Een toerist is op reis met de rugzak door het hoogland van Schotland, en hij stopt bij een café om iets te drinken. De enige aanwezigen zijn een barman en een oude man die een biertje drinkt. Hij bestelt een glas bier, en ze zitten daar even te zwijgen. Opeens draait de oude man zich naar hem en zegt: "Zie je dit café? Ik heb het gebouwd met mijn blote handen met het beste hout dat er is. Ik heb het meer liefde en zorg gegeven dan mijn eigen kind. Maar noemen ze mij MacGregor de cafébouwer? Nee." Hij wijst uit het raam. "Zie je die stenen muur daar? Ik heb die stenen muur met mijn blote handen gebouwd. Ik heb elke steen gezocht, en plaatste ze bij regen en koude. Maar noemen ze mij MacGregor de stenenmuurbouwer? Nee." Hij wijst uit het raam. "Zie je die steiger bij het meer daar? Ik heb die steiger met mijn blote handen gebouwd. Ik heb het paalwerk in het zand geplaatst, tegen het tij, plank voor plank. Maar noemen ze mij MacGregor de steigerbouwer? Nee. Maar je naait één geit ... "
Verhalen vertellen -- (Gelach) is moppen vertellen. Je moet de clou kennen, je einde, weten dat alles wat je zegt, van de eerste tot de laatste zin leidt naar één doel, en ons een waarheid vertelt die ons begrip vergroot van wie we zijn als menselijke wezens. We houden allemaal van verhalen. We zijn ervoor gemaakt. Verhalen bevestigen ons wie we zijn. We willen allemaal bevestiging dat ons leven zin heeft. En niets geeft een betere bevestiging dan wanneer we verbinding maken met verhalen. Het kan de grenzen van tijd overschrijden, verleden, heden en toekomst, en laat ons toe om de gelijkenissen tussen ons te ondervinden via anderen, echt en ingebeeld.
Mr. Rogers, de presentator van het kinderprogramma, had altijd een uitspraak van een maatschappelijk werker in zijn portefeuille die zei: "Eerlijk, er is niemand die je niet zou kunnen leren liefhebben zodra je hun verhaal hebt gehoord." De manier waarop ik dat graag interpreteer, is waarschijnlijk het beste verhaalgebod: "Zorg dat ik erom geef" -- alsjeblieft, emotioneel, intellectueel, esthetisch, zorg gewoon dat ik erom geef. We weten allemaal hoe het is om er niet om te geven. Je hebt al naar honderden kanalen gezapt, gewoon zappen van kanaal naar kanaal, en opeens stop je bij een programma. Het is al over de helft, maar iets heeft je gepakt, je bent erin getrokken en je geeft erom. Dat is niet toevallig, het is met opzet.
Dus dacht ik: als ik nu eens vertelde dat mijn geschiedenis een verhaal was, hoe ik ervoor gemaakt was, hoe ik geleidelijk dit onderwerp heb geleerd? Om het interessanter te maken, zullen we bij het einde starten en geleidelijk naar het begin gaan. Als ik jullie het einde van het verhaal zou geven, zou het dit zijn: "Dat is wat uiteindelijk leidde tot hier voor jullie spreken op TED over verhalen."
De meest recente verhaalles die ik gehad heb, was de afwerking van de film die ik juist gemaakt heb, in 2012. De film heet "John Carter", gebaseerd op het boek "De prinses van Mars," dat geschreven is door Edgar Rice Burroughs. Burroughs plaatste zichzelf in deze film als een personage, en als verteller. Hij werd opgeroepen door zijn rijke oom, John Carter, naar zijn landhuis met een telegram dat zei: "Kom nu naar me toe." Maar als hij daar aankomt, komt hij te weten dat zijn oom mysterieus is overleden en begraven was in een praalgraf op het domein.
(Video) Butler: Je zal geen sleutelgat vinden. De deur opent aan de binnenzijde. Hij stond erop, geen balseming, geen open kist, geen begrafenis. Rijkdom zoals die van je oom kan je niet verwerven door zoals wij allemaal te zijn, he? Laten we binnengaan.
AS: Wat deze scene doet, ook in het boek, is fundamenteel een belofte doen. Het doet een belofte aan jou dat dit verhaal je zal leiden naar een plaats die je tijd waard is. Wat alle goeie verhalen in het begin moeten doen, is een belofte maken. Je kan het op oneindig veel manieren doen. Soms is het zo eenvoudig als "Er was eens ... " Deze Carter-boeken hadden altijd Edgar Rice Burroughs als verteller. Ik vond dat altijd een fantastisch idee. Het lijkt op een man die je uitnodigt bij het kampvuur, of iemand die in een café zegt: "Laat me je iets vertellen. Ik maakte het niet mee, maar iemand anders, maar het is je tijd waard." Een goed vertelde belofte is zoals een kiezel die in een katapult wordt getrokken en je vooruitslingert door het verhaal naar het einde.
