe koppeling tussen de hersenstam en het lichaam dat volgens mij -- ik kan het fout hebben, maar dat denk ik niet -- dat je die kaarten van het lichaam aanmaakt die de basis vormen voor het zelf en dat de vorm aanneemt van gevoelens -- oergevoelens, overigens.
Welk beeld krijgen we hier dus? Kijk naar 'hersenschors', kijk naar 'hersenstam', kijk naar 'lichaam', en je krijgt het beeld van de onderlinge band waarin de hersenstam de basis voor het zelf vormt in zeer nauwe samenhang met het lichaam. Je hebt de hersenschors die ons het grote spektakel van onze geest bezorgt, met de overvloed aan beelden die de inhoud van onze geest zijn. We besteden hier normaal de meeste aandacht aan, en zo hoort het, want dit is de film die zich afspeelt in ons hoofd. Maar kijk naar de pijlen. Ze zijn daar niet alleen voor het oog. Ze zijn er omdat dit zeer nauwe interactie is. Je kan geen bewuste geest hebben als je de interactie niet hebt tussen de hersenschors en de hersenstam. Je kan geen bewuste geest hebben zonder de interactie tussen de hersenstam en het lichaam.
Het interessante is dat we onze hersenstam delen met een reeks andere soorten. Bij alle gewervelden lijkt het ontwerp van de hersenstam heel erg op de onze. Het is één van de redenen waarom volgens mij die andere soorten bewuste geesten hebben, net zoals wij. Ze zijn alleen niet zo rijk als de onze omdat ze geen hersenschors hebben zoals wij. Daar ligt het verschil. Ik ben het helemaal niet eens met het idee dat bewustzijn moet worden beschouwd als het grote product van de hersenschors. Dat geldt alleen voor de rijkdom van onze geest, niet voor het feit dat we een zelf hebben dat we in verband kunnen brengen met ons bestaan, en dat we een gevoel van persoonlijkheid hebben.
Er zijn drie niveaus van zelf: het proto, de kern en het autobiografische zelf. De eerste twee delen we met vele andere soorten. Ze komen vooral uit de hersenstam en wat die andere soorten aan cortex hebben. Het autobiografische zelf hebben volgens mij sommige soorten. Walvisachtigen en primaten hebben ook een zekere mate van autobiografisch zelf. Eenieders hond thuis heeft een zekere mate van autobiografisch zelf. Maar hier zit de nieuwigheid.
Het autobiografische zelf is gebouwd op basis van herinneringen uit het verleden en herinneringen van onze plannen. Het is het beleefde verleden en de geanticipeerde toekomst. Het autobiografische zelf leidde tot uitgebreid geheugen, redeneren, verbeelding, creativiteit en taal. Daaruit kwamen de instrumenten van de cultuur -- godsdiensten, recht, handel, kunst, wetenschap, technologie. Binnen die cultuur kunnen we echt -- en dit is de nieuwigheid -- iets krijgen dat niet volledig door onze biologie is bepaald. Het wordt ontwikkeld in de culturen, in de gemeenschappen van mensen. Dit is de cultuur waarin we iets ontwikkeld hebben dat ik graag socioculturele regelgeving noem.
Je kan je afvragen, terecht: waarom moeten we hierom malen? Wat geeft het of het de hersenstam of de hersenschors is, en hoe dit tot stand kwam? Drie redenen. Eén: nieuwsgierigheid. Primaten zijn extreem nieuwsgierig -- mensen nog meer dan anderen. Als het ons interesseert dat anti-zwaartekracht melkwegstelsels van de Aarde verwijdert, waarom zouden we dan geen interesse hebben voor wat gebeurt binnen in de mens?
Twee: begrip van maatschappij en cultuur. We moeten zoeken naar hoe maatschappij en cultuur in deze socio-culturele regelgeving steeds in beweging zijn. Tenslotte de geneeskunde. Laten we niet vergeten dat bij de ergste ziekten van de mensheid ziekten als depressie, ziekte van Alzheimer en drugsverslaving zijn. Bedenk dat beroertes je geest kunnen verwoesten of je bewusteloos kunnen maken. Je kan onmogelijk deze ziektes effectief behandelen, op niet-toevallige wijze als je niet weet hoe dit werkt. Dat is een uitstekende reden die verder gaat dan nieuwsgierigheid om te rechtvaardigen wat we doen en om belangstelling te hebben voor wat in ons brein gebeurt.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation, or join one of these:
Elke ochtend worden we wakker en komen we bij bewustzijn. Dat is een klein wonder. Maar waar komen we eigenlijk bij? Neurowetenschapper Antonio Damasio gebruikt deze eenvoudige vraag om een tip van de sluier op te lichten over de manier waarop ons brein ons zelfgevoel creëert.
Antonio Damasio's research in neuroscience has shown that emotions play a central role in social cognition and decision-making. His work has had a major influence on current understanding of the neural systems, which underlie memory, language, consciousness. Full bio »
Translated into Dutch by Els De Keyser
Reviewed by Axel Saffran
Comments? Please email the translators above.
We all woke up this morning and we had with it the amazing return of our conscious mind. We recovered minds with a complete sense of self and a complete sense of our own existence — yet we hardly ever pause to consider this wonder.” (Antonio Damasio)
21:48 Posted: Apr 2007
Views 1,002,321 | Comments 290
19:25 Posted: Sep 2010
Views 462,990 | Comments 394
15:21 Posted: Nov 2011
Views 539,071 | Comments 80
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign out.