In 2008 bracht ik alle theorieën die ik toen over vertellen had, tot het uiterste van mijn kennis bij dit project.
(Video) (Mechanische geluiden) ♫ En dat is alles ♫ ♫ waarover liefde gaat ♫ ♫ En we zullen het merken ♫ ♫ wanneer de tijd om is ♫ ♫ Dat het alleen ♫ (Gelach)
AS: Vertellen zonder dialoog. Het is de puurste vorm van filmisch vertellen. Het is de meest inclusieve benadering die je kan kiezen. Het bevestigde iets dat ik al heel lang op aanvoelde, namelijk dat het publiek wil werken voor zijn eten. Ze willen gewoon niet weten dat ze dat doen. Je werk van verteller is het verbergen van het feit dat je hen doet werken voor hun eten. We zijn geboren probleemoplossers. We zijn gemaakt om af te leiden en te onderzoeken, want dat is wat we in het echte leven doen. Het is dit goedgeorganiseerde gebrek aan informatie dat ons aantrekt. Er is een reden waarom we allemaal houden van kinderen of puppy's. Niet alleen omdat ze verdomd schattig zijn, maar omdat ze niet volledig kunnen uitdrukken wat ze denken en wat hun bedoelingen zijn. Het lijkt op een magneet. We kunnen de drang niet weerstaan om de zin af te maken en in te vullen.
Ik begon deze manier van vertellen pas echt te begrijpen toen ik met Bob Peterson "Finding Nemo" schreef. We noemden dit de eengemaakte theorie van 2+2. Laat het publiek dingen bij elkaar brengen. Geef hen niet 4 maar geef hen 2+2. De elementen die je voorziet en de volgorde waarin je ze plaatst zijn beslissend voor slagen of mislukken in het verbinden van het publiek. Redacteurs en scenarioschrijvers wisten dit al lang. Het is een onzichtbare toepassing die onze aandacht voor verhalen vasthoudt. Mijn bedoeling is niet om het te laten klinken alsof het een exacte wetenschap is, want dat is het niet. Dat is er zo speciaal aan verhalen, het zijn geen gadgets, ze zijn niet exact. Verhalen zijn onvermijdelijk, als ze goed zijn, maar niet voorspelbaar.
Ik volgde een cursus dit jaar bij acteerdocent Judith Weston. Ik heb iets belangrijks over personages geleerd. Ze geloofde dat alle goedgetekende personages een ruggengraat hebben. Het idee is dat het personage een innerlijke motor heeft, een dominant, onbewust doel waar ze naar streven, jeuk waar ze niet aan kunnen krabben. Ze gaf een fantastisch voorbeeld van Michael Corleone, Al Pacino's personage in "The Godfather". Zijn ruggengraat was waarschijnlijk om zijn vader te behagen. Het is iets dat zijn keuzes altijd bepaald had. Na de dood van zijn vader probeerde hij nog steeds de jeuk te krabben. Ik fixeerde me hierop zoals een eend op water. Die van Wall-E was om de schoonheid te vinden. Die van Marlin, de vader in "Finding Nemo", was om schade tegen te gaan. Die van Woody was om te doen wat het beste was voor zijn kind. Deze ruggengraten laten je niet altijd de beste keuzes maken. Soms maak je er heel slechte keuzes door.
Ik heb het geluk dat ik kinderen heb. Door te kijken hoe mijn kinderen opgroeien, geloof ik er sterk in dat je geboren bent met temperament, dat je geprogrammeerd bent, dat je er geen vat op hebt, dat er niets aan te veranderen is. Al wat je kan doen, is het leren herkennen en het bezitten. Sommigen zijn geboren met positief temperament, sommigen met negatief temperament. Maar een belangrijke grens is overschreden wanneer je volwassen genoeg bent om te weten te komen wat je vooruitstuwt en het stuur te nemen en het te besturen. Als ouders leer je altijd wie je kinderen zijn. Zij leren wie ze zijn. Je bent nog steeds aan het leren wie je zelf bent. We zijn allemaal de hele tijd aan het leren. Dat is waarom verandering fundamenteel is in verhalen. Als dingen statisch worden, gaan verhalen ten onder, omdat het leven nooit statisch is.
In 1998 was ik klaar met het schrijven van "Toy Story" en "A Bug's Life" en ik was volledig in de ban van het scenarioschrijven. Ik wilde er veel beter in worden en leerde alles wat ik kon. Ik onderzocht alles wat mogelijk was. Eindelijk kwam ik deze fantastische uitspraak tegen van een Britse toneelschrijver, William Archer: "Drama is voorgevoel vermengd met onzekerheid." Het is een definitie met ongelooflijk veel inzicht.
Wanneer je een verhaal vertelt, heb je dan een voorgevoel opgebouwd? In het kort, heb je gezorgd dat ik wil weten wat er verder zal gebeuren? Belangrijker: heb je gezorgd dat ik wil weten hoe het allemaal zal samenkomen op lange termijn? Heb je eerlijke conflicten opgebouwd met eerlijkheid die twijfel creëert over wat de afloop zou kunnen zijn? Een voorbeeld zou "Finding Nemo" kunnen zijn. In de korte spanning was je altijd bezorgd: zou Dory's korte-termijngeheugen haar doen vergeten wat Marlin haar gezegd had? Maar daarnaast was ook de algemene spanning: zouden we Nemo ooit vinden in deze reusachtige, uitgestrekte oceaan?
In onze begindagen op Pixar, voor we echt de onzichtbare werking van een verhaal begrepen, waren we gewoon een groep mannen die op ons lef en instinct afgingen. Het is interessant om te weten hoe dat ons plaatsen opleverde die redelijk goed waren. Je moet weten dat in die tijd, 1993, de modellen voor succesvolle animatiefilms "De kleine zeemeermin," "Belle en het Beest," "Alladin," "De Leeuwenkoning" waren. Toen we "Toy Story" voor het eerst aan Tom Hanks voorstelden, kwam hij binnen en zei: "Je wil toch niet dat ik zing?" Ik dacht dat dat perfect belichaamde wat iedereen dacht dat animatie moest zijn, toentertijd. Maar we wilden bewijzen dat je verhalen helemaal anders kon vertellen met animatie.
We hadden toen geen invloed, dus we hadden een kleine geheime lijst met regels die we onder ons hielden. Dit waren ze: geen liedjes, geen "ik wil"-moment, geen gelukkig dorp, geen liefdesverhaal. De ironie is dat, in het beginjaar, ons verhaal helemaal niet werkte. En Disney panikeerde. Ze kregen privé-advies van een beroemde tekstschrijver, ik noem geen naam, en hij faxte hen een paar suggesties. We kregen een kopie van die fax. In de fax stond dat er liedjes moesten zijn, er een "ik wil"-liedje moet zijn, een liedje over een gelukkig dorp, een liefdesverhaal en een slechterik. Gelukkig waren we toen te jong, te rebels en te tegendraads. Dat gaf ons meer motivatie om te bewijzen dat je een beter verhaal kon bouwen. Een jaar later bewezen we het. Dit toonde aan dat er richtlijnen zijn voor verhalenvertellen, geen harde, snelle regels.
We leerden ook een ander fundamenteel ding: over je hoofdpersonage leuk vinden. We dachten naïef dat Woody in Toy Story op het einde onbaatzuchtig moest worden, dus je moest ergens starten. Laten we hem egoïstisch maken. Dit is wat je bekomt.
(Voice-over) Woody: Wat ben je daar aan het doen? Uit het bed. Hey, uit het bed! Mr. Aardappelhoofd: Ga je ons dwingen, Woody? Woody: Nee, hij gaat dat doen. Slinky? Slink ... Slinky! Kom hier en doe wat je moet doen. Ben je doof? Ik zei, reken af met hen. Slinky: Sorry, Woody, maar ik moet het eens zijn met hen. Ik vind het niet juist wat je gedaan hebt. Woody: Wat? Hoor ik wel goed? Denk je dat ik geen gelijk had? Wie zei dat het jouw taak was om te denken, Spring Wiener?
AS: Hoe maak je een egoïstisch personage aantrekkelijk? We realiseerden ons dat je hem vriendelijk kon maken, gul, grappig, attent, zolang hij aan één voorwaarde voldoet, namelijk dat hij het topspeelgoed blijft. Het is echt zo dat we allemaal met voorwaarden leven. We volgen allemaal de regels en andere dingen, zolang bepaalde voorwaarden voldaan zijn. Daarna is het gedaan met wedden. Voordat ik besloten had om van vertellen mijn beroep te maken, kan ik nu dingen zien die in mijn jeugd gebeurd zijn die mijn ogen geopend hebben over bepaalde aspecten van verhalen.
In 1986 begreep ik dat een verhaal een thema heeft. Dat was het jaar waarin ze "Lawrence of Arabia" herstelden en opnieuw uitbrachten. Ik zag die film 7 keer in één maand. Ik kon er niet genoeg van krijgen. Ik kon zien dat er groots design achter zat -- in elk shot, elke scène, elke lijn. Maar aan de oppervlakte leek het zijn historische afstamming te verbeelden bij wat er gebeurde. Er werd nog iets gezegd. Maar wat was het? Het was pas bij één van mijn latere keren dat de sluier werd opgelicht. Het was in een scène waar hij door de Sinai-woestijn liep en hij het Suez-kanaal bereikte, en ik het opeens begreep.
(Video) Jongen: Hey! Hey! Hey! Fietser: Wie ben je? Wie ben je?
AS: Dat was het thema: wie ben je? Hier had je al die schijnbaar verscheiden gebeurtenissen en dialogen die chronologisch zijn verhaal vertelden, maar eronder was het een constante, een richtlijn, een wegenkaart. Alles wat Lawrence in die film deed, was uitzoeken waar zijn plaats in deze wereld was. Er loopt altijd een sterk thema door een goed verteld verhaal.
Toen ik 5 was, werd ik voorgesteld aan mogelijk het belangrijkste ingrediënt dat een verhaal naar mijn mening moet hebben, maar dat zelden gebruikt wordt. Dit is waar mijn moeder me naartoe bracht toen ik 5 was.
(Video) Stampertje: Komaan. Het is oké. Kijk. Het water is hard. Bambi: Joepie! Stampertje: Leuk hé, Bambi? Komaan. Sta recht. Zo. Haha. Nee, nee, nee.
AS: Ik ging naar buiten, mijn ogen wijd open van verwondering. Het magische ingrediënt, naar mijn mening, de geheime saus, is dat je verwondering kan gebruiken. Verwondering is eerlijk en onschuldig. Het kan niet artificieel worden opgeroepen. Voor mij is er geen beter vermogen dat de gave van een ander menselijk wezen dat je dat gevoel geeft -- om hen vast te houden voor een kort moment van hun dag, zodat ze zich aan verwondering overgeven. Wanneer het aangeboord wordt, de bevestiging van het in leven zijn, bereikt het je op een bijna cellulair niveau. Wanneer een artiest dit bij een andere artiest doet, lijkt het alsof je gedwongen wordt om het door te geven. Het is als een sluimerend bevel dat plots in je geactiveerd wordt, zoals een oproep aan de Duivelstoren. Doe aan anderen wat aan jou gedaan is. De beste verhalen wekken verwondering op.
Toen ik 4 jaar oud was, had ik een levendige herinnering aan het vinden van 2 littekens van speldenprikken op mijn enkel. Ik vroeg aan mijn vader wat ze waren. Hij zei dat ze overeenkwamen met het paar op mijn hoofd, maar dat ik die niet kon zien door mijn haar. Hij legde uit dat ik te vroeg geboren was, dat ik er veel te vroeg uitgekomen was, en dat ik niet volledig af was; ik was heel, heel ziek. Toen de dokter dit gele kind met zwarte tanden bekeek, keek hij strak naar mijn moeder en zei: "Hij zal het niet overleven." Ik verbleef maandenlang in het ziekenhuis. Vele bloedtransfusies later overleefde ik het en dat maakte mij speciaal.
Ik weet niet of ik dit echt geloof. Ik weet niet of mijn ouders dit echt geloven, maar ik wilde hen geen ongelijk geven. Waar ik ook goed in zou zijn, ik zou ernaar streven om die tweede kans waard te zijn.
(Video) (Wenend) Marlin: Toe maar. Het is oké, papa is hier. Papa heeft je vast. Ik beloof je dat ik je niets zal laten gebeuren, Nemo.
AS: En dat is de eerste les over verhalen die ik ooit geleerd heb. Gebruik wat je weet. Put eruit. Het betekent niet altijd een plot of een feit. Het betekent de waarheid vatten van je ervaring, de waarden uitdrukken die je zelf voelt, diep in je hart. Dat is wat uiteindelijk tot deze lezing leidde hier op TED vandaag.
You can share this video by copying this HTML to your clipboard and pasting into your blog or web page. This video will play with subtitles.
You either have JavaScript turned off or have an old version of the Adobe Flash Player. To view this rating widget you
need to get the latest Flash player.
If your browser allows only "trusted sites" to execute Javascript, you should add the "googleapis.com" domain to your whitelist to allow our Flash detection to work properly.
Got an idea, question, or debate inspired by this talk? Start a TED Conversation, or join one of these:
De filmmaker Andrew Stanton ("Toy Story," "WALL-E") vertelt wat hij weet over vertellen -- hij begint bij het einde en gaat terug naar het begin. (Bevat schuttingtaal ...)
Andrew Stanton has made you laugh and cry. The writer behind the three "Toy Story" movies and the writer/director of "WALL-E," he releases his new film, "John Carter," in March. Full bio »
Translated into Dutch by Wouter Valvekens
Reviewed by Els De Keyser
Comments? Please email the translators above.
18:02 Posted: Jan 2008
Views 1,476,151 | Comments 190
17:08 Posted: Mar 2010
Views 906,592 | Comments 185
21:14 Posted: Mar 2010
Views 333,774 | Comments 60
Just follow the guidelines outlined under our Creative Commons license.
This comment will be attributed to . Not ? Sign Out.